Wetenschap

Het paranormale onderzoek van Jacob Jolij

Het kán niet. En toch gebeurt het.

De allerbeste manier om wetenschappelijke zelfmoord te plegen, is het onderzoeken van paranormale verschijnselen. Telepathie bijvoorbeeld, of de toekomst ‘zien’. Toch waagt experimenteel psycholoog Jacob Jolij zich eraan. ‘Wat ik doe wordt getolereerd.’
Door Christien Boomsma

Kun jij het toeval beïnvloeden?

Jacob Jolij heeft speciaal voor UKrant een nieuw experiment opgezet. En jij kunt meedoen!

Hij wil weten wat er gebeurt als hij jullie getallen voorschotelt die worden gekozen door een random generator. Betekenen die getallen niets voor je, zoals je zou verwachten? Of is er meer aan de hand en maakt een onzichtbare kracht dat er toch betekenis opduikt?

Hier kun je meedoen! Het onderzoekje neemt ongeveer 5 minuten in beslag.

Het zou wat zijn. Als je in een casino zit en enkel en alleen door de kracht van je brein in staat bent om te zorgen dat het rouletteballetje op rood valt en niet op zwart. Als je kunt regelen dat die dobbelsteen net wat vaker uitkomt op zes.

Je zou niet alleen schatrijk worden, maar ook de natuurwetten moeten herschrijven waarop ons wereldbeeld is gebaseerd. Het kán natuurlijk niet.

En toch, om de zoveel tijd gebeuren er van die dingen die volgens alle regels van gezond verstand en statistiek onmogelijk zijn. En dat gebeurt niet alleen in de achterkamertjes van paragnosten en mentalisten. Het komt ook voor in de labs van gerenommeerde wetenschappers.

Maar wat áls dat gebeurt? Schrijf je er een artikel over en riskeer je de hoon van de academische gemeenschap? Of besluit je dat het een meetfout is en negeer je het resultaat? Voor je reputatie is de laatste optie het slimste. Maar een enkele keer – against all odds -waagt iemand zich eraan. En zo iemand is RUG-psycholoog Jacob Jolij.

Bewustzijn

Hij loopt al een tijdje mee in de wetenschap. Ooit begon hij met psychologie, omdat hij het onderwerp ‘bewustzijn’ interessant vond. Wat ís dat eigenlijk? wilde hij weten. Hoe komt het dat we denken, ervaren? ‘Ik wilde een bewuste robot maken. Zoiets als Data uit Star Trek’, zegt hij.

Maar al snel ontdekte hij dat je daar in de wetenschap de handen niet voor op elkaar kreeg. En toen hij ook nog een promotieplek kreeg in het lab van Victor Lamme, de neuropsycholoog die stelt dat vrije wil niet bestaat en dat ons ‘zijn’ niet meer is dan een optelsom van hersenprocessen, verdween die fascinatie naar de achtergrond.

Hij kreeg een onderzoeksplek aan de RUG. Hij draaide zijn experimenten, hij publiceerde. Tot zijn vrouw in 2011 ziek werd en zijn leven compleet op z’n kop stond. In een sessie bij een psycholoog – een jaartje later – ontdekte hij dat hij helemaal klaar was met het werk dat hij zo lang had gedaan. ‘Ik ben wél meer dan mijn brein’, zegt hij nu. ‘Dat is wat ik ervaar. En dat is wat ik wil onderzoeken.’

Ik ben wél meer dan mijn brein. Dat is wat ik ervaar

De vraag is alleen: hoe? Want hoewel we precies kunnen meten welke hersencellen op een bepaald moment ‘vuren’, kunnen we nooit meten welke ervaring dat oplevert. En Jolij is te veel een doorgewinterde academicus om iets anders te willen doen dan gedegen, falsifieerbaar en repliceerbaar onderzoek. Bovendien: het blijft tricky. ‘Wat ik doe, wordt getolereerd’, zegt hij. ‘Omdat ik de overige vier dagen van de week bezig ben met onderzoeksondersteuning.’

Maar toen gebeurde er iets bijzonders. Jolij had een student die een onderzoekje deed waarbij proefpersonen moesten aangeven of ze wel of niet een bepaald gezichtje gezien hadden. ‘Een toevalsgenerator bepaalde of zo’n gezichtje wel of niet verscheen. Daarnaast deed hij een ‘sanity check’ – een nulmeting vóór het gezichtje in beeld kwam. Dan was er natuurlijk niets te zien.’

Tenminste: dat zou je denken. Maar toen Jolij en zijn student de resultaten van de nulmeting goed bekeken, bleken die te voorspellen of mensen een gezichtje gíngen zien. Een tweede reeks experimenten bevestigde het resultaat. Het resultaat was klein, maar significant – 52 procent.

Een paranormaal verschijnsel? Zágen deze mensen de toekomst?

‘Nou, nee’, zegt Jolij. ‘Uiteindelijk bleek het een fout in het algoritme. Maar het triggerde iets.’

Toeval

Want toen hij zich verdiepte in vergelijkbaar onderzoek, ontdekte hij dat er vaker vreemde resultaten opduiken als er toeval in het spel is. Maar al te vaak stuit hij op wonderlijke verbanden die toch significant – en dus niet meer geheel toevallig – zijn. Jolij repliceert dat soort experimenten om te achterhalen wat er ‘fout’ is gegaan. Soms lukt dat, maar, zegt hij: ‘Ik heb gemerkt dat er soms hele rare dingen gebeuren.’

