Studenten
Foto door Ketut Subiyanto via Pexels

Fatshaming is overal

Weggekeken uit de sportschool

Ja, ze hebben overgewicht. Maar de schaamte die hen elke dag weer wordt aangepraat werkt alleen maar averechts, zeggen studenten Clem en Madlen. ‘Ik eet omdat ik me slecht voel en ik voel me slecht omdat ik eet.’
Door Marjanne van der Bijl

Het was een warme zomerdag toen Clem over straat liep. Normaal gesproken droeg ze een lange broek, maar vanwege de hitte had ze die dag een hemdje en een korte rok aangetrokken. Op straat passeerde ze een man, die haar van top tot teen bekeek en afkeurend ‘tsk, tsk’ zei. Clem was woest, maar durfde de confrontatie niet aan te gaan. Eenmaal thuis vertelde ze aan haar ouders wat haar overkomen was. ‘Hij had dat niet moeten doen,’ zeiden zij, ‘maar hij had wel gelijk. Je bent te dik voor dit soort kleding.’

En dat deed pijn. Heel veel pijn zelfs. Niet dat ze haar ouders wil afvallen. Absoluut niet. Maar dit soort opmerkingen schud je niet zomaar van je af. Ze blijven lang hangen en laten hun sporen achter. 

Troost

De Franse Clem is nu 25 en studeert aan de RUG. Nog steeds kampt ze met overgewicht. ‘Mijn verhouding met eten was altijd al ingewikkeld’, vertelt ze. ‘Maar mijn moeder was erg strikt wat eten betreft en ik sportte veel, dus ik was niet dik.’ In haar tweede jaar – ze zat toen op een universiteit in Engeland – sloeg de stress toe. Ze was eenzaam en zocht troost in eten. De kilo’s vlogen eraan.

Mijn moeder zei dat ik beter geen jurkje kon dragen

Toen begon het pas echt. ‘Als ik aangaf dat ik een bepaald jurkje mooi vond, zei mijn moeder dat ik met mijn gewicht beter een spijkerbroek en een shirt kon dragen’, zegt Clem. En van sommige ooms en tantes kreeg ze regelmatig te horen dat ze ‘vroeger toch zo mooi was’.

Fatshaming heet dat. Met die opmerkingen – hoe goed bedoeld ook – bekritiseerde haar familie haar om haar overgewicht. En dat is aan de orde van de dag. Mensen met overgewicht hebben vaak te maken met kritiek, pesterij of buitensluiting. Hoewel dat vaak gebeurt onder het mom van ‘dik zijn is heel ongezond, dus ze moeten zich ervan bewust zijn’, helpt het allemaal niets.

Averechts

‘Sterker nog: vaak nemen deze mensen juist toe in gewicht’, zegt sociaal psycholoog Simon Dalley, die onderzoek doet naar het lichaamsbeeld van vrouwen. ‘Fatshaming zorgt voor een gevoel van schaamte, met als gevolg onder andere een minderwaardigheidsgevoel, een slechte psychische gezondheid, een laag zelfvertrouwen en depressie’, legt hij uit. In een poging om aan dat gevoel te ontsnappen, gaan ze vaak in korte tijd heel veel eten. ‘Het werkt dus alleen maar averechts.’

Madlen

De schaamte wordt bovendien versterkt door de nadruk in de maatschappij op het ideale vrouwenlichaam: een slank lichaam met een dunne taille en een minimum aan vet, ongeacht hoe realistisch dat is. Hoe meer je hiervan afwijkt, hoe groter de schaamte. ‘Daarop volgt dan ook nog eens zelfverwijt: dat het jouw eigen schuld is.’ En dat zorgt weer voor meer stress en dus weer meer eten: een vicieuze cirkel.

Zo gaat het ook bij Clem. ‘Door mijn slechte zelfbeeld heb ik het gevoel dat ik er niet toe doe als mens. Ik hou niet van de persoon die ik in de spiegel zie. Ik eet omdat ik me slecht voel en ik voel me slecht omdat ik eet.’  

Wilskracht

Mensen koppelen overgewicht bovendien aan onvoldoende wilskracht, waardoor overgewicht niet alleen slecht is voor je gezondheid: het maakt je een slecht méns.

Maar dat werkt niet zo, zegt sociaal psycholoog Susanne Täuber. Ook zij deed onderzoek naar fatshaming en ontdekte dat juist morele veroordeling – zeggen dat mensen met overgewicht ongedisciplineerd zijn, bijvoorbeeld – veel invloed heeft op het gewicht. ‘Mensen raken hierdoor zo in de stress, dat ze juist meer gaan eten om hun emoties te reguleren’, zegt ze.

