Surrogaat

Foto Reyer Boxem

Surrogaat

Columnist Gerrit Breeuwsma vreest dat hij ook de rest van het academisch jaar online colleges moet geven. En daar wordt hij niet blij van. ‘Het voelt soms nu al als een verloren jaar.’
Door Gerrit Breeuwsma
14 oktober om 9:09 uur.
Laatst gewijzigd op 22 november 2020
om 16:21 uur.
oktober 14 at 9:09 AM.
Last modified on november 22, 2020
at 16:21 PM.

Aan het begin van dit studiejaar hoopte ik nog dat we vóór kerst over konden gaan op het reguliere – fysieke – onderwijs. De afgelopen week vond ik echter het rooster voor na de jaarwisseling in mijn mailbox, met de mededeling dat de colleges ook dan online gegeven moeten worden. Inmiddels is het realistisch om er vanuit te gaan dat dit hele studiejaar zich online zal voltrekken.

Het is natuurlijk mooi dat we in tijden van corona gebruik kunnen maken van online faciliteiten, maar met zo’n acht maanden ervaring is inmiddels ook de keerzijde duidelijk geworden: weinig en gebrekkige interactie tussen docenten en studenten, maar ook weinig interactie tussen studenten onderling.

‘Hierdoor doen leerlingen nu minder kennis en ontwikkeling op, terwijl de inspanningen van docenten juist zijn toegenomen’, aldus een recent opiniestuk in de NRC. Anderen wezen al op een toename van stress en afname van motivatie onder studenten en de auteurs spreken dan ook alarmerend van een ‘verloren generatie’.

Uit een recent gesprek met de leden van ons CvB wordt duidelijk dat zij zich inzetten voor de versterking van ICT-voorzieningen die de overgang van fysiek naar online onderwijs mogelijk maken. Hoewel dat een andere mindset vergt, spreken ze hun vertrouwen uit in de ‘creativiteit en veerkracht van onze universiteit’.

Ondertussen houdt het eerlijk gezegd met mijn veerkracht niet altijd over. We zijn nog niet eens halverwege, toch voelt het nu soms al als een verloren jaar.

Onwillekeurig moest ik denken aan het Harlow-experiment, een beroemd onderzoek naar sociale deprivatie.

Om de ontwikkeling van apen te kunnen bestuderen, scheidde de Amerikaanse psycholoog Harry Harlow jonge aapjes enkele uren na de geboorte van hun moeder. Hij isoleerde hen in een kooi, waarin ze werden ‘grootgebracht’ door surrogaatmoeders.

Een was van ijzerdraad gemaakt en met een melkflesje uitgerust waaruit de aapjes naar believen konden drinken. Een tweede nepmoeder was omkleed met een lap stof en leek iets meer op een echte moeder, maar beschikte niet over een melkflesje.

Aanvankelijk verwachtte Harlow dat de aapjes de voorkeur zouden geven aan de ijzeren surrogaatmoeder. Die voorzag immers in de eerste levensbehoefte: voedsel. Wat hij zag was echter dat de meeste aapjes lichamelijk contact, troost en bescherming zochten bij de stofmoeder. Ze klampten zich aan haar vast en verlieten haar alleen om te eten.

We zijn nog niet eens halverwege, toch voelt het nu soms al als een verloren jaar

Als Harlow beide surrogaatmoeders dicht naast elkaar plaatste, bleven de aapjes de stofconstructie vasthouden terwijl ze bij de ijzerdraadmoeder dronken. Harlow concludeerde dat aanraking voor de sociale ontwikkeling van aapjes belangrijker was dan voedsel.

Alle lof voor de moeder van stof, zou je zeggen. Later onderzoek liet echter zien dat alle apen in sociaal en emotioneel opzicht ernstig gestoord waren. Eenmaal uit hun isolement gehaald, bleken ze sociaal niet in staat zich te handhaven tussen leeftijdgenoten. De stofmoeder socialiseerde de aapjes niet adequaat.

In mijn college over dit onderzoek wijs ik altijd nadrukkelijk op deze negatieve langetermijneffecten. Uit tentamenantwoorden blijkt steevast dat de meeste studenten wel onthouden dat de aapjes een sterke voorkeur hebben voor de stofmoeder boven de ijzerdraadmoeder, maar lijken ze totaal over het hoofd te zien dat alle aapjes het sociaal slechter doen.

Kennelijk hebben studenten veel vertrouwen in iets dat een beetje op echt lijkt, maar niettemin surrogaat is.

Nu maar hopen dat het CvB die fout niet maakt en naast de motivatie om goed online onderwijs te geven, ook oog heeft voor de bijwerkingen van dit type onderwijs: sociale deprivatie en dientengevolge motivatiegebrek, stress en psychische problemen.

Op mijn leeftijd roep je niet meer om je moeder, dus ik zit thuis met een lap stof om mijn laptop.

Surrogaat. Ik weet het.