Universiteit

Commissies vragen teveel van vrouwen

Meer vrouwen, meer werkdruk

Om meer vrouwen te krijgen op hoge posities, moet je meer vrouwen in benoemingscommissies plaatsen. Mooi plan. Maar nu dreigen de vrouwen díe er zijn, overbelast te raken.
Door Anne Floor Lanting

Waarom moeten die vrouwen in een BAC?

Leden van een sollicitatiecommissie kiezen vaak voor een kandidaat die op hen lijkt, constateerde hoogleraar gender en diversiteit aan de Radboud Universiteit Marieke van den Brink. Zij bestudeerde de werving en selectie van hoogleraren aan Nederlandse universiteiten tussen 1999 en 2005.

Commissies met meer vrouwelijke hoogleraren benoemden vaker vrouwen. Maar in in 44 procent van de commissies zaten enkel mannen.

Dat komt omdat commissieleden mensen zoeken die ze kennen en vertrouwen. Ze zoeken daardoor vooral binnen hun eigen homogene netwerk zoeken. Daarmee is de kans groot dat er kandidaten buiten deze netwerken over het hoofd worden gezien.

Het is een lastig dilemma: eigenlijk wil de RUG in elke benoemingsadviescommissie (BAC) voor een nieuwe hoogleraar minstens twee vrouwen. Dat maakt de kans groter dat er een vrouw wordt aangenomen. En dat is belangrijk, want nog altijd blijft het aantal vrouwelijke hoogleraren aan de RUG steken op 19 procent. In 2020 moeten dat al 27 procent zijn.

Maar waar haal je de vrouwen vandaan die in die commissies gaan zitten? Juist binnen de faculteiten waar het aantal vrouwen nog fors mag groeien, worden keer op keer dezelfde vrouwen gevraagd. En het is nogal een klus, zo’n BAC.

De Faculty of Science and Engineering (FSE) is een van die faculteiten die met het probleem worstelen. ‘Ik word heel erg vaak gevraagd voor zo’n commissie. Binnen mijn instituut ben ik namelijk de enige vrouwelijke hoogleraar’, zegt hoogleraar moleculaire celbiologie Ida van der Klei. ‘Maar als ik het niet doe, dan moeten ze iemand van een ander instituut vragen. Dat is lastig.’

‘Met het huidige aantal openstaande posities binnen FSE moeten we blij zijn als het überhaupt lukt om een vrouw in alle BAC’s te krijgen’, doet Petra Rudolf, hoogleraar experimentele vaste stof fysica, er nog een schepje bovenop.

Vrouwen interesseren

Komt bij dat je ook nog alle zeilen bij moet zetten om vrouwelijke kandidaten te interesseren voor zo’n functie. Juist omdat er minder van zijn. ‘Dit is niet makkelijk. Als je een minder grote poule hebt, moet je harder werken om ze te bereiken. Ze zijn gewoon schaarser, zo simpel is het’, zegt Rudolf.

Toch vindt het tweetal het de investering zeker waard. ‘Het gaat meestal over posities binnen je eigen instituut en dus over je toekomstige collega’s. Ik ben sowieso geïnteresseerd om daar bij betrokken te worden’, zegt Van der Klei.

Het is een offer dat de huidige vrouwen moeten brengen

De aanpak lijkt te werken. Het aantal vrouwelijke hoogleraren binnen FSE en de RUG als geheel is immers gegroeid, door dit soort maatregelen, maar ook door het Rosalind Franklin programma, dat erop gericht is vrouwelijke wetenschappers binnen te halen. ‘Toen ik vijftien jaar geleden werd benoemd tot hoogleraar, was ik de derde vrouw in heel Nederland op een leerstoel natuurkunde. Nu zijn er alleen in Groningen al zes’, zegt Rudolf.

Bovendien: hoe anders moet de ondervertegenwoordiging van vrouwen worden bestreden? ‘Het is een offer dat de huidige vrouwen moeten brengen. Als het doel is om meer vrouwelijke hoogleraren aan de universiteit te krijgen, dan moet iemand daar iets voor inleveren’, stelt raadslid en hoogleraar astrofysica Mariano Mendéz tijdens een vergadering van de faculteitsraad.

