Universiteit

Verhalen achter kunst op de RUG

Het schilderij dat op z'n kop hing

Je loopt er misschien wel dagelijks langs, maar zíe je de kunstwerken die verspreid over de universiteit te vinden zijn ook echt? Dit zijn de verhalen achter een aantal van de meest iconische werken.
Door Michelle Gerssen en Joas de Jong

 

De Draak

Wladimir de Vries

Locatie: Academiegebouw

In het Academiegebouw huist een draak. Waarschijnlijk is dat je nooit opgevallen, want hij zit heel goed verstopt. Als je voorbij de Geertsemazaal loopt en de trap af gaat naar de Zernikezaal, sta je oog in oog met hem. Zie je er er geen mythisch vuurspuwend reptiel in? Dat is niet zo gek: het is geen echte draak, maar een glasmozaïek van het gelijknamige Chinese sterrenbeeld.

Han Borg, voormalig voorzitter van de Kunstcommissie van de RUG, ontdekte het kunstwerk ook pas na jaren. Ergens in 1989, toen een oudere man en diens dochter hem benaderden met de vraag waar in het Academiegebouw een draak te vinden was. Die man bleek Wladimir de Vries, de kunstenaar die het werk bijna veertig jaar daarvoor gemaakt had.

‘Maar of het nou een beeld was of een mozaïek, dat wist hij ook niet meer’, grinnikt Borg. ‘We zijn toen een paar dingen wezen bekijken, maar dat was het allemaal niet.’ Pas na enig rondvragen vond Borg bij gebouwenbeheer iemand die wist welk kunstwerk De Vries zocht en waar hij het kon vinden.

Zonde, vond Borg, dat er kunstwerken zijn waar niemand meer iets van weet. Dat was voor hem de aanleiding om de Kunstcommissie op te richten. ‘Om letterlijk en figuurlijk de kunstwerken van de universiteit in beeld te brengen.’

Object in geel, rood en blauw

Siep van den Berg

Locatie: Oude Boteringestraat 34

Leuk, dacht de universiteit in 1975: we laten de Groningse modernist Siep van den Berg een wandschildering maken voor het gebouw waar de vakgroep kunstgeschiedenis zit. Maar in de jaren negentig werden er plannen gemaakt voor een grondige verbouwing. De beschilderde muur zou dan sneuvelen ten behoeve van een trappenhuis met lift. Het college van bestuur vond dat geen probleem. Toenmalig docent kunstgeschiedenis Bernhard Ridderbos wél.

‘Die muurschildering zat er al toen ik begon met mijn studie’, herinnert Ridderbos zich. ‘Ik vond het nogal schokkend dat het vernietigd zou worden. Een instituut voor kunstgeschiedenis dat een groot kunstwerk zomaar opruimt.’

Hij startte een petitie. ‘We kregen een flink aantal handtekeningen, die we aanboden aan het college. We kregen geen reactie, maar we voelden ons wel heel heldhaftig.’

Kunstenaar Van den Berg ondernam ook actie, met meer resultaat. Hij spande een rechtszaak aan tegen de universiteit. Die werd tweemaal in het gelijk gesteld, maar in hoger beroep won Van den Berg alsnog. Het ontwerp werd aangepast.

En de muur? Die staat er nog steeds. Als je de trap op loopt, heb je er continu uitzicht op – het reikt haast tot het plafond.

Boom der Kennis

Wout Muller & Matthijs Röling

Locatie: Aula van het Academiegebouw

Ben je voor een promotie of een lezing in de Aula van het Academiegebouw en dwaalt je aandacht af? Dan valt je oog waarschijnlijk al gauw op het enorme fresco achter het spreekgestoelte: een circus van figuren rondom de Boom der Kennis. Een aantal van hen probeert er in te klimmen met hulp van steigers, een verwijzing naar hoogmoed.

