Wetenschap
afb

Dus Kant was een seksist

en daar moeten we iets mee

De voorvechter van gelijkheidsdenken en individuele vrijheid, filosoof Immanuel Kant, was een seksist. En het grootste deel van zijn leven ook nog een racist. Hoe ga je daarmee om in deze tijd, vraagt RUG-filosoof Pauline Kleingeld zich af. ‘Je bent er niet met wat rotte plekjes wegsnijden.’

Christien Boomsma

Door Christien Boomsma

18 december om 9:53 uur.
Laatst gewijzigd op 6 januari 2020
om 13:43 uur.
Christien Boomsma

By Christien Boomsma

december 18 at 9:53 AM.
Last modified on januari 6, 2020
at 13:43 PM.

Het overkomt haar regelmatig, zegt Pauline Kleingeld. Dan krijgt ze een artikel terug van de copy-editor van een filosofisch vaktijdschrift en ontdekt dat het woordje ‘zijn’ is vervangen door ‘zijn of haar’. Het woord ‘hij’ is veranderd in ‘hij of zij’. Allemaal om het taalgebruik maar zo inclusive mogelijk te laten zijn. En – laat dat duidelijk zijn – in principe is ze daar helemaal voor. ‘Het probleem is alleen dat het vaak niet juíst is’, zegt ze. En dus moet ze het allemaal weer corrigeren.

Dat heb je, als je gespecialiseerd bent in het denken van de beroemde Verlichtingsfilosoof Immanuel Kant. Want Kant mag dan de voorvechter zijn van individuele vrijheid, menselijke waardigheid en absolute moraal, de man was ook een seksist. Kleingeld schreef er recent een artikel over, gepubliceerd in SGIR Review.

Kants ethiek gold voor alle redelijke wezens, maar niet voor vrouwen

Als hij schreef dat ‘iedere burger het recht heeft om zijn stem uit te brengen’, of dat ieder ‘mens’ het recht heeft op onafhankelijkheid, dan had hij het niet over mannen én vrouwen. ‘Mensen’, legt Kleingeld uit, ‘dat waren mánnen. Waar ze woonden maakte niet uit, want Kants ethiek was een universalistische ethiek. Die gold voor alle redelijke wezens. Zelfs op andere planeten. Maar níet voor vrouwen.’ 

En dan had hij ook nog eens racistische ideeën, al kwam hij daar tegen het einde van zijn leven op terug. Het ‘witte ras’, vond Kant, stond bovenaan de raciale hiërarchie. ‘Alle niet-witte rassen misten bepaalde kwaliteiten die het witte wel had’, legt Kleingeld uit, ‘waardoor ze niet in staat waren om zichzelf te regeren.’ 

Wie was Kant?

Kant werd beroemd met twee grote werken. ‘Kritiek van de zuivere rede’ (1781) en ‘Kritiek van de praktische rede’ (1788). In het eerste werk ontwikkelde Kant een nieuwe theorie over onze kennis van de werkelijkheid. Hij stelde dat onze ervaring van de werkelijkheid wordt bepaald door de manier waarop ons kenvermogen werkt. Een van de implicaties van die theorie is dat kennis van God voor mensen onmogelijk is — in die tijd een radicale gedachte.

In het tweede boek volgde zijn moraalfilosofie. Hierin verdedigt Kant zijn opvatting van de norm voor moreel handelen. Als je je afvraagt of je handeling moreel goed is, moet je je afvragen volgens welk principe je daarbij zelf handelt, en of je ook kunt willen dat iederéén altijd volgens dat principe handelt. 

In zijn latere werk, zoals ‘Tot de eeuwige vrede’ (1795), ontwikkelde Kant een invloedrijke visie op wat nodig is voor wereldvrede. Hierin geeft hij scherpe kritiek op het Europese kolonialisme.

Kind van zijn tijd

Dergelijke ideeën waren wijdverbreid in de achttiende eeuw, dat weet Kleingeld heel goed. Toch vindt ze het te makkelijk om Kant simpelweg te beschouwen als een kind van zijn tijd. ‘Hij kon heel goed tegen andermans opvattingen ingaan’, zegt ze. ‘Bovendien had hij vrienden die er anders over dachten. Zijn vriend Von Hippel publiceerde zelfs een boek over de noodzaak van vrouwenemancipatie!’ Maar als vrouwen met hem in discussie wilden gaan over de Franse revolutie, weigerde hij, en bracht het gesprek op recepten en koken. 

Veelzeggend, vindt Kleingeld. ‘Alsof hij niet te weten wílde komen dat hij het fout had. Dat vrouwen echt wel kunnen redeneren, niet alleen maar reageren op gevoel en hun “neigingen”.’

De Groningse RUG-filosoof en lid van de KNAW bestudeert de Verlichtingsfilosoof nu al bijna haar hele leven. Het begon tijdens haar studie, toen ze Hegel en Kant moest bestuderen voor een tentamen. ‘Ik had het alleen niet af en vroeg de docent of hij me alleen over Hegel wilde ondervragen. Dan zou ik mijn scriptie maken over Kant.’  

