Universiteit
overlay

405 jaar UB

Het is al vier eeuwen nóóit goed


Klagen over de UB? Stop daar maar mee. Je hoeft immers niet bang te zijn met boeken en al door de vloer te zakken. En vergiftigd worden door koolmonoxide gebeurt ook niet meer. De UB bestaat 405 jaar en dat is een feestje waard.
Door Christien Boomsma & Giulia Fabrizi / Foto’s boven Pepijn van den Broeke & Collectie UB Groningen
Uitsnede uit de kaart van Egbert Haubois en J.L. Langeweerd (1643), collectie RHC Groninger Archieven

Een UB in het klooster

Zie je dat lage gebouwtje met zes boogjes? Net boven de tekst ‘Broerkerkhof’? Dat is de plek waar nu precies 405 jaar geleden de allereerste UB van de RUG te vinden was. Het was de sacristie van de Broerkerk die tot 1893 op de plek van de huidige UB stond. Dat is het gebouw met die puntige toren.

De Staten van Groningen beslisten op 28 februari 1615 ‘datmen vande oude Bibliotheecque ten Broeren beneden een Anatomia ende boven een Biliotheeque sall toemaecken’. De universiteit kreeg 600 gulden om boeken te kopen.

En dus trok de Groningse burgemeester Joachim Alting langs veilingen en boekhandels om de eerste 403 boeken aan te schaffen, daarbij geadviseerd door Ubbo Emmius – juist ja, de allereerste rector van de RUG. Die boeken belandden in acht kasten, waarvan drieëneenhalf voor theologische literatuur waren bestemd en tweeënhalf voor juridische boeken. De overige twee kasten waren voor alle andere wetenschappen.

Aanvankelijk kregen alleen hoogleraren en curatoren een sleutel.  Maar na 1655 kwamen er zoveel studenten, dat zij ook toegang kregen. Op woensdag en zaterdag mochten ze zich melden tussen één en drie. Overigens zat het lenen van boeken er niet in. Alle werken waren zorgvuldig aan de kasten vastgeketend.

Gevaar voor vallende stenen

Allemaal leuk, zo’n bieb in een middeleeuws gebouw, maar met de jaren werden klooster en kerk steeds bouwvalliger. Rond 1829 werd de situatie ronduit gevaarlijk. 

Om de boeken te bereiken moest je namelijk via het koor van de kerk met een trap naar het achtergelegen kloostergebouw. En dat dreigde een riskante tocht te worden. Toen er zelfs stenen uit de muur vielen ging de UB dicht en werd er een nieuwe toegang gemaakt, dwars door het huis van de preceptor van de Latijnse school, in wat nu de Poststraat is.

De bibliotheek zelf was intussen een chaos. Hoogleraren hadden eeuwenlang hun eigen sleutel gehad. Maar sinds de boeken van de ketting waren gegaan – in de jaren 1660 – waren er al heel wat zoekgeraakt. In 1833 ging de bieb zelfs een jaar dicht om uit te zoeken welke boeken er nog wél waren. De boeken zelf stonden inmiddels achter een hek.

En de studenten? Die mochten tot hun grote ergernis nog steeds niet lenen. ‘Dáár een ruime, sierlijke zaal, alles even net als keurig ingericht’, vergeleek een student Groningen met Utrecht. ‘Hier op eene plaats, die men niet vinden kon, indien de eenige leelijke Roomsche Kerk er niet stond. Zij is merkwaardig door eene ellendige opgang, na welke men in eene menagerie meent te komen: het bagatel boeken achter hekken als wilde dieren, waar men gebruik van maken kan, wanneer men vriendelijk tegen den oppasser spreekt, zonder zooals te Leiden of te Utrecht het boek mee naar huis te mogen nemen.’

Achtergrond: J. G. Kramer, Woning en atelier van fotograaf J.G. Kramer met rooms-katholieke Broerkerk (1886-1890); Collectie Groninger Archieven

Een hypermoderne bieb

Dit gebouwtje ziet er misschien lieflijk uit, maar in 1864 was dit de razend moderne nieuwe UB, gebouwd op de plek van het oude klooster. Je kwam bij de ingang via het steegje aan de Zwanestraat  tegenover de Ugly Duck. Je liep dan recht op de ingang af, naar het boekendepot en de leeszalen.

De nieuwbouw was geen overbodige luxe geweest. Vier jaar eerder had de oostgevel van de oude UB op instorten gestaan en in de westvleugel dreigden de 12.000 boeken door de vloer te zakken, waarna de Latijnse school, onder de UB,  moest worden ontruimd.

De nieuwe UB was een vierkant pand. In het midden stond een ijzeren constructie met een glazen dak van twee verdiepingen, gescheiden door een roostervloer waardoor warmte gemakkelijk omhoog kon. Eromheen een lager ringgebouw met leeszalen en de uitleenbalie.

Achtergrond: Pentekening F. van Wolde, Collectie Groninger Archieven

Collectie UB Groningen

En een hypermodern magazijn

Daar rechts op de tekening, dat begint al een beetje te lijken op de UB die we nu kennen. Het is een nieuw boekenmagazijn voor de UB dat in 1898 werd gebouwd. 

Want nadat de oude bibliotheek was gesloopt, werd in 1895 ook de middeleeuwse Broerkerk neergehaald. Net als de UB was die er beroerd aan toe. Hij werd vervangen door een iets kleinere, nieuwe kerk: de Martinuskerk. En dat schiep mogelijkheden.

