Studenten

Als je verliefd bent op een international

Twee culturen in één relatie

In een stad met zoveel internationale studenten is de kans vrij groot dat je verliefd wordt op iemand uit een totaal andere cultuur. Drie studentenkoppels vertellen wat er wel en niet leuk is aan intercultureel daten.
Tekst & foto’s Felipe Silva / Vertaling Saskia Jonker

 

Andrea & Dirk

Andrea Rodrigues (20), een Indiaas-Portugese Nieuw-Zeelander die internationaal en Europees recht studeert, swipete naar rechts op Tinder en duikelde zo een vriend op: Dirk de Vries (23), een Friese student Smart Systems Engineering.

‘Maar we doen graag alsof we elkaar niet via Tinder hebben leren kennen’, lacht ze. Ze maken er een spelletje van om meer aansprekende – en onwaarschijnlijke – verhalen te verzinnen over hun ontmoeting. ‘Ik vertel graag dat we elkaar tegen zijn gekomen tijdens een skivakantie. Onze ogen vonden elkaar, ik vroeg hem ten dans en we werden verliefd. Maar we hebben geen van tweeën ooit zelfs maar op ski’s gestaan.’

Andrea is verbaasd over hoeveel Nederlandse eigenaardigheden ze heeft overgenomen na pas acht maanden met Dirk. Tegenwoordig is ze altijd op tijd, en haar houding ten opzichte van geld is totaal veranderd. ‘Nederlanders hebben allemaal trucjes om het meeste te halen uit de producten die ze kopen: ze hebben zelfs een stuk keukengerei dat een pannenlikker heet, waarmee je het laatste restje uit een pot pindakaas kunt halen. Dat is zo raar!’

Uitgebreide maaltijden

Volgens Dirk was de grootste cultuurshock in hun relatie het eten. ‘Wij Nederlanders eten graag snel, en we maken brood klaar voor de hele dag.’ Maar hij is tot de ontdekking gekomen dat in de Indiase cultuur maaltijden veel uitgebreider zijn – de bereiding duurt soms uren – en een echte familiegebeurtenis.

Daar moest hij aan wennen, zegt hij. Maar hij heeft er lol in gekregen om samen eten te maken en uitgebreid te tafelen met gezelschap. Zijn smaak is ook veranderd: hij lust nu zelfs pittig eten. ‘En ik moet toegeven dat ik dol ben op stamppot’, grinnikt Andrea.

De lastigste momenten als stel hebben te maken met communicatie. De manier waarop ze hebben geleerd om hun mening te geven is totaal verschillend. ‘In Nederland zeggen mensen wat ze denken en dat vind ik niet altijd leuk’, zegt Andrea. ‘Ik wil niet al te eerlijk zijn, omdat ik bang ben om hem te kwetsen.’

Tijdens een recent tripje naar Berlijn kocht Andrea een nieuw shirt dat ze heel mooi vond. Ze liet het opgetogen aan Dirk zien, maar die vond het maar niks en zei dat ook gewoon. Andrea: ‘“Ik heb wel eens wat leukers gezien”, zei hij.’

‘Ik wilde gewoon eerlijk zijn’, lacht Dirk. Andrea rolt met haar ogen. ‘Ja, maar ik wilde dat je loog!’

Janis & Sinead

Janis Mjartans (21) groeide op in Tsjechië, maar zijn familie komt uit Letland en Kirgizië. Zijn vriendin Sinead Denning (20) is Iers, maar haar moeder is Duits. De psychologiestudenten hebben een liefdesverhaal dat zo uit een sprookje afkomstig lijkt.

Dat is een leugen. Ook zij ontmoetten elkaar via Tinder.

‘Zal ik het vertellen, of wil jij het doen?’ vraagt Sinead grinnikend aan Janis. Voor hij kan antwoorden zegt ze: ‘Ik doe het wel.’ Hun eerste afspraakje was een koffiedate die drie uur duurde. ‘We konden meteen goed opschieten, er waren helemaal geen ongemakkelijke momenten.’ Ze ontdekten tot hun vreugde dat ze allebei vloeiend Duits spreken. Een gedeelde taal maakte het makkelijk om een band op te bouwen.

Maar ondanks hun natuurlijke chemie, hebben ze de laatste vier maanden gemerkt dat ze anders naar de wereld kijken. Sinead groeide op in een klein plaatsje in Ierland; Janis is een stadsjongen uit Praag.

