Studenten
Foto cottonbro via Pexels

Studenten worden regelmatig gedrogeerd

Stiekem iets in je drankje

GHB in je drankje zonder dat je het doorhebt: de helft van alle studenten kent minstens één persoon die dat meegemaakt heeft, blijkt uit onderzoek van UKrant. Laura (22) is zo’n slachtoffer. ‘Ik dacht altijd dat zoiets mij niet zou overkomen.’
Door Anne de Vries en Paulien Plat

Haar lichaam voelt zo slap, alsof ze een lappenpop is. Ze wil maar één ding: slapen. De wereld lijkt zo ver weg, het voelt bijna alsof ze onder narcose is. Maar ze is niet in het ziekenhuis. Ze is in een onbekend huis met onbekende mannen. Zodra haar lichaam het matras raakt, weet ze dat terugvechten onmogelijk is. 

Als Laura de volgende ochtend haar ogen opent, is het eerste wat ze ziet het bloed. Het ligt overal. Ze weet niet waar het vandaan komt. Verdwaasd komt ze overeind. ‘Ik ga even naar de wc’, zegt ze tegen de jongen die naast haar ligt. Als ze uit bed wil stappen voelt ze een hand om haar pols. ‘Je komt toch wel terug?’ vraagt hij. ‘Tuurlijk’, antwoordt ze. Snel raapt ze haar kleren bij elkaar. In alle haast vergeet ze haar bh en leren jack. 

Mijn lichaam was helemaal weg, maar mijn hoofd was er nog

Ze wankelt de trap af, het gevoel in haar benen is ze kwijt. Haar lichaam begeeft het en ze valt flauw. Uiteindelijk weet ze zichzelf naar beneden te slepen. Daar ziet ze haar vriendin op de bank liggen. Bewusteloos, maar met haar ogen open. Laura schudt haar wakker. ‘We moeten hier nú weg’, zegt ze in paniek. Hand in hand strompelen ze de gang in, de deur uit, de straat op. 

Ze probeert zich te herinneren wat er die avond is gebeurd. Vage flitsen gaan gepaard met een allesomvattende doodsangst. Een groep jongens in de kroeg. Een paniekerige zoektocht door een woonwijk. Daarna is alles zwart. Nu, na intensieve therapie, weet ze uit flashbacks wat er gebeurd is. Hij wilde wel, zij niet. 

Vooral vrouwen

Laura is een Groningse student die drie jaar geleden gedrogeerd werd. Ze is niet de enige. Uit een enquête van UKrant onder 293 Groningse studenten blijkt dat 3 procent van hen wel eens drugs toegediend heeft gekregen zonder dat ze het wisten. Nog eens 4 procent vermoedt hier het slachtoffer van te zijn geweest. Van die eerste groep is 66 procent vrouw, van de tweede zelfs 83 procent. 

De helft van alle respondenten kent minstens één iemand die gedrogeerd is. In een kroeg, op een festival, of op vakantie. De meesten (56 procent) waren tussen de 18 en 24 jaar oud toen het gebeurde. Kroegen als de Negende Cirkel en ’t Golden Fust, maar ook studentenverenigingen worden genoemd als plekken waar studenten stiekem iets in hun drankje kregen.

Lang niet alle studenten die de enquête invulden hebben zo’n ingrijpende ervaring gehad als Laura. De meesten eindigen in hun eigen bed, met een gapend gat in hun geheugen. Ze zijn door vrienden opgevangen en naar huis gebracht. Een paar mannelijke respondenten schrijven dat zij bestolen zijn en zich niks kunnen herinneren. ‘Alles werd vaag en het werd helemaal zwart voor een paar uur. Ik heb geen herinneringen, behalve dat ik vier uur later ineens op de Vismarkt stond met mijn fiets. Die zat nog op slot, maar de ketting was wel open. Sleutels weg, rugzak weg’, schrijft een van hen.

Slachtoffers aan het woord


Geheugenverlies kan op zichzelf al heel desoriënterend zijn, zegt universitair hoofddocent Judith Daniels, gespecialiseerd in trauma en posttraumatische stressstoornis. Je weet niet wat er is gebeurd en dat kan heel erg aan je knagen. Je gevoel van veiligheid is aangetast. Maar dat geldt nog veel sterker als er daarnaast ook traumatische dingen zijn gebeurd, zoals bij Laura. Professionele hulp kan nuttig zijn om zo’n ervaring te verwerken. Maar, vertelt Daniels, veel mensen weten ook op hun eigen manier over zo’n ervaring heen te komen.