Er zitten nog veel meer verwijzingen in dit werk van Wout Muller en Matthijs Röling, geschilderd in 1987. Rechtsonder in de hoek staat Henk van Os afgebeeld, de opdrachtgever. Naast hem de Groningse hoogleraar Bert Röling, de vader van Matthijs. Hij zat namens Nederland in het tribunaal dat na de Tweede Wereldoorlog Japanse oorlogsmisdadigers berechtte, vandaar dat er een groepje Japanners naast hem staat.

Het peerd van Ome Loeks staat ook op het fresco, helemaal links. Hij is moeilijk te missen, want hij keert zijn achterste naar de toeschouwer. Vlak naast hem staat een figuur in een zwart gewaad. Dat is dichter Jean Pierre Rawie, een vriend van de schilders. ‘Die was ten dode opgeschreven toen het werk werd geschilderd, hij was zwaar depressief’, vertelt Han Borg. Rawie kwam er overigens weer bovenop.

Gedenkramen

Johan Dijkstra

Locatie: Aula en trappenhuis van het Academiegebouw

Wanneer je bent uitgekeken op de Boom der Kennis, hoef je je hoofd alleen maar even te draaien voor een nieuw uitzicht: drie uitbundige glas-in-loodramen. Het middelste was een cadeau van koningin Wilhelmina, die in 1914 een eredoctoraat kreeg.

Op de panelen zijn allerlei gebeurtenissen en figuren uit de geschiedenis van Groningen en de universiteit te zien. Op het rechterraam staat Aletta Jacobs afgebeeld, met naast haar Anda Kerkhoven. Anda studeerde net als Aletta geneeskunde, maar is een stuk minder bekend. Ze kwam in 1938 vanuit Batavia naar de RUG, omdat dierproeven hier niet verplicht waren.

De studie ging voorspoedig. Maar toen de oorlog begon raakte ze betrokken bij het verzet als koerierster. In 1944 werd ze opgepakt door de Sicherheitsdienst, waarna ze gemarteld werd in het beruchte Scholtenhuis. Op 25-jarige leeftijd werd ze in de buurt van Glimmen gefusilleerd, nog geen maand voor de bevrijding van Groningen.

Als je de Aula weer uitkomt, zie je in het trappenhuis Ubbo Emmius, de eerste rector magnificus van de universiteit. De gebrandschilderde ramen naast hem verbeelden godgeleerdheid, rechten, geneeskunde en filosofie: de eerste vier RUG-faculteiten. Er is ook een plekje voor Minerva, de godin van de wetenschap.

‘Die ramen werden opgeleverd toen het huidige Academiegebouw af was’, vertelt Han Borg. ‘Dat was in 1909, drie jaar nadat het vorige gebouw afgebrand was. De ramen zorgden voor veel ophef, met name onder de hoogleraren. Want wat was dít nou? Van die oude ramen in een stijl die stamde uit de Middeleeuwen? Verschrikkelijk!’

Het nieuwe Academiegebouw moest modern zijn, vernieuwend. Gebrandschilderd glas paste daar niet bij. Borg: ‘Vooral Johan Huizinga, een hoogleraar geschiedenis, wond zich er ontzettend over op.’ Zonder resultaat: honderd jaar later sieren de ramen het trappenhuis nog steeds.

Naamloos

Gerriet Postma

Locatie: Trappenhuis Universiteitsbibliotheek

In het trappenhuis van de UB trekt een kleurrijk, vijftien meter hoog schilderij de aandacht. Het is een werk van de Groningse kunstenaar Gerriet Postma, dat hij in 1997 schilderde. Het hangt er dus al ruim twintig jaar, maar het heeft niet al die tijd op dezelfde plek gehangen.

Eerst hing hier een ander abstract werk, van Ruud van der Wint. Een groot blauw paneel, dat overging in een gele bol. Het hing er al sinds 1987, maar – oeps – jarenlang op de kop. Niemand had het door. Pas toen Van der Wint zelf langskwam, merkte hij de fout op.

Het werk van Van der Wint moest in 2017 vanwege een renovatie verplaatst worden, omdat het anders pal onder een luchtverversingsinstallatie zou komen te hangen. Nu ligt het in het depot van het Groninger Museum te wachten op een nieuwe bestemming.

English