Wetenschap
Foto Reyer Boxem

Ecoloog: laat ze met rust

Wolven zijn de beste boswachters

De wolf is terug in Nederland en dat gaan we merken, zegt ecoloog Annelies van Ginkel. Want het roofdier beïnvloedt het gedrag van allerlei andere dieren, met onverwachte effecten op de natuur.


René Hoogschagen

Door René Hoogschagen

4 februari om 11:50 uur.
Laatst gewijzigd op 6 februari 2020
om 11:46 uur.
René Hoogschagen

By René Hoogschagen

februari 4 at 11:50 AM.
Last modified on februari 6, 2020
at 11:46 AM.
René Hoogschagen

René Hoogschagen

Freelancejournalist
Volledig bio
Freelance journalist
Full bio

Zondagochtend. Kraanvogels vliegen luid roepend over. Annelies van Ginkel staat ‘aan’, zoals altijd in dit enorme bos in Polen. Ze geniet, kijkt naar links en ziet er ineens drie. Drie wolven! Tegelijk!

‘Ja, geweldig, ik was helemaal aan het stuiteren!’ zegt de ecoloog. Gevaar? Nee, dat voelde ze totaal niet. ‘Ik zat vol adrenaline; ik wilde meteen aan iedereen vertellen dat ik wolven had gezien.’

Ze had in ieder geval geen aandrang om de dieren achterna te gaan voor een foto. Wolven moet je met rust laten, weet ze. Net als bomen. Dat is ook waar haar proefschrift over gaat: Wolves, tree logs and tree regeneration. Vrij vertaald: Wolven, omgevallen bomen en aanwas van bomen. Vrijdag verdedigt ze haar werk. 

Jonge bomen

Van Ginkel deed onderzoek in het Białowieża-bos, op de grens met Wit-Rusland. Daar was ze elk jaar van april tot juli en in november. Door het gedrag van edelherten te bestuderen, ging ze na welke invloed wolven hebben op de aanwas van nieuwe bomen. Want edelherten eten de bladeren van jonge bomen, maar zij worden op hun beurt weer opgegeten door wolven.

Ze plantte eikels en andere zaailingen op verschillende plekken in het immense bos. Sommige stonden ergens waar de edelherten ze rustig konden opvreten. Andere zette ze naast een soort bakken van één meter hoog, waardoor de herten niet goed konden zien of er misschien een wolf achter lag te loeren.

We moeten bomen weer de tijd gunnen om oud te worden

En wat bleek: op de plekken waar edelherten de wolven niet konden zien aankomen, gunden ze zich weinig tijd om de jonge esdoorn-, linde- en haagbeukblaadjes op te eten waar ze zo dol op zijn. Op deze beschutte plekken konden de boompjes daardoor rustig doorgroeien tot ze hoog genoeg waren om boven de edelherten uit te torenen.

De wolf is dus indirect van invloed op de bomenvariatie in het bos. Maar alleen onder de juiste omstandigheden: er moeten genoeg zaden, voedingsstoffen, water en dikke omgevallen bomen zijn. Dunne boompjes rotten te snel weg; het moeten bomen zijn van minstens een meter doorsnee. ‘We moeten bomen dus weer de tijd gunnen om oud te worden’, zegt Van Ginkel. En als ze omdonderen: lekker laten liggen. 

Nederland

Een jaar nadat Van Ginkel in Polen begon met haar onderzoek, werd in Nederland officieel de eerste wolf gespot. Wolvenliefhebbers juichten: dat zou de natuur goed doen, zeiden ze. Dat klopt, beaamt Van Ginkel, ‘maar we moeten ook geen wonderen verwachten’. 

Ze haalt een filmpje aan over Yellowstone National Park in de VS. ‘Daarin wordt gepredikt dat door de terugkeer van de wolf de loop van een rivier in het gebied is veranderd.’ De wilgen langs de oever zouden er beter groeien, doordat de herten er niet meer kwamen uit angst voor de wolf.

