Universiteit

Deze RUG'ers gaan naar Den Haag

Waarom wij staken

De Algemene Onderwijsbond (AOb) roept iedere onderwijsmedewerker – van basisschool tot universiteit – op om vrijdag het werk neer te leggen en naar Den Haag te komen. Deze RUG-medewerkers gaan ook. Waarom is dat nodig?
Door Giulia Fabrizi / Foto’s Luís Felipe Fonseca Silva

 

Dirk-Jan Scheffers

hoogleraar moleculaire microbiologie

Volgens hoogleraar moleculaire microbiologie Dirk-Jan Scheffers moet de overheid nog eens kijken naar wat ze van het hoger onderwijs verwacht. ‘Vooral of wat ze wil, daadwerkelijk mogelijk is met de financiële middelen die ze ons biedt’, licht hij toe.

Natuurlijk heeft de overheid al de Commissie Van Rijn in het leven geroepen om de bekostiging van het hoger onderwijs opnieuw te bekijken. ‘Maar als je ziet dat de commissie alleen mag kijken naar hoe het geld verdeeld wordt, zonder het totaalbedrag te verhogen, dan maak je het lastig.’

Scheffers zegt dat de huidige investeringen onvoldoende zijn om het gewenste ambitieniveau te halen. Het aantal studenten neemt toe, terwijl het totaalbedrag voor het hoger onderwijs hetzelfde blijft.

Kwaliteitsvermindering

‘Er is dus minder geld per student’, zegt hij. ‘Ik zit in de experimentele wetenschap, waar praktische lessen noodzakelijk zijn. Die kunnen we steeds minder geven. De bekostiging van de materialen alleen al wordt steeds moeilijker. Tegelijkertijd moeten we een bepaalde standaard aanhouden.’

Als de regering de signalen van het onderwijs niet oppakt, voorziet Scheffers grote problemen. ‘In het hoger onderwijs is de kwaliteit van de docenten een belangrijk onderdeel van de totale kwaliteit. Wij hebben een duidelijke band tussen onderwijs geven en onderzoek doen, maar dat kost veel tijd en daar moeten docenten bovendien zelf veel van de financiën voor binnenhalen. Als de middelen niet toereikend zijn, dan kan het zijn dat de docenten hun heil buiten Nederland zoeken. Zo krijgen we binnen Nederland een danige kwaliteitsvermindering.’

Hij begrijpt dat er aan verschillende kanten al wordt geprobeerd opnieuw in het onderwijs te investeren, maar benadrukt dat die investeringen broodnodig zijn. ‘Wij zijn bezig met de verdeling van het geld dat is vrijgekomen door van de studiebeurs een lening te maken’, legt Scheffers uit. ‘Je ziet dat er goede impulsen zijn, maar als je kijkt naar het niveau van kwaliteit dan moet je vaststellen dat je vooral lekken aan het repareren bent. Door deze investeringen komen we terug op het niveau van een paar jaar geleden. Er is geen sprake van extra kwaliteit, maar hopelijk terugkrabbelen naar het oude niveau.’

Anke van Dijk

Masterstudent docent Spaans

Masterstudente Anke van Dijk heeft zelf tijdens haar studie ondervonden hoe hard de kwaliteit van het onderwijs achteruit holt. ‘Ik doe de educatieve master Spaans. Ik heb gemerkt dat docenten te weinig uren krijgen voor de vakken die ze moeten geven. Ik heb zelfs vakken gevolgd waar we in totaal maar eens in de vier weken college hadden.’

Dat komt omdat het een kleine opleiding is, zegt Van Dijk, die ook namens DAG in de faculteitsraad van Letteren zit. ‘Je zou als maatschappij moeten zeggen: “Het is belangrijk dat dit blijft bestaan.” Maar wat er gebeurt, is dat de kleine opleiding minder geld krijgt en het daar maar mee moet doen.’

De huidige financiële tekorten schaden de kwaliteit van het onderwijs, meent Van Dijk. ‘Als je eens in de vier weken college hebt, dan ben je vooral aangewezen op zelfstudie. Natuurlijk kan ik die boeken zelf lezen, maar ik heb, denk ik, niet uit het vak gehaald wat ik er eigenlijk uit had kunnen halen. Betaal ik daar nou 2000 euro collegegeld voor?’

Hoe meer, hoe beter

Het is de docenten niet aan te rekenen, zegt ze, want die moeten het ook doen met de middelen die ze krijgen. ‘Dat die nihil zijn, zie je ook in andere vormen van onderwijs. In het basisonderwijs is de situatie zo erg dat sommige kinderen nog maar vier dagen per week les krijgen.’

