‘Fysiek onderwijs blijft, maar kan beter’

RUG: Fysiek onderwijs blijft, maar kan beter

De discussie rond de online universiteit laaide vorige week hoog op. Maar het RUG-bestuur doelde nooit op het afschaffen van fysiek onderwijs. Het wilde al voor de coronacrisis naar een hybride vorm van onderwijs.
Door Giulia Fabrizi en Rob Siebelink
24 juni om 10:53 uur.
Laatst gewijzigd op 25 juni 2020
om 8:30 uur.
juni 24 at 10:53 AM.
Last modified on juni 25, 2020
at 8:30 AM.

Vragen voor het RUG-bestuur?

Rector Cisca Wijmenga, collegevoorzitter Jouke de Vries en bestuurslid Hans Biemans beantwoorden tijdens de coronacrisis vragen van de academische gemeenschap.

Heb je een vraag voor het college van bestuur? Mail die naar uk@rug.nl

Het omarmen van online onderwijs door jullie maakte de laatste weken nogal wat emoties los. Studentenpartij Lijst Calimero die zegt dat de universiteit geen YouTube-kanaal is, Casper Albers stelde in zijn column in UKrant dat online onderwijs het einde van de universiteit betekent. Gerrit Breeuwsma schreef in zijn column dat het cvb zich het vuur uit de sloffen moet lopen om fysiek onderwijs mogelijk te maken.

Jouke de Vries: ‘Hoeveel fysiek onderwijs mogelijk is, blijft ervan afhankelijk of de coronabesmettingen toenemen. Maar wat we eigenlijk hebben bedoeld, is dat de digitale revolutie die door corona op gang is gekomen ook zorgt voor ontwikkelingen die we in onze normale praktijk mee kunnen nemen. Ontwikkelingen die we in willen zetten om ons als universiteit te verbreden.’

Cisca Wijmenga: ‘Ik kan me ook niet anders herinneren dan dat we altijd hebben uitgedragen dat we een hybride model voorstaan. De lijn is om het beste van de twee werelden bij elkaar te brengen.

Daarbij moet het fysieke onderwijs ook een kwaliteitsslag maken. Hoorcolleges waar een docent alleen maar informatie zendt, zijn toe aan verandering. Bijvoorbeeld door de voorbereiding thuis op een digitale manier te doen en fysiek veel meer te concentreren op communityvorming en elkaar inspireren.’

Het idee om de fysieke colleges te verbeteren, al dan niet met behulp van digitalisering, was ook al onderwerp van gesprek voor de coronacrisis uitbrak.

Cisca Wijmenga: ‘Ja, dat klopt. Dat je digitalisering invoert, betekent niet dat je een universiteit wordt die alleen maar online lesgeeft. De ontwikkelingen van de afgelopen maanden kunnen we wel inzetten. Het is een middel dat helpt om zaken anders in te richten. Daar dachten we voor de coronacrisis al over na, maar dit versnelt het proces.’

Hans Biemans: ‘Het is duidelijk dat corona deze discussie verscherpt. Wat ik vooral hoop is dat de discussie mensen activeert die er ideeën bij hebben. Mensen die inzichten hebben over hoe het fysieke onderwijs beter kan, of juist het online onderwijs. Columns zijn een mooie manier om de eerste gedachtes te delen, maar ik hoop vooral dat het meer mensen aanzet om te delen wat zij zien. Daar kunnen wij namelijk van leren.’

Het ISO stelde vorige week dat er door de coronacrisis 54.000 studenten meer zijn met een studieachterstand dan andere jaren. Onderwijsminister Ingrid van Engelshoven zei daarop dat universiteiten – om die achterstanden in te lopen – de komende tijd in de avonduren en in de weekends colleges moeten geven…

Jouke de Vries: ‘Dat de minister dit zou hebben gezegd is gebaseerd op een artikel van ScienceGuide. Achteraf bleek de minister het niet zo gezegd te hebben. Het was dus meer ophef dan dat er inhoudelijk iets aan de hand was. Ik denk dat de minister bedoelde: er moet wat gebeuren om de achterstanden in te halen en als dat wellicht ook een avond- of weekendsituatie betekent, dan laat ik dat aan de universiteiten.’

En wat doet de RUG dan?

Jouke de Vries: ‘De werkdruk is al zo hoog dat we dat liever niet zien. Maar als het nodig is en mensen willen dat op vrijwillige basis doen, dan zou dat kunnen. Maar het betekent nogal wat, want het gaat niet alleen over een paar onderzoekers of docenten. Het betekent ook dat ondersteunend personeel aanwezig moet zijn. Dat lijkt ons niet verstandig, want de mensen hebben de afgelopen tijd al heel hard gewerkt.’

Cisca Wijmenga: ‘We moeten nu niet het signaal afgeven dat er nog meer van mensen verwacht wordt. Er moet bovendien ook nog veel worden geregeld voor het nieuwe jaar in september begint, ook dat vraagt nog veel van iedereen. Ik vind niet dat we nu uit moeten stralen dat mensen nog meer zouden moeten doen dan ze al te doen hebben.’

Het blijft nog onzeker hoeveel studenten de RUG volgend studiejaar daadwerkelijk kan verwelkomen. De Universiteit Maastricht heeft bedacht om alle studenten, eerstejaars maar ook ouderejaars, een enquête te sturen met de centrale vraag: Kom jij fysiek naar de uni, of blijf je thuis? 

Hans Biemans: ‘Ja, dat zouden we wel kunnen doen, maar veel studenten weten het op dit moment zelf nog niet. Het is een relevante vraag, maar voor bijvoorbeeld internationale studenten is er nog veel onzeker als het gaat om reizen.’

Cisca Wijmenga: ‘Bovendien moet je voor de ouderejaars studenten die nu niet terugkomen naar Groningen alsnog onderwijs aanbieden. We hebben immers gegarandeerd dat er hoe dan ook online onderwijs zal zijn. Het is wellicht interessant om te weten hoeveel mensen je fysiek kunt verwachten, maar het online deel houd je hoe dan ook. Voor docenten is het daarom beter om vooral te zorgen dat ze een goed online college voorbereiden.’

English