Beschermd leven

Sinead had nog niet veel van de wereld buiten Ierland gezien. ‘Kirgizië? Daar had ik zelfs nog nooit van gehoord’, bekent ze. ‘Ik wist dat hij veel gereisd had, maar voor mij lag dat anders. Er is een wereld voor me open gegaan.’

In Ierland leidde ze een geïsoleerd leven en daardoor is ze meer geneigd om dingen aan te nemen. ‘Thuis hebben mensen zoiets van, het is wat het is, denk er maar niet te veel over na.’ Maar Janis is sceptischer over alles: ‘Als ik een artikel lees over een politieke kwestie, bijvoorbeeld, zal ik dat altijd onderzoeken en analyseren. Waarom zou ik deze mensen geloven?’

Maar hun verschillende blikken op de wereld – en de manieren waarop die tot uiting komen – zijn ook een eeuwige bron van vermaak. ‘We lachen elke dag’, zegt Sinead. ‘Vooral over kleine dingetjes, zoals de rare uitdrukkingen die we in ons dagelijks leven gebruiken.’ Het kan een openbaring zijn als je het leven bekijkt door de culturele bril van iemand anders: ‘Ik blijf door haar nieuwe dingen over mezelf ontdekken’, zegt Janis.

Roberto & Linda

Roberto Navarro (21), een Venezolaan, en de Finse Linda Arfelt (22) waren voorbestemd om samen te zijn – ze wisten het alleen zelf nog niet. En blijkbaar waren zij de enigen, want hun vrienden hadden al maanden een wedje lopen hoe lang het zou duren voor ze een relatie zouden krijgen.

‘We woonden in hetzelfde gebouw en waren goede vrienden, maar door miscommunicatie kregen we ruzie. Ik dacht dat ze me haatte’, zegt Roberto, die kunstmatige intelligentie studeert.

‘Wat? Jij zei dat we ruimte nodig hadden!’, kaatst student Economic Development Linda terug.

‘Nou ja, hoe dan ook,’ zegt Robert, ‘ik dacht: ik praat weer tegen haar als zij tegen mij praat. Heel volwassen. En verrassing: dat gebeurde niet.’

Pas na een heel jaar waarin ze elkaar soort van vermeden, realiseerden ze zich dat ze eigenlijk verliefd waren. ‘Hij haalde me op van het treinstation toen ik terugkwam van een uitwisselingssemester’, zegt Linda. ‘De rest is geschiedenis.’

Geen gevaar zien

De twee zijn nu acht maanden samen en ontdekken nog steeds nieuwe manieren waarop hun culturele achtergrond hun gedrag heeft gevormd.

Een goed voorbeeld, zegt Roberto, is Linda’s totale gebrek aan aandacht voor haar eigen veiligheid. Zo paste ze onlangs op de hond van haar zus. ‘En toen dacht ze dat het een goed idee was om hem om twaalf uur ’s nachts uit te laten’, zucht Roberto. ‘DAT. DOE. JE. NIET! Het maakt niet uit waar je woont, dat is dom.’

‘Ik kom uit Venezuela, waar je altijd alert moet zijn op wat er om je heen gebeurt, je ogen open moet houden’, gaat Roberto verder. Linda haalt haar schouders op. ‘Ik bedoel, ik kom uit Finland, dus…’

Het concept gevaar is zo onbekend voor Linda dat het er een tijdje geleden gewoon niet in ging bij haar dat er iemand was neergestoken op het Jaagpad. Roberto schudt zijn hoofd. ‘Toen we de volgende dag langs die plek liepen, zei ze: “Nee, ik denk dat hier een schaap dood gegaan is of zo.” Nee, lief, het was waarschijnlijk een moord.’

‘Daarna ben ik wel iets wijzer geworden’, geeft ze toe.

Als je de twee zo ziet lachen samen, plaagstootjes uitdelend, lijkt het alsof ze geen probleem hebben om elkaar hun genegenheid te tonen. Maar volgens Linda was dat wel degelijk een uitdaging voor hen. In haar familie, vertelt ze, weet je dat je om elkaar geeft als je in genoeglijke stilte bij elkaar kunt zijn. ‘In mijn familie zijn we geen praters en we knuffelen ook niet.’

Maar in Latijns-Amerika is het heel normaal om gepassioneerd te zijn en altijd over je gevoelens te praten. Dus Roberto vindt haar ‘genoeglijke stiltes’ maar verwarrend. ‘Als ze niet praat, denk ik: hmm, ben je boos?’

English