Voor Van Dijk is vrijdag meegaan bijna een vanzelfsprekendheid. ‘Ik weet dat het enorme tekort aan investeringen alle vormen van onderwijs raakt. Ik wil zelf docent worden en vind het belangrijk om solidariteit te laten zien. Hoe meer mensen dat doen, hoe beter.’

Op 14 december vorig jaar was ze ook bij de stakingen van het hoger onderwijs. ‘Daar waren 7000 mensen op de been, maar dat heeft de regering volledig genegeerd. Er is geen enkele reactie vanuit het ministerie gekomen.’ Dat kan alleen worden verholpen, meent zij, als de mensen in het onderwijs zich niet van hun stuk laten brengen.

‘Ik hoop dat de actiebereidheid van mensen hoog blijft’, zegt Van Dijk. ‘Als het ministerie niet reageert, is het makkelijk om teleurgesteld te raken. Maar we doen dit niet voor niets. Als er nu opnieuw geen reactie van de regering komt, moeten we de volgende keer misschien wel een week lang het werk neerleggen. Als je dat met zijn allen doet, dan moet daar wel een reactie op komen.’

Krina Huisman

Promovenda literatuur- en mediawetenschappen

Volgens promovenda Krina Huisman is het belangrijk dat er vrijdag landelijk een gezamenlijk signaal naar Den Haag wordt afgegeven. ‘Het moet duidelijk worden dat de maat vol is. Ze moeten ophouden met de bezuinigingen in het onderwijs en er juist in investeren. Niet met snelle oplossingen die op de korte termijn resultaat geven, maar door plannen voor de lange termijn in te voeren.’

Huisman ziet met eigen ogen hoe de tekorten de onderwijskwaliteit schaden. ‘Je begint aan een promotietraject met het doel verder te komen in de academie. Gaandeweg kom je er pas achter wat je daarvoor moet inleveren en hoe groot de onzekerheid eigenlijk is.’

Zo zijn er veel méér promovendi dan dat er academische banen beschikbaar zijn. ‘De meesten zijn afhankelijk van tijdelijke contracten, wat een grote onzekerheid met zich meebrengt.’ Ook moet je voor een academische carrière bereid zijn je leven op te geven.

Diversiteit

‘De mensen die echt graag in de academie verder willen, werken makkelijk 60 tot 80 uur per week. Daardoor houd je geen tijd over voor een persoonlijk leven’, zegt Huisman. Mensen die een iets veelzijdiger leven willen leiden, hebben volgens haar bij voorbaat nauwelijks kans om na hun promotie door te stromen. ‘Je kweekt daardoor toch een bepaald soort persoon en dat doet absoluut afbreuk aan de diversiteit van mensen die je binnenhaalt.’

Het zorgt volgens Huisman voor een ongewenste scheefgroei. ‘Omdat je bereid moet zijn veel op te geven, zie je een versmalling in het soort mensen die binnen de academie blijft. Dat is jammer, want diversiteit is binnen veel groepen essentieel voor de kwaliteit. Ook als het om het werven en verspreiden van kennis gaat.’

Om de kwaliteit van het hogere onderwijs op peil te houden, moet er vooral meer geld gaan naar meer personeel, meent Huisman. ‘Iedereen is gebaat bij meer vacatures. Niet alleen de promovendi die daardoor uitkijk hebben op een baan, maar ook de huidige docenten. Als zij meer collega’s hebben, hebben ze ook de kans om hun huidige studenten kwalitatief beter te begeleiden. Op die manier verbeter je het onderwijs voor iedereen en denk je aan de lange termijn.’

Marian Hanemaaijer

Ruim 30 jaar werkzaam bij UB

Marian Hanemaaijer werkt al decennia, met veel plezier, bij de Universiteitsbibliotheek. Toch is ook zij de situatie in het onderwijs zat. ‘Wij zijn op de universiteit niet van het staken, maar er moet nu een keer onderwijsbreed een signaal worden afgegeven. Er is als jarenlang te weinig geld naar het onderwijs gegaan. Het is door bijna alle kabinetten alleen maar afgekalfd en nooit meer teruggekomen. Er moet nu aandacht komen voor de werkdruk die dat heeft opgeleverd.’

