Studenten
Foto A. Sweeny

Opeens van iedereen afgezonderd

‘De eenzaamheid is verstikkend’

Het coronavirus zorgt voor veel stress bij mensen. Maar als je opgesloten zit in je kamer in een vreemd land, met alleen vier muren als gezelschap, is de situatie nog zwaarder. Twee RUG-studenten vertellen hoe zij omgaan met de eenzaamheid.


Anne de Vries

Door Anne de Vries

6 april om 15:21 uur.
Laatst gewijzigd op 6 april 2020
om 17:18 uur.
Anne de Vries

By Anne de Vries

april 6 at 15:21 PM.
Last modified on april 6, 2020
at 17:18 PM.
Anne de Vries

Anne de Vries

Studentredacteur
Volledig bio
Student editor
Full bio

Aulia Fairuz Kuntjoro

De eerste week dat ze in zelf-isolatie zat, was ze alleen maar een beetje aan het niksen in haar pyjama. De Indonesische student onderwijskunde Aulia Fairuz Kuntjoro (26) kon zich nergens toe zetten. Ze was de hele tijd moe, en gewoon zo verdrietig. Op het nieuws zag ze dat het wereldwijd alleen maar erger werd, en ze kon er met niemand over praten. 

Aulia’s vrienden boekten hun tickets naar huis op dezelfde avond dat de Nederlandse regering grootscheepse maatregelen aankondigde, en de RUG alle fysieke colleges schrapte tot april. Binnen vier dagen waren ze allemaal weg. Nu gaat Aulia er met de fiets op uit, zonder doel, alleen maar zodat ze andere mensen ziet. 

Voor de coronacrisis was ze alleen maar in haar kamer om te eten en te slapen. Ze ging met de ene vriendin een kop koffie drinken, om daarna met een andere af te spreken in het Forum. Of ze bracht hele dagen door in de UB, zodat ze zich deel van de Groningse studentengemeenschap voelde. Nu zijn haar sociale contacten opgedroogd. ‘Ik ben een mensen-mens. Deze eenzaamheid is verstikkend.’ 

Ik heb mijn spaarrekening leeggehaald om hierheen te komen 

Als ze met haar vrienden appt, zegt ze dat het goed met haar gaat. Zij begrijpen niet waarom ze niet naar huis is gegaan, zoals zij. Ze wil hen niet vertellen dat als ze nu naar Indonesië gaat, ze misschien niet meer terug naar Groningen kan. Daar heeft ze het geld niet voor. ‘Ik heb mijn spaarrekening leeggehaald om hierheen te komen. En ik heb twee jongere broers die nog op school zitten. het zou niet juist zijn om mijn ouders om geld te vragen, ik ben een masterstudent.’ 

Niet goed 

Ze droomt er al sinds ze op de basisschool zat van om het onderwijssysteem in Indonesië te verbeteren. Ze kwam naar Nederland om een goede opleiding te volgen en naar huis terug te keren met de vaardigheden om te helpen. Deze kans moet ze niet vergooien, vertelt ze zichzelf. Maar dat valt niet mee, nu ze in haar eentje aan het studeren is. Heeft ze daarvoor alles achter zich gelaten? ‘Ik ben normaal gesproken een relaxt iemand, maar dit vreet aan me.’

Aulia’s ouders bellen haar om te vragen hoe het gaat. Dan zegt ze dat het prima gaat. Het gebruikelijke: het is hard werken, maar ze is in Nederland, dus natuurlijk gaat het goed. Ze vertelt hen feitjes over het Nederlandse systeem, de regels, hoeveel bedden er zijn in de ziekenhuizen: allemaal zodat ze maar niet doorvragen. 

Want als ze dat zouden doen, zouden ze doorhebben dat het helemaal niet zo goed gaat. En dat wil ze koste wat kost voorkomen. Dan zouden ze zich maar zorgen maken om haar, en dat wil ze niet. Ze wil hen niet tot last zijn. 

Echt iemand

Zo is ze altijd al geweest. Ze wil niet dat andere mensen het gevoel hebben dat ze iets voor haar moeten doen. Onder geen beding wil ze haar problemen op die van hen stapelen. ‘Ik vind dat ik andere mensen zich geen zorgen om mij moet laten maken als ik het probleem zelf kan oplossen.’ 

En met die andere mensen lijkt het prima te gaan. Zij hebben niet dezelfde problemen, dus zou er met haar ook niets aan de hand moeten zijn. Ze veegt haar tranen weg. ‘Ik moet van iemand horen dat het normaal is om je zo te voelen.’

Ik wil geen verwend nest zijn, dus zeg ik tegen mezelf dat ik er het beste van moet maken

Ze heeft contact opgenomen met een therapeut, maar zo iemand wordt betaald om naar je te luisteren, zegt ze. Ze heeft een écht iemand nodig om mee te praten. 

Maar met haar vrienden en familie praten is geen optie. ‘Er gaan mensen dood en dokters en verpleegkundigen zijn enorm hard aan het werk. Ik wil geen verwend nest zijn, dus zeg ik tegen mezelf dat ik er het beste van moet maken.

Lacherig

Maar haar eenzaamheid drukt constant op haar en dat maakt het extra moeilijk om op haar werk te focussen. En de aankondigingen op Nestor maken haar alleen maar zenuwachtiger.  

Ze moet nog twee vakken afmaken en ze loopt al drie weken achter met haar scriptievoorstel. Om haar scriptie werkelijk af te kunnen maken, moeten de scholen weer open gaan. Ze wilde middelbareschooldocenten interviewen, maar nu kan ze geen data verzamelen. Haar stage op een school in Leeuwarden is ook stopgezet.  

