advertentie

 

Wonen in de Esdoornflat: ‘Het kon erger’

Het studiejaar is officieel begonnen, maar veel nieuwe studenten wonen nog in een tijdelijke kamer. De UKrant ging langs bij de Esdoornflat, een van de grootste noodaccommodaties, om te kijken hoe het daar is.
Door Edward Szekeres / Vertaling Sarah van Steenderen

Het is vies warm op donderdagmiddag. Onder de hete zon staan de fietsen voor de Esdoornflat in hun rekken te bakken. Alle honderdtwintig noodkamers in het grote appartementengebouw zijn vol. Hoopvolle studenten wordt de deur gewezen. Teleurgesteld gaan ze op zoek naar iets anders.

Binnen in het gebouw zijn de gangen leeg. Sandra Gils voetstappen galmen door het trappenhuis als ze naar haar kamer op de eerste verdieping loopt. ‘Het is hier nog verbazingwekkend stil’, zegt de Spaanse psychologiestudente, die op uitwisseling naar de RUG is gekomen. ‘Ik heb nog steeds niemand gezien.’

Shock

De meeste tijdelijke bewoners hebben zich in deze hitte naar buiten begeven om te zoeken naar een permanent onderkomen. De kamers in de Esdoornflat zijn beschikbaar tot uiterlijk 9 oktober. Daarna wordt het hele gebouw van binnen verbouwd. Is het moeilijk wennen aan je nieuwe leven als je weet dat je binnenkort weer moet verhuizen?                 

‘Ik ben nog steeds een beetje in shock’, zegt Sandra. Voordat ze van de noodplannen hoorde verbleef ze in een Airbnb-appartement met haar ouders. Ze wist dat het moeilijk zou zijn, maar had geen idee dat het ‘zo erg’ was.

De universiteit begon aankomende studenten maanden voor hun komst te mailen over huisvesting. Toch hadden veel studenten nog moeite een kamer te vinden via At Home in Groningen, de website die de universiteit hiervoor gebruikte. ‘Ik werd voortdurend afgewezen, dus uiteindelijk moest ik wel naar een hotel. En nu zit ik hier’, zegt Shika Angelique (23), studente chemische techniek uit Ghana. Zij besloot haar master aan de RUG te doen in plaats van in de Verenigde Staten en was hoopvol dat ze hier wel een goed onderkomen zou vinden.

Maar toen ze de Esdoornflat zag, zakte de moed haar in de schoenen. ‘Van buiten wist ik niet helemaal wat ik ervan moest denken. Het was een beetje rommelig en de kamers waren wel heel minimalistisch.’

De studenten hebben een eigen kamer met een paar meubels, en ze delen een keuken, drie douches en drie wc’s met veertien andere huurders. ‘De oven is te vies om te gebruiken en niemand heeft een kledingkast of spiegel op z’n kamer. Maar er is een spiegel in de lift, dus doe ik m’n make-up daar’, zegt Shika lachend.

Het kon erger

‘Toen ik het gebouw voor het eerst zag, dacht ik echt “Sodeju”‘, zegt Duitse student Johannes Rissler (28). ‘De keuken en de badkamers waren smerig en de koelkast stonk enorm.’ Rissler maakte zelf de gezamenlijke keuken schoon. ‘Maar er wonen tenminste wel allemaal aardige mensen. Het kon erger.’

English

02 September 2019 | 2-9-2019, 21:34
advertentie