Studenten verjagen aardappelparasiet

Aardappelcysteaaltjes leveren boeren enorme schade op. Foto: Florida Department of Agriculture and Consumer Services, CC BY 3.0

Studenten verjagen aardappelparasiet

Voor Kim van Maldegem en Jelle Molenkamp geen relaxte zomervakantie: zij gaan voor de internationale studentencompetitie iGEM de strijd aan met het aardappelcysteaaltje.
Door Marjanne van der Bijl
15 juni om 15:29 uur.
Laatst gewijzigd op 15 juni 2020
om 20:04 uur.
juni 15 at 15:29 PM.
Last modified on juni 15, 2020
at 20:04 PM.

Heb je net een veld vol aardappelen gepoot, knagen hongerige kleine wormpjes de wortels van de planten stuk en kun je je oogst wel vergeten. Daar word je als boer niet blij van: aardappelmoeheid zorgt alleen al in Europa jaarlijks voor een verliespost van 460 miljoen euro. 

Tot overmaat van ramp zijn de wormpjes, aardappelcysteaaltjes, ook nog eens moeilijk te bestrijden. In hun cystes – een soort blaasjes – kunnen ze wel twintig jaar in de grond overleven. Om ze te doden moet je het hele land onder water laten lopen of chemicaliën gebruiken.     

Maar als het aan student moleculaire biologie Kim van Maldegem en student moleculaire neurowetenschappen Jelle Molenkamp ligt, is er straks een betere manier om de parasitaire beestjes te bestrijden. 

Biologische machines

Samen met tien andere RUG-studenten werken ze al sinds februari aan het project, waarmee ze meedoen aan de internationale, jaarlijkse wedstrijd iGEM die eind oktober in Boston plaatsvindt. Multidisciplinaire studententeams van over de hele wereld bouwen daarvoor met behulp van de nieuwste technieken een biologische machine waarmee een maatschappelijk probleem opgelost wordt. 

Het team dat de RUG dit jaar afvaardigt heeft een milieuvriendelijk plan om aardappelplanten te beschermen. ‘Die aaltjes bewegen nu richting de plant, maar wij gaan proberen om ze juist de andere kant op te laten gaan’, vertelt Jelle. 

Hoe ze dat  gaan doen? ‘Door een bacterie die normaal voorkomt in de buurt van zo’n plant zó aan te passen dat die een bepaalde neuropeptide gaat uitscheiden.’ Een neuropeptide is een molecuul dat als signaal werkt voor de hersenen. In dit geval vertelt het dus aan de aaltjes dat ze weg moeten gaan. En omdat het stofje heel specifiek is voor het aardappelcysteaaltje, heeft het naar verwachting geen impact op de biodiversiteit.

Praktijk

Probleempje: ze hebben hun ideeën nog niet in de praktijk kunnen testen, omdat studenten vanwege de coronacrisis nog niet in de labs van de universiteit aan de slag mogen. 

‘Dat was best wel een bummer’, verzucht Jelle. ‘Wij zitten in een team met heel veel labervaring. Dat was onze sterkste kant en daar wilden we ook echt op inzetten, want je kunt daar veel resultaten en punten mee behalen in de competitie. Dus toen we bericht kregen dat het niet doorging, was dat wel een dieptepuntje.’ 

Maar het team liet zich niet ontmoedigen, zegt Kim. ‘Er is zo’n Gronings gezegde: kop d’r veur! We hebben het omgedraaid naar iets heel positiefs.’ De studenten besloten hun focus te verplaatsen van het lab naar digitale modellen. Wel gaan ze de experimenten die in het lab hadden willen doen nog uitwerken.

Imago

En ze hebben een extra project opgepakt: een massive open online course voor leken, die moet helpen om het imago van genetisch modificeren te verbeteren. Het lesprogramma komt in september online. 

‘Veel mensen vinden genetisch modificeren eng’, legt Kim uit. ‘Maar zolang je je aan bepaalde ethische voorwaarden houdt, is het heel nuttig. Het kan heel veel moois opleveren.’

Het iGEM-team zamelt geld in voor hun project door middel van crowdfunding. Meer informatie? Mail igemgroningen2020@gmail.com

English