Gevaarlijk

Laura is die bewuste zomer net 18 geworden. Ze wil weer eens uitgaan, samen met haar beste vriendin Amy. In de kroeg komen ze een groep jongens tegen. Amy kent een van hen en ze krijgen een drankje. ‘Pas op,’ waarschuwt Laura’s scharrel, die ze in diezelfde kroeg tegen het lijf loopt. ‘Deze jongens zijn gevaarlijk.’ 

Als Laura even later naar buiten stapt, ziet ze dat haar vriendin achterop springt bij een van de jongens. Ze voelt meteen dat het fout zit: Amy had al geen hoge pet van de jongens op, laat staan dat ze zomaar met ze mee zou gaan. Laura zet de achtervolging in, maar de jongens zijn te snel. Ze raakt in paniek: waar is Amy? 

Bij een hoge dosering ga je je gedragen alsof je aangeschoten of dronken bent

In een woonwijk ziet ze een paar van de jongens voor een andere kroeg staan. Als ze naar hen toe loopt en vraagt waar haar vriendin is, reageert eentje: ‘Als je me zoent, vertel ik je dat.’ Ze voelt zich onder druk gezet en durft geen nee te zeggen. Ze wil gewoon haar vriendin vinden.

Dan ziet ze Amy plotseling onder de overkapping van een huis iets verderop. Maar het lijkt alsof Laura’s hersenen niet mee willen werken. Ze is ineens zo moe. De jongens duwen haar en Amy nog wat drankjes in handen, die ze niet weten af te slaan. Het is intussen al ochtend en het enige waar ze aan kan denken, is dat ze wil liggen, haar ogen dicht wil doen. Als de jongens zeggen dat ze gaan slapen, loopt ze op de automatische piloot achter hen aan.

Verdovend effect

Er zijn meerdere soorten drugs die gebruikt worden om iemand te drogeren, zoals flunitrazepam, ketamine en GHB. Hoewel deze middelen verschillende lichamelijke effecten hebben achteraf, werken ze allemaal verdovend. GHB wordt het meest gebruikt: deze vloeistof wordt tijdens een stapavond vaak in het drankje van het slachtoffer gedaan. 

Hoe weet je of je gedrogeerd bent? ‘Een lage dosering geeft een ontspannen en rustig gevoel, plus een soort roes die vergelijkbaar is met alcohol,’ zegt Rob Otten, verslavingsdeskundige bij Verslavingszorg Noord-Nederland (VNN). ‘Bij een hoge dosering ga je je gedragen alsof je aangeschoten of dronken bent. Dat ligt erg dicht bij een overdosering, waarbij je in slaap valt.’ Verwarring, duizeligheid, misselijkheid, trillerigheid, vermoeidheid en seksuele opwinding zijn ook symptomen van GHB.

GHB is erg zout, dus in hoge doseringen zou je het middel kunnen proeven. Maar, zegt Otten, ‘als je al veel alcohol op hebt, is ook je smaakvermogen verdoofd.’ In combinatie met alcohol kan GHB er dubbel zo hard inhakken, vertelt hij. Maar ‘als je na een overdosering in slaap valt en de volgende ochtend wakker wordt, heb je bij GHB geen kater’, aldus Otten.

Twijfel

Omdat de symptomen zo sterk lijken op die van alcohol, kan de twijfel toeslaan: viel mijn drankje gewoon verkeerd, of heeft iemand er iets in gedaan? Van de respondenten bleek 67 procent niet of nauwelijks bekend met deze symptomen. Ook van de studenten die dachten dat ze het wel door zouden hebben als ze gedrogeerd zouden zijn (37 procent) kende twee derde geen symptomen, of maar enkele. Daarnaast vermoedden twaalf respondenten nadat ze over de symptomen hadden gelezen alsnog dat ze wel eens gedrogeerd waren, terwijl acht van de twaalf respondenten die het eerst vermoedden, nu hun antwoord introkken. 