De druk op studenten en hoogleraren sijpelt volgens Hanemaaijer door naar de UB. ‘Steeds vaker sturen mensen ons bijvoorbeeld mailtjes met het verzoek om een boek dat bij de zelfservice klaarligt, toch door te sturen naar een andere plek. Ze hebben het zo druk, dat ze geen tijd hebben om het bij de UB op te halen.

Wij moeten het boek dan in het systeem verplaatsen en fysiek versturen. Het lijken kleine handelingen, maar het werk stapelt zich zo wel op. Je merkt dat je gewoon niet toekomt aan taken die normaal gesproken wel in je takenpakket zitten.’

Flexibiliteit

Bovendien is het grootste deel van Hanemaaijers collega’s de vijftig ruim gepasseerd. ‘Op onze leeftijd krijg je ook te maken met fysieke problemen. Je hebt niet meer de flexibiliteit en de energie die je dertig jaar geleden had.’ Waar ze dertig jaar geleden dat extra werk nog even gauw tussendoor deed, moet ze het nu soms gewoon laten liggen.

Jonge collega’s inhuren lijkt daarbij een simpele oplossing. ‘En daar is dan het geld weer niet voor’, licht ze toe. ‘We werken nu veel met student-medewerkers. Dat is heel fijn, maar die zitten nu soms ook op plekken waar wij eigenlijk zelf zouden moeten zitten.’

Natuurlijk leren studenten snel wat ze moeten doen, zegt Hanemaaijer, maar de snelheid van een servicebaliemedewerker zit hem vaak in ervaring. ‘Als iemand een specifieke vraag heeft, gaat er bij ons meteen een lampje branden. Een student moet dat opzoeken. Ze zijn hartstikke aardig en bereidwillig, maar je hebt een jaar nodig eer je goed ingewerkt bent. En als het zover is, mogen ze nog maar een jaar blijven en kunnen wij weer iemand anders inwerken. Dat doen we nu gemiddeld twee keer per maand.’ Geld voor nieuwe vaste collega’s, dat zou het team van de UB pas echt verlichten.

Stephen Milder

3,5 jaar universitair docent geschiedenis

Volgens de van origine Amerikaanse universitair docent geschiedenis Stephen Milder verkeert het hoger onderwijs in crisis. ‘Vooral in de alfawetenschappen’, zegt hij. ‘Het begint bij het feit dat er onderwijsbreed steeds minder geld binnenkomt. Vervolgens ontstaan er problemen bij de verdeling van dat geld.’

Volgens Milder, die tevens lid is van de faculteitsraad van Letteren, wordt het belang van letteren onderschat. ‘We verzaken het om een goede discussie te voeren over de meerwaarde van de alfawetenschappen voor de maatschappij.’

Het gebrek aan middelen zorgt er volgens hem voor dat de kwaliteit van het onderwijs achteruit gaat. ‘Dan heb ik het niet over mijn salaris, want daar ben ik tevreden over. Ik bedoel de steeds groter wordende klassen en het toenemende aantal studenten. Je hebt als docent steeds minder tijd om studenten individueel kwalitatief bij te staan in hun opleiding en dat is een kwalijke zaak. Dat schaadt de kwaliteit.’

Maatschappelijke waarde

Hoewel hij begrijpt dat het aan de universiteit is hoe het geld over verschillende faculteiten wordt verdeeld, denkt hij dat de overheid hier wel invloed op heeft.

‘De overheid benadrukt op verschillende manieren welke faculteiten op dit moment belangrijk zijn’, licht hij toe. ‘Er gaat bijvoorbeeld veel aandacht uit naar de natuurwetenschappen en de technische studies. Als je het gehele budget steeds vermindert en ondertussen benadrukt welke takken van wetenschap belangrijk zijn, gaat de kwaliteit er bij ons op achteruit.’

Milder wijst daarom ook op het belang van een dialoog over de maatschappelijke waarde van verschillende studies.

Hij begrijpt dat een eendaagse staking de problemen niet kan verhelpen, maar hoopt wel dat het een goede stap kan zijn. ‘Ten eerste is het heel belangrijk dat het probleem erkend wordt. Ten tweede moet er een discussie op gang komen over het verhogen van de onderwijsinvestering. Dat houdt in dat we spreken over wat we kunnen doen om ervoor te zorgen dat de universiteit een plek blijft die de studenten en de maatschappij dient. Dat het niet verwordt tot een plek die je alleen een goede startkwalificatie geeft.’

Waarom wij staken is een reeks portretten van RUG-medewerkers die uitleggen waarom zij demonstreren voor beter onderwijs. De pagina wordt de komende dagen steeds aangevuld met nieuwe portretten.

English