Studenten

Beveiliger als bijbaan

Alleen tussen de servers

Twee brandalarmen, drie deuralarmen en dan vriendelijk blijven aan de balie. Het vraagt soms wat van je: werken als beveiliger in een datacenter. Om van de nachtshifts nog maar niet te spreken. Voor studenten Alexander Meijer en Iris Venhuis is het toch de perfecte bijbaan.
Door Matthijs Nieuwenhuijse

‘Als ze nu aan springen, ben ik gewoon doof’, denkt hij wel eens tijdens zijn nachtronde langs de gigantische noodgeneratoren. Student Alexander Meijer (20) is beveiliger van een datacenter in de buurt van Groningen. ‘Soms springt er automatisch een drukpomp voor autobanden aan; schrik ik me helemaal kapot.’

Fysiotherapiestudent Meijer (Hanzehogeschool) werkt voor beveiligingsbedrijf Workrate op een datacenter in Groningen. Het datacenter wordt 24/7 afwisselend bemand door 35 databeveiligers. Op een na allemaal studenten. Die zijn flexibel en hebben over het algemeen een minder strak dag- en nachtritme. Ideaal voor het beveiligingswezen.

De beveiligers doorlopen alle ruimtes in het complex. Een etmaal is ingedeeld in drie shifts: van zeven tot drie, van drie tot elf en van elf tot zeven uur. Tijdens de eerste shift loopt de beveiliger één ronde. En tijdens de laatste shift twee rondes. ‘Als er iets is – lekkage, storing – meld je dat eerst aan de sitemanager’, zegt beveiliger Meijer. ‘Dan pas mag je handelen.’

Oren en ogen

Een belangrijk aspect van de beveiligersbaan is precies werken volgens de instructies. Als beveiliger neem je waar. Je bent de oren en ogen, niet het hoofd. ‘En zeker niet de handjes’, vult Meijer aan. Het is dus geen baan voor warrige of eigenwijze creatievelingen.

Servers, data, IT, noodstroom: het lijkt vooral een baan waartoe mannen zich aangetrokken voelen. ‘Dat beeld klopt wel een beetje’, geeft Meijers collega Iris Venhuis (25) toe. ‘Het is een mannenwereld. De medewerkers van het datacenter zijn allemaal man en ook de klanten zijn negen van de tien keer man.’

Toch is Venhuis, masterstudent klinische en forensische psychologie, ruim twee jaar beveiliger geweest en heeft ze onlangs haar laatste shift gehad. Nu zij weggaat blijven er drie vrouwelijke databeveiligers over.

Met ICT’ers is het gewoon hilarisch af en toe. Heel leuke mensen met een apart soort humor

Venhuis viel niet zozeer voor het beveiligerswerk zelf. Eerder voor het gastvrij ontvangen van de klanten aan de balie. ‘Met ICT’ers is het gewoon hilarisch af en toe. Heel leuke mensen met een apart soort humor.’ En worden de heren techneuten misschien een beetje ongemakkelijk van een blonde dame achter de balie? ‘Valt mee. Sommigen maken wat meer grapjes, maar nooit ongepaste.’

Vijf alarmen tegelijk

Het baliewerk is een afwisseling tussen een hele tijd niets en dan opeens dertig dingen tegelijk moeten doen. Zowel Venhuis als Meijer heeft geen prettige herinneringen aan de inwerkperiode. ‘Bij mijn tweede shift gingen er twee brandalarmen af, drie deuralarmen en tegelijkertijd stonden er nog vier mensen aan de balie’, vertelt Meijer. Gelukkig zit er de eerste drie shifts een ervaren beveiliger bij.

‘Mijn eerste shift was de vreselijkste die ik ooit heb meegemaakt,’ zegt Venhuis. ‘Alles wat mis kon gaan, ging mis. Alarmen gingen af, er stonden mensen bij de poort die niet waren aangemeld, er waren mensen die weg wilden. Allemaal tegelijkertijd. Ik leerde er meteen door prioriteren, dat wel.’

Voor het ‘prioriteren’ ontwikkel je gevoel naarmate je het vaker doet. En ook hier geldt: alles volgens het boekje. Een alarm bijvoorbeeld gaat voor, weet ook Meijer: ‘Er kunnen twintig man voor de balie staan, maar als er een alarm afgaat heeft dat de prioriteit.’

