Van koepel naar hoepel

Foto Reyer Boxem

Van koepel naar hoepel

Die anderhalve meter voelt als een enorme afstand, vindt studentcolumnist Bente van Leeuwen. ‘Het is een soort koepel. Een kooi waar niemand in mag komen.’
Door Bente van Leeuwen
31 maart om 11:36 uur.
Laatst gewijzigd op 22 november 2020
om 16:19 uur.
maart 31 at 11:36 AM.
Last modified on november 22, 2020
at 16:19 PM.

Een van de vervelendste dingen tot nu toe vind ik hoe ver die anderhalf meter voelt. Hoe individualiserend het werkt. Het is direct ik tegen de rest, wij tegen zij. Door het simpele toeval dat iemand dichtbij je staat, is iemand opeens een potentiële vijand.

Ik zat te wachten op een leeg bankje voor de Jumbo. Een groot bankje, zo’n zes meter lang. De bank was leeg en ik zat in het midden. Zat ruimte aan beide kanten.

Een wat verwarde, oudere vrouw komt naast me zitten. Op een halve meter afstand. Onbewust en direct schuif ik een meter op. Ze biedt haar excuses aan, ik zeg dat het niet uitmaakt, zij zegt van juist wel. Ik weet dat ik gelijk heb, maar toch voel ik me schuldig. Want wat een kille handeling, om zo abrupt een meter van iemand weg te schuiven.

Mijn ouders zitten veilig in quarantaine in hun woonboerderij ver weg van de wereld. Ze willen terecht niet dat ik langskom zonder mezelf eerst in isolement te zetten voor een aantal dagen.

Ik stelde voor om toch even te komen, maar dan een wandeling te maken. Met anderhalf meter ertussen. Maar terwijl ik het voorstelde, wist ik al dat het een stom idee was. M’n moeder wist het ook. Niks zou verder weg voelen dan die laatste afstand niet te mogen overbruggen.

Niks zou verder weg voelen dan die laatste afstand niet te mogen overbruggen

Op dit moment ervaren we die anderhalf meter als een soort koepel. Een kooi waar niemand in mag komen. Mijn voorstel is om er een beetje mee te spelen. Laten we van die koepel een hoepel te maken. Weet je nog, hoe je als kind hard met je heupen wiegde om dat ding hoog te houden?

Dat kunnen we nu weer doen. Nu met een denkbeeldige hoepel, die op de grond valt als ‘ie verstrikt raakt in andermans draaicirkel.

Op sommige plekken gebeurt dit al, dit spelen. Waar in supermarkten grote rode lijnen staan, heeft de spelletjeswinkel De Purperen Draak een dambord van de vloer gemaakt. Iedere klant moet minstens één vakje van elkaar verwijderd staan.

Laten we daar een voorbeeld aan nemen, laten we spelen met onze hoepels. Laten we in plaats van elkaars blik te ontwijken terwijl we met onze ogen anderhalf meter uittellen, elkaar toelachen terwijl we onhandig onze hoepel proberen hoog te houden.

Op die manier voelt de afstand misschien wat minder ver en kan ze ons zelfs verbinden. Want die anderhalf meter, die geldt voor ons allemaal samen.