Studenten

Een goed geweten is niet goedkoop

Het vintage-dilemma


Kinderarbeid, CO2-uitstoot, plastic soep: wie nieuwe kleren koopt, begeeft zich in een ethisch mijnenveld. Dus kiezen veel studenten voor vintage, maar dat is niet altijd makkelijk. ‘Als kleding tweedehands duurder is dan nieuw, denk ik wel twee keer na.’

Sisi van Halsema

Door Sisi van Halsema

6 januari om 16:10 uur.
Laatst gewijzigd op 7 januari 2020
om 15:22 uur.
Sisi van Halsema

By Sisi van Halsema

januari 6 at 16:10 PM.
Last modified on januari 7, 2020
at 15:22 PM.

De mooiste stofjes en de leukste kleurtjes lachen je toe in Vintage Island, een winkel voor tweedehands kleding in de Oosterstraat. Een unieke eighties rok, een stoere leren jas, een trui met een verhaal: als je van mode houdt, voel je je hier als een kind in een snoepwinkel. Al kom je hier niet ver voor de prijs van een zak drop: aan die oude rok hangt een prijskaartje van veertig euro. 

Toch kiezen veel studenten ervoor om tweedehands kleren te dragen, want de kledingindustrie belast de planeet. Bij de productie van kleren komen broeikasgassen vrij, het kost enorm veel water en omdat synthetische stoffen worden gemaakt uit aardolie dragen ze bij aan de plastic soep. Ook niet onbelangrijk: veel kleding wordt vervaardigd door mensen die onder erbarmelijke omstandigheden werken voor weinig geld. 

‘Veertig euro voor een vintage rok lijkt misschien duur, maar een rok van twintig euro bij de H&M is helemaal geen eerlijke prijs’, legt Alexandra van der Zee uit. Ze rondde onlangs haar studie Europese talen en culturen af en runt het modeblog My Slow World. ‘De mode-industrie heeft zo’n snelheid aangenomen dat je de hele tijd nieuwe dingen koopt, terwijl die van zo’n lage kwaliteit zijn dat ze er na een paar keer dragen slecht uitzien. Dus gooi je ze maar weg en koop je weer wat anders. Zo geef je op de lange termijn eerder meer geld uit dan minder.’  

Slow fashion

Een paar jaar geleden was Alexandra nog dol op shoppen bij de grote ketens. Tot haar vriend tegen haar zei dat ze niet zoveel kleding moest kopen, omdat de industrie erg vervuilend is. ´Zo erg is het niet, dacht ik. Maar hij had toch iets getriggerd. En toen ik de documentaire The True Cost keek op Netflix, was ik om.’ 

Alexandra’s moeder groeide op in voormalig Joegoslavië en daar was tweedehands kleding een teken van armoede. Dat idee kreeg Alexandra dus ook mee. Maar nu vindt ze dat slow fashion staat voor een meer bewuste en minder gehaaste levensstijl. Het draait om meer dan alleen mode, en die boodschap wil ze met haar blog verspreiden. ‘Het tempo waarmee wij van garderobe wisselen kan alleen worden bijgehouden als mensen aan de andere kant van de wereld achttien uur per dag werken om onze kledingstukken te naaien.’ 

Het is wel raar dat tweedehands kleding in Nederland zo duur is

Vintagewinkel Recessie is op deze vrijdagmiddag gevuld met studenten die er hetzelfde over denken. De zaak stamt nog uit de tijd dat tweedehands niet hip was: in 2019 werd het 25-jarig jubileum gevierd. Student international communication Tammo Schmieta snuffelt er in een rek met overhemden. ‘Er zijn zoveel kleren op de wereld. Er is een enorme overproductie. Het is beter om spullen te kopen die al bestaan. Vooral voor het milieu.’ 

Daarnaast, zegt hij: ‘Vintage is cool. Ik draag het veel.’ Hij steekt een been uit. ‘Deze broek bijvoorbeeld heb ik uit een vintagewinkel. En deze is ook tweedehands.’ Hij wijst naar zijn jasje. ‘Het is wel raar dat het in Nederland zo duur is. Ik heb het idee dat ze de trend hier gebruiken om er winst mee te maken. In Berlijn is het goedkoper. Maar toch vind ik het prima om een beetje meer te spenderen. Een goede tweedehands jas is beter dan een nieuwe van de H&M.’

