Studenten

Liever lijden dan dokken

Jaren niet naar de tandarts. Of rondlopen met pijn. Als je student bent en het niet breed hebt, zijn zorgkosten soms onoverkomelijke bedragen. Het gevolg: studenten blijven met onbehandelde klachten zitten. ‘Het doet wel pijn, maar niet zoveel dat ik er honderden euro’s voor overheb.’
Door Thereza Langeler

Veel studenten verzekeren zich zo basaal en goedkoop mogelijk.

Dat pakt vaak prima uit, want jonge gezonde mensen hebben relatief weinig zorg nodig. Maar als ze toch iets moeten, betalen ze de hoofdprijs.

Dat leidt tot mijd- en uitstelgedrag. Studenten verzuimen bijvoorbeeld de periodieke controle van hun gebit. Ook blijven ze met gaatjes rondlopen.

Voor anderen vormt het verplichte eigen risico zo’n hoge drempel dat ze zich niet laten opereren.

Cisca loopt bijvoorbeeld al drie jaar met een gescheurde kruisband. Ze wacht met de operatie tot haar opleiding klaar is en ze inkomen heeft.

Er bestaan goedkope alternatieven voor dure zorg, waardoor je je kosten kunt drukken. Therapie bij een psycholoog moet je bijvoorbeeld betalen, maar bij een sociaal psychiatrisch verpleegkundige (SPV’er) is het gratis. Maar wees voorzichtig: goedkoop is soms duurkoop.

Leestijd: 7 minuten (1544 woorden)

Een week of vijf geleden begonnen ze door te komen, Eva’s verstandskiezen. Vier stuks: boven en onder, links en rechts. En ze laten zich voelen. ‘Het is een beetje alsof ik weer een beugel heb, maar dan één die de verkeerde kant op duwt.’ Ze moet er pijnstillers voor slikken.

Eigenlijk wilde haar tandarts haar direct doorverwijzen naar het ziekenhuis, maar Eva, die nog studeert, heeft een verzekering met een maximaal eigen risico. Voor vier getrokken kiezen bij de kaakchirurg zou ze bijna zevenhonderd euro neer moeten tellen. En dat heeft ze niet zomaar liggen.

Hoofdprijs

Veel studenten verzekeren zich zoals Eva: een basispakket, met het vrijwillige eigen risico zo hoog mogelijk, zodat de maandelijkse premie zo laag mogelijk is. Het is een gok die vaak prima uitpakt, als je jong en gezond bent en weinig zorg nodig hebt. Tot er onverhoopt wél iets met je aan de hand is, en je de hoofdprijs moet betalen voor een behandeling.

Eva laat haar verstandskiezen zitten tot het nieuwe jaar, zodat ze haar eigen risico naar beneden kan bijstellen. In de tussentijd hoopt ze dat de kiezen niet gaan ontsteken. ‘Het doet wel pijn’, zegt ze, ‘maar niet zoveel dat ik er honderden euro’s voor overheb.’

Laura Verburgt, tandarts bij Studentist, merkt dat studenten erg bezig zijn met de kosten van een behandeling. ‘Ze zitten er meer dan ooit bovenop. Begrijpelijk, natuurlijk, want hun leven is duur genoeg.’ Studentist is speciaal op studenten gericht en houdt zoveel mogelijk rekening met hun financiële situatie. ‘We sturen bijvoorbeeld altijd een behandelplan met de kosten, al gaat het maar om vijftien euro. Dan weten ze waar ze aan toe zijn.’

De gemiddelde student zoekt pas tweeënhalf jaar na inschrijving bij de universiteit de tandarts op, en heeft dan dus zo’n vijf controles gemist. Dat blijft niet zonder gevolgen, maar Verburgts patiënten hebben vaak weinig haast om er iets aan te doen. ‘Ze stellen behandelingen vaak uit, ja. Ook het vullen van gaatjes. Terwijl dat nare complicaties kan opleveren. Het is echt het beste om geregeld op controle te komen en je gewoon te verzekeren. Al was het maar omdat je nooit weet wanneer je van je fiets valt en je tanden breekt.’

Opeens omvallen

Een ongeluk zit nu eenmaal in een klein hoekje, hoe jong en gezond je ook bent. Dat ondervond ook Cisca, en voor haar zijn de consequenties zwaarder dan een paar zere tanden.

‘Het gebeurde bijna drie jaar geleden, tijdens een dramales’, vertelt ze. ‘Ik wilde weg hinkelen, maar mijn tegenspeler had zijn hand om mijn enkel en trok aan mijn been.’ Ze kwam zo ongelukkig terecht dat ze niet meer kon lopen. Een MRI-scan wees uit dat haar voorste kruisband kapot was. ‘De huisarts adviseerde om eerst drie maanden fysiotherapie te volgen. Als het dan niet beter was, zou ik ook nog geopereerd moeten worden.’

Hij had haar net zo goed kunnen adviseren om haar kapotte knie weer heel te toveren. Cisca, die een opleiding persoonlijk begeleider gehandicaptenzorg volgt, heeft alleen een basisverzekering. De eerste twintig behandelingen fysiotherapie zouden uit haar eigen zak moeten komen, bij elkaar zo’n achthonderd euro. En de eventuele operatie gaat van haar eigen risico af. Cisca’s moeder zit in de schuldhulp en het inkomen van haar vriend gaat op aan de vaste lasten. Er is gewoon geen geld.