Voorbeeld: in 2011 publiceerde de psycholoog Daryl Bem het artikel Seeing the Future in het Journal of Personality and Social Psychology. Het is een artikel dat heel veel stof deed opwaaien en eigenlijk precies beschrijft wat Jolij en zijn student al hadden gevonden met de ‘gezichtjes’-proef.

Jolij stelde dat hij wist waar de fout zat. De software immers. Maar toen hij de proef herhaalde met een ander algoritme, was het resultaat er opnieuw. ‘Ik wilde Bems onderzoek falsifiëren, maar in plaats daarvan repliceerde ik het.’

Weer toog hij aan het werk. Wéér ontdekte hij een fout. Deze keer zat het in de hardware. Maar, zegt Jolij, dit proces is tekenend voor wat er gebeurt tijdens dergelijke onderzoeken. Telkens vind je foutjes in het meetproces en los je die op, maar de resultaten blijven.

Onmogelijk

Zelfs een onderzoekje met behulp van quantum-toevalsgenerator – gebaseerd op uraniumhoudend materiaal dat wel of niet een deeltje afvuurt – leverde hetzelfde onmogelijke resultaat: in 52 procent van de gevallen ‘wisten’ mensen of ze wel of niet een gezichtje gingen zien.

Ander voorbeeld: een onderzoek waarbij proefpersonen een stipje op het computerscherm naar links of rechts moesten bewegen. Dat moesten ze doen door een bepaalde toetsencombinatie in te voeren, die ze echter zelf moesten ontdekken door uitproberen. Dat lukte niet natuurlijk, want het toetsenbord was niet aangesloten. Het stipje bewoog op basis van een toevalsgenerator.

Ondertussen werden er gegevens vastgelegd van de proefpersonen: toetsencombinaties, reactietijd, geslacht, leeftijd, enzovoort. ‘En toen bleek dat er tíjdens het experiment meer verbanden optraden met de getallen van de toevalsgenerator dan erna’, zegt Jolij.

Die verbanden slaan nergens op, maar het resultaat is wel robuust

Het effect is klein: het gaat telkens om maar één of twee procent. Daarnaast: de verbanden slaan nergens op en zijn bovendien altijd anders. ‘Zoals een verband tussen de reactietijd en de schoenmaat van je proefpersonen’, zegt Jolij. ‘Onzin dus! Maar tegelijk is het wel robuust. Kijk, ik denk nog steeds dat het een analyse-effect is. Maar toch.’

De verklaring – als er een verklaring is die niet berust op statistische ruis of meetfouten – zou iets te maken hebben met de werking van het menselijk bewustzijn. Het idee – claimen sommigen – is dat emoties, gedachten of ervaringen de werkelijkheid weliswaar niet kunnen sturen, maar dat er wel een soort verstrengeling kan optreden die beïnvloeding mogelijk maakt.

RNG’s

Dat geloven ook de onderzoekers van het Global Consciousness Project van de Universiteit van Princeton. Zij plaatsten in 1998 zogenaamde random number generators (RNG’s) op verschillende plekken op de wereld en houden die in de gaten. ‘Het gekke is dat die RNG’s, die er dus op gebouwd zijn om volkomen willekeurige getallen uit te spugen waar geen enkel patroon in te ontdekken is, na verloop van tijd minder random worden’, vertelt Jolij. Een effect dat vooral optreedt tijdens ‘grote’ gebeurtenissen. Denk aan de aanslagen van 9/11. ‘Of de algemene opwinding toen Duncan het Songfestival won.’

Ook hier weer: je kunt die getallen niet voorspellen. ‘Maar die RNG’s zouden even niet meer door de keuring van het ijkwezen komen’, zegt Jolij.

Diezelfde onderzoekers plaatsten in 2017 ook zo’n RNG op het beroemde Burning Man-festival in de woestijn van Nevada. Voorspelling: tijdens het moment dat al die duizenden mensen naar het branden van de ‘man’ kijken, moeten er afwijkingen optreden. ‘En dat gebeurde’, zegt Jolij. ‘Dus dan vraag je je af: wat is hier aan de hand?’

Je vraagt je toch af: wat is hier aan de hand?

Is het ruis? Zoals zoveel onderzoekers claimen? Is het een kwestie van dataselectie? Kan zijn. Maar in de wetenschap stel je dat vast door een onderzoek te repliceren.

Dat gaat hij dus doen, deze zomer op Lowlands Science. Hij plaatst er RNG’s en meet via een app de stemming van de bezoekers, in de hoop een vergelijkbaar verband te kunnen vinden als op Burning Man.

Wat hij verwacht?

De scepticus in Jolij trapt er niet in. Wat het experiment ook oplevert, hij heeft altijd een interessante dataset. ‘Daarmee wil ik dan uitzoeken hoe ik de data moet manipuleren om hetzelfde effect te krijgen als de onderzoekers op Burning Man.’

Maar gezien de ervaringen die hij al heeft gehad, zou het hem ook niet verbazen als hij toch iets vindt. ‘Het zou zomaar kunnen.’

English