Vrouwen

Na die scriptie volgde een dissertatie. En nu, bijna dertig jaar later, staat ze bekend als een van de belangrijkste deskundigen op het gebied van Kantiaanse ethiek en filosofie. ‘Gaandeweg raakte ik steeds meer onder de indruk van zijn denken’, zegt ze. ‘Hoe hij er in slaagde om een universalistische ethiek te verdedigen, waarin hij duidelijk maakte dat het moreel onjuist is om een mens puur als middel voor jouw doelen te gebruiken. Allerlei emancipatorische bewegingen baseerden zich op Kant. De anti-slavernijbeweging bijvoorbeeld en de vrouwenbeweging.’

Maar het blijft hoogst ongemakkelijk dat de man naar wiens ideeën we steeds verwijzen, er zelf heel anders over dacht. 

De anti-slavernijbeweging en de vrouwenbeweging baseerden zich op Kant

Neem die vrouwen. ‘De deugd van de vrouw is een schone deugd’, schreef Kant in 1764. ‘Die van het mannelijke geslacht hoort een edele deugd te zijn. Vrouwen vermijden het kwaad niet omdat het verkeerd is, maar omdat het lelijk is.’ En: ‘Zij doen iets alleen omdat ze er zin in hebben, en het is de kunst om ervoor te zorgen dat ze alleen zin hebben in dat wat goed is. Ik geloof nauwelijks dat het schone geslacht in staat is tot principes.’

De vrouw is van nature angstig, zwak en passief, stelde Kant. En omdat mannen nu eenmaal van nature moediger en sterker zijn, is het redelijk dat zij de baas zijn. Vrouwen hadden wel goede eigenschappen. Ze konden goed een huishouden runnen. En niet te vergeten: ze waren erg goed in het verleiden van mannen. ‘Damning with faint praise noem je dat’, zegt Kleingeld. 

Slavenhandel

Ook Kants beschrijvingen van andere ‘rassen’ zijn weinig verheffend. Tijdens colleges – Kleingeld bestudeerde nog ongepubliceerde collegedictaten – stelde hij dat Native Americans de ‘laagste’ van de vier rassen waren, omdat ze zwak zouden zijn en onmogelijk te onderwijzen. ‘Amerikanen en negers kunnen zichzelf niet regeren’, doceerde Kant. ‘Dus zij dienen alleen als slaven.’ De inwoners van India waren nog altijd niet in staat tot abstract denken en zeker ongeschikt voor leidinggevende posities.

Pratend over de slavenhandel is hij vooral gecharmeerd van de Mandinka, die volgens hem omstandigheden aankunnen die geen ‘mens’ kan verdragen. ‘Ieder jaar moeten er 20.000 van dit negervolk worden gekocht om de terugloop in Amerika op te vangen, waar ze gebruikt worden om de kruidenbomen te bewerken… Men krijgt de negers door ze elkaar te laten vangen, en men moet ze met geweld bemachtigen.’

Draai

Hoe kon zo iemand de geschiedenis ingaan als voorvechter voor vrijheid en gelijkheid? 

Deels valt dat te verklaren door de draai die hij maakte aan het einde van zijn leven, legt Kleingeld uit. Rond zijn zeventigste begon Kant kolonialisme en slavernij te bekritiseren. Dát is blijven hangen. Overigens gold dat niet voor zijn visie op vrouwen. 

Je kunt zijn woorden niet onaangepast laten staan, dat is misleidend

Een ander deel van de verklaring ligt in Kants taalgebruik. Hij expliciteert in de boeken waarmee hij beroemd werd nergens dat hij met ‘mensheid’ alleen de mannelijke helft bedoelde, of alleen het ‘witte ras’. ‘Dat ontdekte ik toen ik andere, minder bekende teksten las, die werden geschreven in dezelfde tijd’, legt Kleingeld uit.  

Maar nu ze het wel weet, moet ze er iets mee. Je kunt het niet wegmoffelen en overal ‘hem’ vervangen door ‘hem of haar’. Dat bedoelde hij immers niet. Je kunt het ook niet negeren en zijn woorden onaangepast laten staan. ‘Dat is misleidend.’

Rotte plekken

En zijn boeken op de brandstapel gooien? Weg met Kant? Dat kan al helemaal niet, zegt Kleingeld. Hij stond immers aan de basis van ons huidige denken. ‘Als je Kant bekritiseert, dan doe je dat op basis van de principes die hij zelf verdedigde’, zegt ze. ‘Dat alleen betekent al dat je er heel goed over na moet denken.’

Wat we wél moeten doen, zegt Kleingeld, is uitzoeken welke rol Kants overtuigingen speelden in zijn theorie. ‘Je bent er niet met wat rotte plekjes wegsnijden. Toen hij die draai maakte over kolonialisme, paste hij zijn politieke theorie aan en bedacht het ‘kosmopolitisch recht’, dat alle burgers ter wereld een juridische status toekent. Eerder zag hij de noodzaak daarvoor niet.’ 

En dus moeten we kijken wat er nog meer moet veranderen om Kants seksisme en racisme te overwinnen. Kortom: Kleingeld heeft nog een heleboel huiswerk te doen. En ondertussen gebruikt ze noten waarin ze steeds maar weer expliciteert hoe Kant er écht over dacht. Misschien niet de meest elegante oplossing, maar wel de meest waarachtige. ‘Dat is dan maar zo.’

In een eerdere versie van dit artikel was per abuis de afbeelding van Verlichtingscriticus Friedrich Heinrich Jacobi te zien boven de tekst. Deze is vervangen door het huidige portret van Immanuel Kant.

English