Vier procent van de respondenten zegt ook nog steeds niet zeker te weten of ze gedrogeerd zijn geweest. ‘Ik werd ineens onwel en het werd zwart voor mijn ogen, toen viel ik op de grond. Dat terwijl ik maar twee drankjes op had’, vertelt een respondent. ‘Ik had wel gedronken, maar niet zoveel dat ik me niks meer kan herinneren van die avond’, zegt een ander. 

Laura voelde zich op die bewuste avond niet lekker, op een heel onnatuurlijke manier, vertelt ze. Ze vergelijkt het met het gevoel van narcose voor een operatie – iets wat ze meermaals heeft meegemaakt. ‘Het was echt meer dan alcohol. Je komt in een soort waas, alsof je niet meer op de wereld bent. Mijn lichaam was helemaal weg, maar mijn hoofd was er nog.’  

Aangifte

Als zij en Amy ’s ochtends het huis uit zijn gevlucht, bellen ze een taxi. Verdwaasd laten ze zich naar het dichtstbijzijnde station rijden. Nadat ze zijn uitgestapt, beginnen ze allebei keihard te huilen: wat is hen vannacht overkomen? Ze besluiten die maandag meteen aangifte te doen. 

Amy heeft die dag school, dus moet Laura alleen gaan. Eigenlijk vindt ze dat wel fijn, dan kan ze vrijuit praten. Maar het gesprek met de politieagenten brengt haar alleen maar verder in de war. Ze heeft zoveel gaten in haar geheugen dat ze niet duidelijk kan vertellen wat er nou gebeurd is. Bewijs heeft ze niet. Er was ook alcohol in het spel, dus concludeert de politie dat ze niets voor haar kunnen doen. Ontmoedigd, vol schaamte en twijfel gaat ze weer naar huis. Haar familie vertelt ze niets. 

Mijn vrienden deden alsof ik gewoon te veel had gedronken

Die stap zetten om naar de politie te gaan is heel moeilijk, zien ze ook bij het Centrum Seksueel Geweld (CSG) in Groningen, dat coördineert tussen de zedenpolitie en huisartsen om slachtoffers de juiste hulp te bieden. ‘Wij merken dat mensen die in het uitgaansleven met middelen te maken krijgen vaak niet naar de politie gaan’, zegt Peter Strijbosch. Toen UKrant hem sprak was hij procescoördinator bij CSG, inmiddels is hij daar weg. ‘Ze hebben het idee dat ze het zelf in de hand hebben gewerkt. Dan denken ze dat ze zelf niet zo veel hadden moeten drinken.’ 

Daardoor heeft het CSG veel van de slachtoffers niet in beeld, denkt hij. Toch komt er bijna wekelijks wel een melding binnen van drogering, en daar lijkt volgens Strijbosch groei in te zitten. 

Geseponeerd

Het CSG vindt dat de juridische lat voor slachtoffers veel te hoog ligt en herkent dat de politie slachtoffers ontmoedigt om aangifte te doen als ze denken dat de zaak toch geseponeerd zal worden. Als het slachtoffer bijvoorbeeld zelf meegegaan is, of als er drank in het spel was. ‘Dan gaat het om het woord van de een tegen dat van de ander’, zegt Strijbosch. 

Laura had graag gewild dat ze meer details had kunnen vertellen toen ze aangifte deed. De jongen die haar gedrogeerd heeft, is er nu mee weggekomen. Daarom heeft het CSG juist de insteek om mensen te ‘ontschuldigen’ en gaan ze anders te werk dan de politie. ‘Als een slachtoffer zich slachtoffer voelt, zijn ze dat ook voor ons’, zegt Strijbosch. Fetzen de Groot, de huidige procescoördinator bij CSG, beaamt dat. ‘Mensen hebben zelf al veel twijfel, dus wij geloven ze onvoorwaardelijk’. 

Een respondent beschrijft dat ze heeft weggestopt dat ze gedrogeerd was, omdat ze merkte dat mensen haar verhaal niet serieus namen. ‘Mijn vrienden deden alsof ik gewoon te veel had gedronken, en ik wilde er verder niet meer over nadenken, dus ik duwde het weg. Nog steeds. Het is nu alsof het nooit is gebeurd. Ik vertel het verhaal wel eens, maar het voelt dan alsof ik het niet heb meegemaakt.’ 

