Corona

Studenten hebben al genoeg shit op te lossen

Waarom Fay naar feestjes gaat

Studenten krijgen de schuld van de snel oplopende coronabesmettingen. Maar hoe eerlijk is het dat jongeren hun leven moeten omgooien voor een virus dat hen nauwelijks treft? ‘Wij zijn het die ons land straks uit de crisis moeten helpen’, zegt student-redacteur Fay.


Fay van Odijk

Door Fay van Odijk

23 september om 11:58 uur.
Laatst gewijzigd op 24 september 2020
om 16:14 uur.
Fay van Odijk

By Fay van Odijk

september 23 at 11:58 AM.
Last modified on september 24, 2020
at 16:14 PM.
Fay van Odijk

Fay van Odijk

Ineens was het wel heel dichtbij. Vrijdagavond was ik een beetje verkouden. Zaterdag was ik snipverkouden. Zondag had ik koorts. Oeps. Het zal toch niet?

Aan de ene kant had ik de hele week gedronken. Dus – dacht ik – mijn weerstand is naar de klote. Tuurlijk ben ik ziek. Maar toen hoorde ik dat mijn huisgenoot wel héél lang dichtbij een vriendin was geweest die positief getest was. Zij testen. Ik testen.

Mijn huisgenoot was wel positief – al had ze eigenlijk geen klachten. En ineens dacht ik: ik kan toch niet mijn collega’s hebben aangestoken op de redactie? We hielden toch netjes afstand? 

Ik testte negatief. 

Maar toch. Het had gekund. En laten we eerlijk zijn, ik heb heel wat coronaregels gebroken de laatste weken. Tijdens de KEI-week was ik elke dag wel op een huisfeest. Ik ga regelmatig drinken in de Poelestraat en ja, dan gaan we aan het eind van de avond nog naar een ander huis. In een klein groepje, maar toch. Anderen gaan naar de Warhol, Sunny Beach. Daar kun je gewoon dansen als je wilt. 

Politie

En dan is er dat huisfeest bij de Westerhaven, met, pak hem beet, zestig andere studenten, waaronder mijn huisgenoten. Het is heerlijk om iedereen weer te zien en heel even te doen alsof er niks aan de hand is. En dan wordt er aangebeld. 

Blijkbaar waren we wat al te enthousiast, want rond een uur of twee ’s nachts staat de politie voor de deur. Wij zijn op dat moment nog boven in de GK. 

We duiken een hoogslaper in en blijven doodstil liggen

‘Iedereen naar beneden’, roept een jongen. Mensen staan op, maar ze gaan niet naar de voordeur. In plaats daarvan proberen ze weg te komen via de tuin. Ze klimmen over schuttingen, terwijl ik me achter een pingpongtafel buiten verstop. Ondertussen praat een van de jongens die in het huis woont met de politie.

Dan loopt een agent met zijn zaklamp de tuin in: we zijn er gloeiend bij. Opeens sta ik naast mijn huisgenoot in de rij voor de voordeur, waar de politie namen en BSN-nummers noteert. We kijken elkaar aan en duiken een slaapkamer met hoogslaper in. Het volgende moment vinden we onszelf terug in het bovenste bed met drie anderen en blijven doodstil liggen. Ondertussen knijpen we in elkaars hand, want niemand wil die torenhoge boete en al helemaal geen strafblad. 

De politie neemt de stereo in beslag en verzamelt persoonsgegevens. Het duurt zeker een half uur voor we weer tevoorschijn durven te komen. Later, op straat, kom ik in groepjes de meesten weer tegen, sommigen met moddervlekken en gaten in de broeken. Is dit echt de enige manier voor studenten om weer een beetje een studentenleven te kunnen hebben?