Cisca kan lopen, maar ze wordt snel moe. Soms valt ze zomaar ineens om. Traplopen gaat langzaam en rennen kan ze maar een klein eindje. Ze probeert een beetje te sporten om haar beenspieren wat te versterken, en om haar gewicht enigszins onder controle te houden – ze kwam sinds het ongeluk twintig kilo aan. Ze hoopt nog dit jaar haar opleiding af te ronden en werk te vinden. Dan heeft ze wat meer inkomen en kan ze wel bij het ziekenhuis aankloppen.

Goedkopere soa-tests

‘Ik zou haar denk ik toch aanraden om gewoon die operatie te ondergaan’, zegt huisarts J.J. Stam. ‘Het is zo zonde om ermee te blijven rondlopen, zeker als je nog jong bent.’ Maar, zo nuanceert hij: ‘Ik kan natuurlijk niet in haar portemonnee kijken, het blijft haar eigen keus.’

Stam ziet veel studenten in zijn praktijk aan de Ossenmarkt. Dat zij op de kosten letten, merkt hij vooral als ze voor een soa-test komen. ‘Vaak willen ze een test voor alle geslachtsziektes. Prima natuurlijk, maar dat kost inclusief alle bloedtests zomaar honderdvijftig, honderdtachtig euro. Dan houden ze het toch maar bij alleen een chlamydiatest.’

Ali Louwenaar, die een praktijk heeft in de Oosterparkwijk, merkt hetzelfde. ‘Ze vragen wel eens direct om een kuur, in plaats van eerst een kweek, want die antibiotica kosten een stuk minder dan het testen.’ Leuk bedacht, maar het heeft geen zin, benadrukt Louwenaar. ‘Ik ben een huisarts, geen winkel. Ik kan nou eenmaal niet iets behandelen zonder dat ik weet wat het is.’

Stam is overgestapt naar een ander – goedkoper – laboratorium voor soa-tests. ‘Ik hoorde zó vaak: “Goh, dokter, honderdtwintig euro voor een testje, is dat niet wat veel?” Toen ben ik het maar eens gaan uitzoeken en heb ik een lab gevonden dat het een stuk goedkoper deed. Zo probeer ik m’n studenten dan toch een beetje te helpen in de kosten.’

Aanleg voor somberheid

Je kunt overigens ook als patiënt op allerlei manieren je zorgkosten drukken, zonder dat je van behandeling hoeft af te zien. Suzanne krijgt sinds februari psychische hulp, niet van een psycholoog, maar van een sociaal-psychiatrisch verpleegkundige (SPV’er). Omdat die is aangesloten bij een huisartsenpraktijk, geldt de tijd die Suzanne er doorbrengt als huisartsenbezoek. En dus hoeft ze er niets voor te betalen.

De hoge werkdruk op Suzannes studie en ‘aanleg voor somberheid’ zorgden ervoor dat ze het niet meer kon opbrengen om ’s morgens haar bed uit te komen. ‘Zo kende ik mezelf helemaal niet, dus ben ik naar de huisarts gegaan. Hij noemde de SPV’er als optie.’

Een SPV’er is geschoold als verpleegkundige en gespecialiseerd in gespreksondersteuning voor mensen met psychische klachten. ‘We hebben het over waar ik tegenaan loop, en hoe ik ermee om kan gaan’, vertelt Suzanne. ‘Ik zag mijn masterscriptie eerst bijvoorbeeld als een berg werk die ik nooit aan zou kunnen. De verpleegkundige geeft me tips die me helpen om het toch gedaan te krijgen.’

Het gaat een stuk beter met Suzanne en binnenkort heeft ze haar laatste behandeling. ‘Het heeft me heel erg geholpen. Het was alsof ik een spiegel voorgehouden kreeg.’ Maar niet alle goedkope alternatieven voor dure zorg pakken goed uit.

Tandartsen-in-opleiding

Finn studeert in Groningen, maar stond nog thuis-thuis ingeschreven bij een tandarts. Toen hij het toch tijd vond worden voor een tandarts in Groningen, viel zijn oog op het UMCG. ‘Je kan je daar goedkoop laten behandelen door tandheelkundestudenten, en dat leek me wel een goed idee om de kosten te drukken.’

Voor het vullen van een gaatje heeft Finn meer dan een uur in de stoel gelegen. Een veeg teken, net als het feit dat hij destijds maar één docent zag rondlopen in de zaal, terwijl er negen mensen tegelijk behandeld werden. ‘Die docent hield in de gaten hoe de studenten het deden, maar hij moest dus alle kanten op lopen. Hij kon het eigenlijk helemaal niet in z’n eentje af.’ Finn bleef last hebben van zijn gevulde gaatje, zoveel dat hij uiteindelijk maar terugging naar de tandarts thuis-thuis. ‘Die zei: “O, ik zie het al”, en had het in tien minuten verholpen.’ Maar hij kostte wel aanzienlijk meer geld dan de tandartsen-in-opleiding in het UMCG.

Voor niets gaat de zon op. Al zouden studenten het graag anders zien, volgens huisarts J.J. Stam is er weinig aan te doen. ‘Je hoort zoveel geklaag. Dat alles gratis toegankelijk moet zijn, zonder wachttijden. En natuurlijk is het vervelend als je het niet breed hebt en dan hoge zorgkosten moet betalen. Maar zorg kost nu eenmaal geld en het perfecte systeem bestaat niet. Alles bij elkaar, en zeker in vergelijking met andere landen, hebben we het hier prima geregeld, vind ik.’

Uit privacyoverwegingen zijn de achternamen van de geïnterviewde (ex-)patiënten achterwege gelaten.

English