Oorzaak en gevolg van dik zijn worden door elkaar gehaald

En dan is er ook nog de sociaal-economische achtergrond – alweer iets waar mensen weinig aan kunnen doen. ‘Oorzaak en gevolg worden vaak door elkaar gehaald: er wordt gedacht dat dik zijn zorgt dat je arm bent of een onrustige thuissituatie hebt’, vertelt ze. ‘Maar meestal is het een wisselwerking: dik zijn is vaak een gevolg van de thuissituatie en doordat iemand dan overgewicht heeft, is het extra lastig om uit die situatie te ontsnappen.’

Maar vanuit de maatschappij bestaat het stigma dat dikke mensen lui zouden zijn. ‘Mensen met overgewicht zouden minder hard werken, minder intelligent zijn en minder efficiënt’, zegt Täuber. ‘Dat verkleint hun kansen op het vinden van een baan.’

Stereotype

De media versterken het probleem. ‘Zo staat er vaak de “headless fatty” in tijdschriften: een dik persoon waarvan je het gezicht niet ziet, zittend of liggend en soms met een literfles cola of een dik broodje hamburger naast zich. Dit bevestigt het stereotype dat deze mensen zo lui zijn dat ze nog geen drie meter willen lopen.’

De gevolgen zijn groot. De Duitse Madlen (24), die nu in Groningen studeert en net als Clem worstelt met ernstig overgewicht, ervaarde dat aan den lijve toen ze solliciteerde voor een administratieve bijbaan in haar thuisland. Ze kreeg de baan niet, maar niet omdat ze niet goed genoeg zou zijn. ‘Ze zeiden dat ik erg aardig was en dat mijn cv er prima uitzag, maar dat ze me niet konden aannemen vanwege mijn lijf. De baas wilde alleen maar mooie, jonge, slanke meiden met blauwe ogen, zodat hij iets leuks had om naar te kijken op kantoor.’

Nog altijd is ze diep teleurgesteld. Niet alleen in deze man, maar ook in de maatschappij. ‘Hoe kan zulk gedrag geaccepteerd worden?’

Afwijzing

Ze wordt nog steeds regelmatig geconfronteerd met afwijzing. Zo ging ze een tijd lang elke ochtend naar het zwembad, waar ze op een dag werd aangesproken door een vrouw in de kantine. ‘Toen ik langs haar liep, zei ze tegen me dat ik beter weg kon gaan. Ze wilde weten of ik me niet schaamde dat ik er zo bijliep.’

Op het moment zelf stond ze met haar mond vol tanden. Pas later werd ze boos. En blééf ze boos. ‘Mijn vrienden zeiden me het los te laten, dat het maar één persoon is die zo denkt, maar dat is niet waar. Dit maakt deel uit van de cultuur.’

Afvallen

Zowel Madlen als Clem deden meerdere pogingen om af te vallen. Madlen ging naar de sportschool en slaagde er eenmaal zelfs in om twaalf kilo kwijt te raken in korte tijd. ‘Maar zodra je vertelt dat je probeert af te vallen, vraagt iedereen er constant naar. Dat zorgt voor veel druk.’

Ik moest ruimte maken voor mensen die écht wilden trainen

Daarnaast voelde ze zich niet op haar gemak in de sportschool. Deels door de sporters om haar heen, maar ook door het personeel. ‘Ik had er nog maar twee maanden van mijn tweejarig abonnement op zitten toen ik door een medewerkster van de hometrainer werd gestuurd. Of ik alsjeblieft ruimte wilde maken voor mensen die wel écht wilden trainen.’ Ze is er nooit weer teruggekomen.

Clem probeerde gewoon minder te eten. ‘Dat werkt een tijdje, maar dan gebeurt er iets waardoor het weer misgaat’, zegt ze. Een kleine opmerking heeft vaak grote impact. ‘“Weet je zeker dat je geen honger hebt”, vroeg iemand me een keer. “Je eet zo weinig.” Door zoiets ben ik dan helemaal van de kaart. Ik raak dan geestelijk uit balans en ga aan mezelf twijfelen.’

Beide studenten benadrukken dat ze overgewicht niet willen verheerlijken. Ze weten heus wel dat het hun gezondheid in gevaar brengt. ‘Zeggen dat overgewicht oké is, is tegen een alcoholist zeggen dat alcohol oké is’, zegt Clem. ‘Maar ik moet mezelf ook accepteren zoals ik nu ben. Als ik tegen mezelf zeg: dit is niet goed, dit is onacceptabel, dit is walgelijk; dan voel ik me alleen maar slechter en kom ik weer in die vicieuze cirkel terecht. Er is een verschil tussen jezelf accepteren en toch hulp vragen en krijgen, en mensen fatshamen of stigmatiseren.’

English