Student internationale betrekkingen Margriet Visser komt net uit de pashokjes. Ook zij houdt van vintage. Vanwege de stijl, maar ook omdat het duurzamer is. Al zegt ze eerlijk: ‘Als de kleding duurder is hier, dan dat-ie nieuw is, dan denk ik wel twee keer na.’

Verkeerde maat

Aan uitverkoop doet Recessie niet. ‘Dat kan niet uit, en het past ook niet zo bij onze winkel’ zegt eigenaar Wolter Schoorl. Desondanks is het er behoorlijk druk. Jongeren kwamen er altijd al, zegt Schoorl, maar hij ziet wel steeds meer verschillende types binnenkomen.  

‘Ik hou altijd in mijn achterhoofd dat nieuwe kleren kopen niet goed is’, zegt Juliane Glahn, die de master journalistiek doet. ‘En gezien de recente klimaatdebatten is tweedehands wel iets wat ik wil blijven proberen.’ Maar ook voor haar is de prijs van vintage kleding een obstakel, en in de goedkopere kringloopwinkels vindt ze zelden iets. ‘Meestal is het de verkeerde kleur, verkeerde maat of verkeerde stijl. Heel af en toe vind ik een leuk item, maar het is nooit genoeg om er een kledingkast mee samen te stellen.’

Af en toe vind ik iets leuks, maar nooit genoeg om een kledingkast mee te vullen 

Ze vraagt zich ook af hoeveel invloed je hebt als individu. ‘De grote bedrijven hebben natuurlijk de meeste impact. Maar ja, zolang er vraag naar is, zullen zij doorgaan met produceren. Als wij als consument laten zien dat we geïnteresseerd zijn in iets anders, volgen de bedrijven misschien.’ 

Het is een ingewikkeld dilemma voor Juliane. ‘Het klinkt mooi, dat iedereen dan van de ene op de andere dag stopt met shoppen bij grote ketens, maar het is gewoon niet haalbaar. En als vintage geen optie is vanwege de hoge prijs en tweedehands niet vanwege de tijd en moeite, waar haal ik dan mijn kleding vandaan?’ 

Alle beetjes helpen

Je moet het positief benaderen, vindt Merel Lobo, die filosofie en Europese talen en culturen studeert. Je hóeft ook helemaal niet in een keer de hele inhoud van je kledingkast uit het tweedehands circuit te halen. ‘Elke keer dat ik mijn eigen broodzakje meeneem, is dat één plastic zakje minder. Dat geldt ook voor kleding.’ 

Ze koopt veel tweedehands, maar ook wel eens iets nieuws. Sportkleding bijvoorbeeld. ‘Dat is tweedehands nauwelijks te vinden. Of schoenen of onderbroeken. Dan kun je wel denken: nu ben ik van mijn principe afgestapt, de remmen zijn los. Maar kijk naar alle keren dat je wél een nieuwe aankoop laat hangen. Anders wordt het veel te moeilijk om vol te houden.’

Minder nieuw kopen hoeft dus niet te betekenen dat je naar de hipste vintagezaken gaat. ‘Winkels als Vintage Island en Recessie zijn inderdaad erg duur’, beaamt Merel. ‘Ik koop vooral veel via Facebook, of ik doe mee aan een kledingruil.’ 

Bezigheidstherapie

Zelf richtte ze zich aanvankelijk vooral vanwege de lagere prijs op tweedehands kleding. Maar later berekende ze een keer haar ecologische voetafdruk en zag ze wat de impact was van alle nieuwe aankopen die ze deed. ‘Daarnaast was het vaak op het nieuws: we kopen veel te veel kleren. Eerst deed ik het dus voor het geld, nu ook voor het milieu.’

Dus heb je onlangs nog iets gekocht bij de Primark en voel je je daar enorm schuldig over? Niet doen, zegt Merel: dat werkt averechts. ‘Het gaat er meer om mindful bezig te zijn met je consumptiegedrag. Je verzamelt niet meer allemaal onzin in je huis en je winkelt niet meer als bezigheidstherapie.’

advertentie

 

English