Voorzichtig

Een half jaar lang hebben we ons zo goed mogelijk aan de regels gehouden. Ik heb tweeënhalve maand in mijn ouderlijk huis in Rotterdam doorgebracht, omdat mijn broertje corona had. Toen ik terugkwam, was ik voorzichtig. Ik zag alleen mijn huisgenoten, we gingen in tweetallen naar de supermarkt. We letten op. Ik wilde ook niet mijn ouders, opa en oma en anderen die deel uitmaken van de risicogroep in gevaar brengen. 

Drie keer kuchen en de meeste studenten zijn er weer bovenop

Maar na al deze maanden wil ik ook weer enigszins normaal kunnen leven. Het virus vormt voor mij en mijn medestudenten niet echt een gevaar. Drie keer kuchen en een dag in bed en de meeste studenten zijn er weer bovenop. Wij bezetten geen bedden op de IC’s of in het ziekenhuis en ik blijf met klachten braaf thuis, in mijn kamer. 

Ik kies ervoor om mijn oma niet te zien, of anders buiten op anderhalve meter afstand, want ik weet wat het virus kan doen. Maar hoe we het aanpakken, dat is mijn eigen verantwoordelijkheid en die van mijn oma.

Premier Rutte en minister Hugo de Jonge stellen steeds dat studenten en jongeren de verantwoordelijkheid dragen voor het oplopende aantal besmettingen. Wij moeten ons steentje bijdragen, vinden ze en dat hebben we ook heel lang gedaan. We vinden heus niet dat we boven de regels staan.

Asociaal

Maar tegelijk zit het me niet lekker. Als ik boodschappen doe in de Albert Heijn of op de markt en netjes afstand probeer te houden, zijn het vooral de ouderen, en dus de risicogroep, die zich niks aantrekken van de afstandsregels en mij zonder schaamte omverlopen. Moet je je registreren in een café? De studenten scannen de code en vullen hun gegevens in, de ouderen zeggen: dit is niet verplicht en laten het erbij. Dan denk ik: wij doen dit toch voor jullie? Maar wij worden als asociaal neergezet. 

En dan nog iets: wij, de jongeren en de studenten, zijn degenen die het land straks uit de crisis moeten helpen. Wij zijn het die straks beginnen met werken in een ingestorte economie. Wij zullen dat moeten oplossen, samen met een klimaatprobleem. Maar zonder pensioen en mét een forse studieschuld.

Bij de torenhoge studiedruk komt nu ook nog slechter onderwijs

Wij proberen ons voor te bereiden op die toekomst én een beetje te leven. Maar we worden daar op allerlei manieren in belemmerd: we hadden al torenhoge studiedruk en oplopende schulden. We kregen daar digitaal onderwijs bij dat weliswaar goed bedoeld is, maar kwalitatief niet kan tippen aan het ouderwetse college. Onze stages zijn afgelast, of omgezet naar digitale varianten. Ons praktijkonderwijs ligt op zijn gat en we lopen maanden vertraging op. 

On hold

Maar ondertussen is het collegegeld hetzelfde en loopt onze studieschuld snel op. In veel gevallen hebben we ook nog eens maanden niet kunnen werken. En terwijl wij daarmee proberen te dealen, moeten we ook ons sociale leven on hold zetten voor een virus dat ons eigenlijk niet aangaat en zijn we asociaal.

Terwijl ik dit schrijf zit ik in de trein. Achter me praat een meisje met haar vriendin. Ze heeft een beetje last van haar keel. ‘Mijn moeder heeft tegen school gezegd dat ik buikpijn heb, omdat ze het eerst een paar dagen wil aankijken. Want ja, als ik ga testen, mag ik tien dagen niet naar school. Bovendien… het is toch vast gewoon een verkoudheid.’

Wie neemt er nu zijn verantwoordelijkheid niet?

In een eerdere versie van dit artikel stond café het Vaatje genoemd als een gelegenheid waar gedanst mag worden. Dat blijkt echter niet het geval.

Dit artikel heeft veel emoties opgeroepen. Lees in de rubriek Bij UKrant waarom de redactie ervoor koos om aandacht aan dit onderwerp te besteden.

English