Door het oostelijke deel van de bibliotheek te slopen en een vrijgekomen stuk grond aan de Poststraat in gebruik te nemen, kwam er plaats voor een nieuw gebouw voor boekenopslag: 640 kasten in met in totaal 4400 meter aan boeken. 

Ook hier was weer sprake van ijzeren roosters tussen de verdiepingen. Dat betekende wel dat je goede schoenen moest dragen. En liet je je potlood vallen, dan kon je dat vier verdiepingen lager weer ophalen.

Winst? Nou… Het nieuwe gebouw lekte, was nog altijd te klein en had problemen met de klimaathuishouding. In 1900 werd de stoker dood gevonden in de verwarmingsruimte, overleden door kolendampvergiftiging. 

In 1914 besloot men het radicaler aan te pakken. De bibliotheek ging nu helemáál plat plat en alleen het magazijn bleef overeind. Maar het nieuwe gebouw… Dat was te klein.

Collectie UB Groningen

Leeszaal: De bieb van 1919 

Loop het Universiteitsmuseum eens binnen aan de Oude Kijk in’t Jatstraat 7A. Dat kan makkelijk, want met je studentenpas is het gratis. 

Als je naar de grote zaal op de bovenverdieping gaat, waar nu de tentoonstelling The Dead Zoo te zien is, dan sta je in de leeszaal van de UB die in 1919 werd geopend.

Dezelfde klapdeuren geven toegang tot de zaal, dezelfde houten kasten die ooit volgestampt stonden met boeken staan nog langs de wanden. Door de houten deur aan je linkerhand, kom je dan in wat ooit de ‘juridische leeszaal’ was. Een extra ruimte, in 1932 speciaal voor juristen ingericht. Overigens waren die er aanvankelijk helemaal niet blij mee. De hoogleraren van rechten vertikten het er gebruik van te maken, omdat niet zij de baas waren over de boeken, maar het college van curatoren.

Dat zaaltje had wat lucht moeten geven, omdat het gebouw weliswaar twee verdiepingen had en veel meer ruimte, maar nog altijd te klein was. 

De ingang zat nog steeds aan de achterkant. Als je een rondje loopt naar de achterkant van de UB, kun je hem nog zien.

De nieuwe UB: Sit-in

Fast forward naar 1984. Dit was het jaar dat eindelijk besloten werd dat ook de níeuwe, nieuwe UB moest wijken voor nieuwbouw. Maar dat kon alleen als de katholieke kerk aan het Broerplein werd gesloopt. 

Niet onlogisch. Waren er na de Tweede Wereldoorlog nog maar 1000 studenten, in de jaren tachtig al zo’n 20.000. Een nieuwe UB zou 2,5 miljoen boeken kwijt kunnen en 1600 studieplekken krijgen.

Maar niet iedereen was daar blij mee. Er werd heftig geprotesteerd tegen de sloop en er werden zelfs plannen gesmeed om de kerk te laten staan en de bieb daarin te huisvesten. Een beetje zoals in Maastricht en Zwolle boekhandels in monumentale kerken zitten. 

De plannen werden echter allemaal afgeblazen. ‘Onrealistisch’ en ‘onuitvoerbaar’ was het oordeel.

Foto Elmer Spaargaren

Foto Elmer Spaargaren

De sloop

En dus ging de kogel – letterlijk – door de kerk. Maar vervolgens moesten ook de graven van talloze calvinistische professoren die in de Academiekerk waren begraven, worden herbegraven op een rooms-katholieke begraafplaats. 

De bouwput bood ook weer onverwachte mogelijkheden: de graafmachines brachten nog veel meer beenderen naar de oppervlakte. Een uitgelezen kans voor geneeskundestudenten die ’s nachts het terrein op glipten om een menselijke schedel te scoren.

En nu?

De allernieuwste UB werd in 1986 geopend. Een UB met elektrische typemachines waarop studenten hun handgeschreven essays uittikten. En een UB waar een handvol primitieve computers stond die niet eens waren aangesloten op het nog-niet-bestaande internet.

Zo rond 2014 bleek dan ook dat ook die bibliotheek een facelift nodig had. Weer meer studieplekken – het zijn er nu 2100 – ruimte voor studenten om in groepjes te werken, minder boeken in de open opstelling. De UB ging zelfs vijf weken dicht om de bouwvakkers de kans te geven flink meters te maken. 

En is het gelukt?

Nou… Het magazijn onder de UB blijkt nu toch te klein te worden, het klimaat zorgt voor problemen – studenten hebben het nog altijd koud, of warm. Ze ergeren zich aan van alles. Aan hun slapende medestudenten bijvoorbeeld, of de geluiden die hun buurman maakt. Maar dat houdt ze niet tegen. Vorig jaar alleen al kwamen er 2,5 miljoen studenten door de poortjes.  

Foto boven Pepijn van den Broeke

De UB viert haar verjaardag donderdag 27 februari met het festival UBstairs. Op vrijdag 6 maart is er een open dag.


Voor dit artikel is gebruik gemaakt van: 

Klaas van Berkel, De universiteit van het Noorden. Vier eeuwen academisch leven in Groningen, deel I en II ( Hilversum, 2014, 2017). 

Gerda C. Huisman, The university library of Groningen. Four hundred years of history in four buildings, forty collections and infinite pictures (Groningen, 2016).

Alex C. Klugkist en Sybren Sybrandi, Van knekelhuis tot kloppend hart. Geschiedenis van de bibliotheek van de Rijksuniversiteit Groningen, 1615 tot heden (Groningen, 2012).

English