Aulia doet er lacherig over. Ze lacht als ze nerveus is, vertelt ze. ‘Ik zal creatief moeten zijn. Alleen ik kan bepalen wat ik doe, dus ik zal erg teleurgesteld zijn in mezelf als het me niet lukt om het studieprogramma af te maken. Wie kan ik anders de schuld geven?’ 

Stap voor stap

De afgelopen weken heeft ze zich ook gerealiseerd dat andere mensen haar stemming niet kunnen veranderen: alleen zij zelf kan dat doen. Dus doet ze nu elke dag dingen waar ze blij van wordt. Ze gaat elke ochtend onder de douche, omdat ze zich daar goed bij voelt. Ze kleedt zich alsof ze ergens naartoe gaat en ze maakt van-punt-naar-puntpuzzels. 

Wat betreft haar opleiding, dat gaat stap voor stap: eerst leest ze de stof voor de vakken, dan gaat ze zich op haar scriptie richten en daarna gaat ze kijken hoe ze haar stage af kan ronden. 

Dat helpt een beetje. Maar ze vraagt zich wel af hoe lang dit gevoel nog gaat duren. ‘Zal het me sterker maken of slopen? Ik heb geen tweede kans.’

Ana Garcia Castillo

De Argentijnse scheikundestudent Ana Garcia Castillo (19) vindt ook nieuwe manieren om met de afzondering om te gaan. Ze houdt zichzelf bezig. Ze studeert alsof de tentamens gewoon doorgaan, ze kijkt tv-series en leest boeken waar ze eerder niet aan was toegekomen en ze is aan het experimenteren geslagen in de keuken. Ze heeft een nieuwe blender gekocht en heeft nu de kunst van het smoothies maken zo’n beetje onder de knie. 

Op het eerste gezicht lijkt het prima te gaan met Ana, maar al deze solo-uren vreten aan haar. Normaal gesproken vindt ze het fijn dat haar studio haar privacy biedt, maar nu ze vastzit tussen deze vier muren voelt ze zich machteloos. Ze is nog nooit eerder de hele dag thuis geweest. Ze kent haar naaste buren niet, dus ze kan ook niet bij hen aankloppen voor gezelschap. 

‘Ik ben een heel aanrakerig iemand en ik probeer altijd mensen om me heen te hebben. Dat is van levensbelang voor mijn geestelijk welzijn; mijn vrienden houden me gezond.’

Ze vindt het troostend om bij hen te zijn, haar zorgen met hen te delen en dan afgeleid te worden van het echte leven. Ze zag haar vrienden elke dag, dus valt de eenzaamheid haar nu extra zwaar. 

Routine

De overgang van haar dagelijkse routine aan de universiteit naar haar nieuwe leven is lastig. Ana heeft een strak schema nodig. ‘Ik stel dingen altijd enorm uit. Nu ik de hele tijd in mijn kamer zit, bel ik met vrienden, familie, of mijn vriend.’ Ze doet uren over haar lunch en de afwas. En vervolgens voelt ze zich ’s avonds rot omdat ze de hele dag niets uitgespookt heeft. 

Dat stereotype van de grote, warme Zuid-Amerikaanse familie is absoluut waar 

De foto’s van haar familie die ze overal neergezet heeft helpen ook niet mee. Wat haar de laatste tijd vooral dwars zit is het idee dat ze niet bij hen is. ‘Dat stereotype van de grote, warme Zuid-Amerikaanse familie is in mijn geval absoluut waar.’

Ze maakt zich zorgen om haar oma in Argentinië en haar ouders, broer en vriend in Ecuador. De situatie daar is niet heel anders dan hier, dus is het overal gevaarlijk. Ze kan sowieso niet naar huis, want de grenzen zijn dicht. En ze wil in geen geval haar ouders en broer besmetten met het virus, als zij het heeft.  ‘Ik ga alleen naar huis als het aantal besmettingen voor juli afzwakt.’

Elke ochtend om zeven uur belt ze haar ouders, gewoon om ze te in haar nabijheid te voelen. Soms praten ze niet eens, maar genieten ze urenlang van elkaars virtuele gezelschap. 

Hoogtepunt van de week

Als haar ouders vertellen dat ze naar buiten gaan om boodschappen te halen, zijn de rollen omgekeerd en voelt zij zich opeens de ouder. ‘Ik zeg tegen ze dat ze niet zo vaak naar buiten moeten gaan en herhaal wat zij tegen mij zeggen.’ 

Ik mag me niet door mijn emoties laten overmannen

Dat betekent niet dat ze niet begrijpt waarom ze het doen: haar wandeling van twintig minuten naar de supermarkt, in het zonnetje, is het hoogtepunt van haar week geworden. 

‘Deze situatie heeft me echt van mijn stuk gebracht. Het is een constante rollercoaster van emoties: angst, zorgen, verdriet. Maar ik mag me er niet door laten overmannen.’

Niemand weet hoe lang dit nog gaat duren en Ana verwacht dat de situatie haar later nog sterker zal aangrijpen. ‘Ik herinner mezelf eraan dat ik niet alleen ben. Iedereen heeft zijn eigen problemen nu, dus we moeten maar proberen om er zo normaal mogelijk mee om te gaan.’

Ze heeft haar eigen routine ontwikkeld: elke ochtend staat ze om half negen op, dan maakt ze een smoothie als ontbijt, ze gaat sporten en belt dan haar vrienden om samen aan opdrachten te werken. Misschien dat ze zelfs wel bij een paar van haar buren aanklopt.

English