Ruzie

Het verzwijgen van haar ervaring was ook niet makkelijk voor Laura. ‘Ik was echt een monster’, zegt ze. Ze kon niet meer genieten van dingen waar ze normaal gesproken plezier uit haalde. ‘Ik snauwde iedereen af en kon niets meer hebben’. Als haar vader een grapje uithaalde moest ze direct huilen en ze had aan de lopende band ruzie met haar ouders en haar zus, die niet begrepen waarom ze zich zo gedroeg. Tot er een knop om ging. Het kon zo niet langer. Ze vertelde het eerst aan haar zus, en die vertelde het aan hun ouders.

Ik snauwde iedereen af en kon niets meer hebben

Laura was bang geweest dat haar ouders boos op haar zouden worden, en in eerste instantie werd die angst waarheid. ‘Waarom moet jou dat nou overkomen?’ vroegen ze haar. Het klonk als een verwijt. Haar ouders stelden hele persoonlijke vragen over wat er gebeurd was en lieten haar nog meer twijfelen. Van haar moeder moest ze meteen in therapie. Nu praten ze er niet meer over. ‘We weten allemaal dat het is gebeurd, maar het is wel goed zo.’  

Praten

Toch weet Laura dat het heel belangrijk is om erover te praten: juist dat heeft haar over haar trauma heen geholpen. Zij kon terecht bij goede vrienden en bij een therapeut. ‘Práát erover. Anders zit je jezelf alleen maar op te vreten.’ Ook Daniels onderstreept dat het kan helpen bij het verwerkingsproces om je ervaringen te delen. ‘Laat de gevoelens op hun beloop.’ 

Laura kan er nu rustig over vertellen, maar daar is een lange weg aan vooraf gegaan. De gebeurtenis zal ook voor altijd zijn sporen bij haar nalaten, vertelt ze. ‘Ik dacht altijd dat zoiets mij niet zou overkomen, maar inmiddels weet ik wel beter.’ 

Met jongens is ze nog steeds afstandelijk en drinken doet ze niet meer. ‘Dat is wel goed zo, dan ben ik in ieder geval op mijn hoede.’ Maar de mensen die het slachtoffer de schuld geven, die zeggen ‘had je drankje maar niet open en bloot moeten laten staan’, die hebben het mis, benadrukt Laura. ‘Zo werkt het helemaal niet. Ze doen het gewoon met voorbedachten rade. Ze weten echt wat ze doen, dat is zo gevaarlijk.’

Heb je een ongewenste seksuele ervaring gehad? Heb je direct hulp nodig, twijfel je of heb je vragen? Je kunt 24/7 gratis bellen of chatten met het Centrum Seksueel Geweld: 0800 0188.

*De namen Laura en Amy zijn gefingeerd. Hun echte namen zijn bekend bij de redactie.

In een eerdere versie van dit artikel werden studentenverenigingen Vindicat en Albertus genoemd als plaatsen waar studenten gedrogeerd werden. De verenigingen doken beide echter maar éénmaal op. De redactie heeft daarom besloten ze uit de tekst te schrappen.

Verantwoording

Het onderzoek is uitgevoerd kort voor de kroegen en clubs in maart moesten sluiten vanwege de coronacrisis. 

Een papieren enquête die op straat is uitgedeeld leverde 293 respondenten op. Daarnaast is dezelfde vragenlijst online verspreid via de Facebook- en Instagrampagina’s van UKrant. Hierop kwamen 81 reacties. Een aparte poll op Instagram had 262 reacties. De totale steekproef bestond uit 636 Groningers. We hebben niet kunnen controleren of mensen de enquête meerdere keren hebben ingevuld.

Meer dan 90 procent van de respondenten gaf aan student aan de RUG te zijn, maar de enquête is ook ingevuld door studenten en medewerkers van de Hanzehogeschool. 

De papieren en online versies van de enquête en de poll leverden grotendeels vergelijkbare resultaten op, met één uitzondering: op de vraag of de respondent zelf wel eens gedrogeerd is, antwoordde 9,5 procent van de mensen die de Instagram-poll invulden bevestigend en 16 procent van de mensen die de enquête online invulden, tegenover 3,1 procent van de papieren respondenten. \

Wij houden hier rekening met een participation bias, omdat online respondenten vaak vrijwillig reageren juist omdat zij iets meegemaakt hebben. Aangezien de papieren enquête de grootste willekeurige steekproef van studenten heeft opgeleverd, baseren wij ons grotendeels op deze resultaten.

English