Waarom zit Zoom nog in het verdomhoekje?

Opinie: Waarom zit Zoom nog in het verdomhoekje?

De RUG biedt drie programma’s/platforms aan om online college te geven. Maar die voldoen niet, betoogt hoogleraar rechtsfilosofie Pauline Westerman. Zoom doet het beter, stelt ze. Maar waarom zit dat nog steeds in het verdomhoekje? (en nee, ze heeft geen aandelen)
Door Pauline Westerman
19 oktober om 12:51 uur.
Laatst gewijzigd op 22 november 2020
om 16:22 uur.
oktober 19 at 12:51 PM.
Last modified on november 22, 2020
at 16:22 PM.

Afgelopen week bereikte ons een brief van de RUG waarin ons werd verteld welke platforms en programma’s we mogen gebruiken bij het thuiswerken in het algemeen en het online lesgeven in het bijzonder. Nu het coronavirus het nog wel enige tijd onmogelijk zal maken om fysiek les te geven, heb ik die brief met bijzondere belangstelling gelezen.

Bij nadere beschouwing blijkt de toolbox beperkt te zijn. Belangrijkste platform is nog steeds Blackboard Collaborate. Er kan veel met dat programma: men kan kleine groepjes maken en filmpjes opnemen en afspelen en wat niet al. Maar het achterliggende didactische concept van dat programma lijkt toch wat achterhaald.

Alle features lijken ingegeven te zijn door de vraag: hoe kan de docent zijn boodschap het beste zenden? Onderbelicht blijft daarbij dat het minstens zo belangrijk is te weten hoe studenten op je boodschap reageren. De docent kan alleen afgaan op enkele getypte (chat)vragen.

Verder zie je hooguit vier studenten en meer niet. Maar daar draait het nu juist om bij lesgeven. Een beetje docent wil zien of het kwartje valt en of men het begrijpt. Daar kun je op inspelen; nee, daar MOET je op inspelen. Anders kun je beter een filmpje afdraaien. En dat is hooguit een aanvullend hulpmiddel. Dat is niet lesgeven.

Het tweede programma dat men in de aanbieding heeft, is Google Meet. Wel geschikt om elkaar te zien en dat is voor de docent die met kleine groepen werkt al een hele opluchting. Audio en video laten echter te wensen over en het is niet mogelijk om mensen in groepjes in te delen. Wie zijn lessen wil verlevendigen door de studenten met elkaar te laten praten en opdrachten te laten uitvoeren, kan niet met dit programma aan de gang.

Ten slotte hebben we BlueJeans. Toegang moet speciaal aangevraagd worden. Het leek me in eerste instantie een goed alternatief. Hierbij kun je studenten zien en in groepjes opdelen. Maar de capaciteit is beperkt en bij veel deelnemers (en dat is alles boven de vijftien) vervagen de gezichten.

En dit is het dan wel. Het bekende programma dat met de laatste letter van het alfabet begint (nee, ik heb geen aandelen), ontbreekt. Maar het is het enige programma dat je in staat stelt nog een beetje les te geven.

Mijn ervaring aan de universiteit van Stockholm leert me dat je daarmee 250 gezichten kan zien (vijf schermen vol), dat er groepjes gevormd kunnen worden, dat je een whiteboard kan gebruiken en dat je makkelijk kan zien wie het woord wil nemen.

De studenten kunnen naast chatten ook terugpraten. En hoe meer ze daar de kans toekrijgen, hoe eerder ze de camera aanzetten. Zelfs als er twee mensen tegelijk praten, kun je ze nog verstaan. Het enige nadeel is dat je ook hier maar vijf gezichten ziet als je een PowerPoint presenteert.

Een beetje docent wil zien of het kwartje valt en of men het begrijpt

Nu waren er zoals bekend privacyproblemen met dit platform. Het is dan ook lovenswaardig dat de RUG deze serieus neemt. Privacy is een groot goed. Er worden drie bezwaren genoemd in de brief over ‘Thuiswerken en AVG’ die ons de afgelopen week bereikte.

  1. Zoom installeert software op pc’s van eindgebruikers, die de apparaten kwetsbaar maakt voor hacks
  2. Zoom gebruikt data van eindgebruikers voor eigen, commerciële, doelen
  3. Zoomvergaderingen zijn eenvoudig toegankelijk voor onbevoegden.

Dat zijn allemaal nadelen, maar die gelden niet in mindere mate voor de andere programma’s.

Het eerste doet BlueJeans ook. Wat betreft het tweede punt: ik zou mijn hoofd er niet onder durven te verwedden dat Google dergelijke commerciële doelen niet zou hebben. Wat dat betreft ware het beter geweest als de RUG helemaal niet met Google in zee zou zijn gegaan, maar dit terzijde.

Het derde nadeel lijkt inmiddels grotendeels achterhaald. De ongewenste indringers uit de begintijd in maart werden vooral uitgenodigd omdat men links openbaar maakte of de meeting code via fotootjes van de meeting in beeld bracht. Nu brengt Zoom de meeting code niet meer in beeld en is een wachtwoord vereist. Tenslotte is Zoom deze week begonnen de boodschappen te versleutelen (de zogeheten end-to-end encryption), iets wat de ons aangeraden platforms niet doen.

Ik ben gelukkig rechtsfilosoof en geen expert, dus ik ben blij dat er goed naar gekeken wordt en er gewacht wordt op een data protection impact assessment. Maar mijn dringende vraag is: Hoe lang gaat die nog duren? We hebben haast!

We kunnen de studenten dan wel niet in het echt zien, maar zouden wel dolgraag hun gezichten willen zien als we wat uitleggen. Ook voor de student zou het toch een uitkomst zijn als ze iets terug mogen zeggen, mondeling een vraag kunnen stellen en kunnen discussiëren met de docent en elkaar?

Als Zoom onveilig blijkt, probeer dan toch tenminste een volwaardig alternatief te vinden dat het mogelijk maakt om de komende maanden behoorlijk onderwijs te geven.

Sterker: als we goede faciliteiten hebben, hoeven we helemaal geen extra uitlegfilmpjes te maken en webinars te organiseren. Je doet gewoon hetzelfde als wat je altijd al deed. Letten op gezichten, opletten of studenten wat willen vragen, mensen het woord geven en daar dan op reageren.

Of is Zoom soms te duur voor de RUG? Ik geloof dat ik in dat geval maar naar Stockholm verhuis.

Pauline Westerman is hoogleraar rechtsfilosofie

English