Maar dat neemt niet weg dat overbelasting op de loer ligt, constateerde diezelfde raad. ‘Constant een beroep doen op vrouwelijke hoogleraren; wees daar voorzichtig mee’, pleitte oud-voorzitter Marc van der Maarel daarom.

Drie werkdagen

Een gemiddelde BAC kost ongeveer drie werkdagen, schat Van der Klei. Zitting nemen in de Rosalind Franklin Commissie veel meer. ‘Daar gaat het om veel meer kandidaten uit verschillende vakgebieden. Vorig jaar was ik er wel zo’n twee weken mee zoet.’ En dat komt bovenop de reguliere taken als het schrijven van aanvragen, runnen van het lab en het doen van eigen onderzoek. Toch wil Van der Klei niet klagen. ‘Het hoort bij mijn takenpakket’, zegt ze.

Maar daar denkt Laura Spierdijk, hoogleraar econometrie bij de Faculteit Economie en Bedrijfskunde (FEB), heel anders over. Toen ze in 2006 aan de RUG kwam werken, werd ze voor vrijwel alle BAC’s gevraagd. ‘Er waren toen bijna geen andere vrouwelijke collega’s. Hier heb ik toen weleens over geklaagd, want het kost je onwijs veel tijd.’

Irene Burgers, als hoogleraar fiscale economie werkzaam binnen FEB en rechten, herkent dit. ‘We hebben het altijd druk. Als je een plek in een BAC accepteert, betekent het dat je eigen schrijfwerk en het begeleiden van promovendi tijdelijk een beetje verdrukt worden.’

Sinds een jaar of vijf zijn er gelukkig meer vrouwelijke collega’s om taken mee te delen, maar de werkdruk blijft hoog. Spierdijk kreeg in 2012 een VIDI-beurs van onderzoeksfinancier NWO. Sindsdien wordt ze regelmatig gevraagd voor de beoordelingscommissie die de beurzen uitdeelt. Want ook daarbij is evenredige verdeling belangrijk.

Na drie keer heb ik gezegd: nu is het welletjes

‘Na drie keer heb ik gezegd: nu is het welletjes. Dat is namelijk pas echt veel werk. Als je daarnaast binnen je eigen universiteit nog verschillende BAC’s hebt, kom je niet meer aan gewoon werken toe’, zegt de hoogleraar econometrie.

Oplossing

De oplossing? Vraag vrouwelijke hoogleraren alleen voor commissies waar je echt een hoogleraar voor nodig hebt. ‘Er zijn ook benoemingscommissies voor universitair hoofddocenten en universitair docenten. Vraag daar ander UHD’s en UD’s voor’, oppert hoogleraar levenswetenschappen Ingrid Molema.

Verder kun je commissieleden tijdelijk ontzien bij andere taken. ‘Universitaire medewerkers zeggen niet snel nee’, weet Van der Maarel. ‘Neem hen tegen zichzelf in bescherming door het mogelijk te maken andere activiteiten tijdelijk op een lager pitje te zetten.’

‘Je zou bijvoorbeeld kunnen zeggen: als jij dit jaar twee keer in een serieuze BAC moet zitten, hoef je een bepaald college, werkcollege of andere commissie niet te doen’, beaamt Molema.

Maar Spierdijk betwijfelt of dit binnen FEB mogelijk is. Ze vreest dat er geen ruimte of tijd is door de krappe bezetting. ‘Op deze faculteit zijn veel mensen al overbelast; die kunnen niet zomaar colleges van een collega overnemen.’

En het is ook niet allemaal ellende. Commissiewerk brengt je in contact met collega’s, contacten die je weer kunt inzetten als je op zoek bent naar leden voor promotiecommissies, of het samen doen van onderzoek.

Niettemin willen vrouwen liever benaderd worden vanwege hun expertise, dan vanwege hun geslacht. Hoogleraar demografie Clara Mulder: ‘Af en toe gebeurt het dat er staat: je wordt gevraagd als vrouwelijke hoogleraar. Kom op zeg, dat vind ik dus echt niet kunnen.’

Maar die onhandigheid neemt ze voor lief. ‘In een BAC zitten is een heel nuttige ervaring en het is hartstikke leuk om te doen. Het is dus ook weer een voordeel dat je daar als vrouw iets sneller voor wordt gevraagd.’

 

English