Simpelheid

Venhuis vindt het werk in principe simpel: alles stapsgewijs afgaan en melden wat je moet melden, ook als het makkelijk lijkt op te lossen. ‘De moeilijkheid zit hem meer in het blijven volgen van de simpelheid. Dat is de uitdaging.’

Naast het serieuze beveiligersbestaan is er ook tijd voor gezelligheid. Geregeld zijn er feestjes, borrels en uitjes met het beveiligersteam. Omdat het een jonge groep is, is iedereen daar wel voor te porren.

Ik zal niet zeggen dat ik het prettig vind om alleen een ronde te lopen

En de nadelen? ‘Ik vind de nachtshift zwaar’, zegt Meijer. ‘Er gebeurt dan niet zo veel en je nachtritme krijgt een klap.’ Bang is hij niet ‘s nachts, verzekert Meijer. ‘Ik zal niet zeggen dat ik het prettig vind om alleen een ronde te lopen, maar het is niet dat ik bang ben.’

Vrouwen mogen vanwege de personeelsveiligheid geen nachtshifts doen. ‘Voor mij zeker een voordeel, ik heb mijn slaap echt nodig’, zegt Venhuis, die moeite heeft met het vroege opstaan voor de ochtendshift. Toch heeft het iets kroms, omdat een nachtshift wel meer betaalt. Maar volgens Venhuis moet de eerste vrouw die graag een nachtshift wil nog verschijnen.

Lang alleen

Venhuis vindt het vooral jammer dat je lang alleen zit. ‘Het is een gezellige groep mensen, het zou leuker zijn als je er bijvoorbeeld met z’n tweeën zit.’

Voor sommige beveiligers blijft het niet bij een bijbaan. Jorden Kofman (26) is na zijn beveiligerswerk doorgestroomd naar Zentrys. ‘Ze bleken daar nog iemand te zoeken, dat leek me wel wat.’ Inmiddels werkt hij fulltime voor Zentrys op het datacenter in Groningen. In de avonduren studeert hij Civiele Techniek aan de Hanze.

‘Het kan een vervolgstap zijn na een technische studie’, licht sitemanager Erik van Egmond (34) toe. ‘Er is niet zoiets als een datacenteropleiding, het is echt een niche. Maar er is wel veel vraag naar medewerkers door de snel groeiende datacentermarkt’, aldus van Egmond. ‘Op dat vlak kunnen we kijken wat we voor elkaar kunnen betekenen, zeg maar.’

Venhuis en Meijer houden het graag bij de bijbaan. ‘Ik zie mezelf met mijn studie fysiotherapie niet echt de datawereld ingaan’, zegt Meijer. Ook Venhuis kiest liever voor een studiegerelateerd beroep. ‘Maar misschien een hr-functie bij een databedrijf. Dat sluit ik niet uit.’

Het datahotel

Het centrum waar meerdere bedrijven hun data opslaan is eigenlijk een ‘datahotel’, legt sitemanager Erik van Egmond (34) uit. ‘Ieder bedrijf heeft hier z’n eigen kamer met servers. Anderen kunnen er niet in.’

Van Egmond werkt voor Zentrys: een extern bedrijf dat het operationele management voor meerdere datacenters verzorgt en de beveiligers aanstuurt.

Alles in het datahotel is top secret, er geldt een strikt protocol. Daarom is het voor Ukrant.nl niet mogelijk om een dagje (of nachtje) met een beveiliger mee te lopen. Een rondleiding op afspraak mag wel.

Het gebouw is omheind door een hoog hek van stroomdraad. Bezoekers – meestal IT’ers die aan de servers komen sleutelen – melden zich bij de intercompoort. Daar ligt de eerste taak van de beveiliger: checken of de bezoeker staat ‘aangemeld’. Niet aangemeld betekent namelijk: niet naar binnen. Na legitimatie krijgt de bezoeker een pas en mag hij zijn serversuite betreden.

Het complex is groot en heeft iets weg van een fabriek. ‘Voor de oppervlakte die we aan servers hebben, heb je dezelfde oppervlakte nodig aan ondersteuning zoals koeling en noodstroom’, legt Van Egmond uit.

Twee hallen ter grootte van een forse sportzaal zorgen voor de koeling van de servers en voor noodstroomvoeding. In een derde hal staan de noodgeneratoren. ‘We hebben genoeg diesel in huis om het hier 24 uur draaiende te houden, mocht dat nodig zijn’, vertelt Van Egmond.

English