‘Het is een fantastisch filmpje,’ zegt ze, ‘maar wat het niet laat zien is dat het in de periode dat de wolf weg was, ook heel droog was daar.’ En wilgen hebben veel water nodig. ‘Dus het is veel genuanceerder. We moeten niet denken dat het hele Nederlandse landschap gaat veranderen door de wolf.’

Aaseters

Dat gezegd hebbende: de wolf gaat hier wel degelijk effect hebben, voorspelt ze. ‘Alleen al omdat we met de wolf een predator terug hebben in het systeem.’ 

Dat is goed nieuws voor aaseters, want aan de wolf hebben aaseters meer dan aan de jagende mens die geschoten wild vaak mee naar huis neemt. ‘En van jagers leren prooidieren niets’, zegt Van Ginkel. ‘Die schieten honderd procent raak en dat schot komt uit het niets; er zijn geen signalen vooraf. Het succes van de wolf is tien tot vijftig procent. Dus in sowieso de helft van de gevallen ontsnapt het prooidier. Daar kunnen ze van leren.’

Als je een wolf tegenkomt, geniet dan en doe verder niets

Daarnaast verandert de wolf het gedrag van allerlei dieren, zegt ze. Niet alleen dat van edelherten, maar ook van kleinere roofdieren die de wolf als prooi ziet, zoals vossen en marters. En daarmee verandert ook weer van alles in de natuur.

Dan moet de mens het dier wel met rust laten, waarschuwt de onderzoekster. Waar ze vooral bang voor is: dat mensen op zoek gaan naar wolven. ‘Je moet de wolf in zijn waarde laten. Mocht je hem bij toeval een keer tegenkomen, juich en geniet dan en doe verder niets. Ga niet actief op zoek.’

Wolven voeren is al helemaal uit den boze. ‘Als de wolf de mens met eten gaat associëren, wordt hij een gevaar voor zichzelf’, zegt Van Ginkel. Een wolf die denkt dat er bij mensen eten te halen valt, loopt immers grote kans te worden afgeschoten. 

Ongeluk

Voor Van Ginkel zelf waren de wolven niet het grootste gevaar in Polen. Haar onderzoek kwam bijna niet af door een fietsongeluk. Eerst leek het wel mee te vallen, al had ze wel hoofdpijn. ‘Ik dacht: waarschijnlijk heb ik een hersenschudding. Maar ik ben niet van het opgeven. Ik had ook nog maar vier maanden de tijd en ik moest nog heel veel doen, dus ik kon niet ziek zijn.’ 

Ze werkte nog een maand door op paracetamol en ibuprofen, tot haar collega’s haar ziek meldden en haar zus haar kwam ophalen. Eenmaal terug in Nederland stortte ze in, fysiek en mentaal. 

Dan denk je: is zo’n PhD dit harde werken wel waard?

‘Ik kon niet meer tegen licht, ik kon niet meer tegen geluid, ik kon niet meer sociaal zijn, ik kon niet meer sporten, ik kon alleen maar zitten’, vertelt ze. Daarbovenop kwam het nieuws dat haar vader kanker had. 

‘Dan denk je wel, is zo’n PhD dit wel waard, zo hard werken? Misschien moet ik wel stoppen en een andere baan zoeken.’ Pas toen ze besefte dat ziek zijn ook uitstel betekende van haar deadline, voelde ze de rust om te herstellen. 

Een jaar na de val was ze er weer bovenop en met haar vader gaat het inmiddels ook beter. ‘Ik ben heel erg blij dat ik heb doorgezet en dat ik nu zo’n mooi proefschrift voor me heb liggen’, zegt Van Ginkel. Ze wrijft over de achterflap, met daarop een foto van het Poolse natuurschoon en een haiku van haar vader. ‘Dat had ik een jaar geleden niet durven denken.’

English