Universiteit

Dit zijn de stewards van de RUG

De mannen die je fiets verplaatsen

Je hebt ze waarschijnlijk wel zien lopen, de mannen in het rood-zwart die studenten vragen om  hun fiets ergens anders neer te zetten. Jij vindt dat misschien irritant, maar zij bekommeren zich om jouw veiligheid. En zo krijgen ze ook hun eigen leven weer op de rails.
Tekst en foto’s door Edward Szekeres / Vertaling Saskia Jonker

De stewards van de universiteit staan op wacht in de binnenstad en op Zernike. Het zijn er een stuk of twintig, gekleed in rood-zwarte jassen en met een Gronings accent. Fietsstewards die dolende studenten door een zee van fietsen leiden, zo zien de meeste mensen ze. Of als irritante ‘fietspolitie’, die je tot waanzin drijft door je geparkeerde fiets een paar meter verderop te zetten.

Maar de stewards zijn verantwoordelijk voor veel meer taken. Lokalen herinrichten, bordjes maken, vette toetsenborden schoonpoetsen: ze doen het allemaal. Op dit moment zijn alle stewards mannen, maar daar zou binnenkort zo maar verandering in kunnen komen.

Ze staan buiten in de regen, sneeuw en hagel. Veel mensen blijven staan om ze te groeten, sommigen om de confrontatie aan te gaan. Maar voor de meeste studenten en medewerkers zijn ze onbekende figuren. Dat vinden ze niet erg, ze zijn gewend aan de anonimiteit. Dus wie zijn ze eigenlijk?

 

Stewards  aan het werk voor de Linnaeusborg op Zernike

Zernike

Een paar minuten voor de eerste colleges beginnen, stroomt Zernike vol met auto’s. Er komen ook fietsers aan, maar het is vooral de eindeloze stroom voertuigen die opvalt. Over een paar uur zullen er rijen blik illegaal langs de wegen staan. Steward Joziak grijpt een stapeltje folders om achter de ruitenwissers te steken. Er staat een kaartje op van de campus met alternatieve parkeerlocaties. ‘Wij zijn niet parkeerbeheer, we kunnen mensen alleen maar waarschuwen en advies geven’, zegt hij.

Met zijn 24 jaar is Joziak de jongste van de stewards. De oudste is Anjo van 60. De twee lopen naast elkaar, Anjo met een fiets aan de hand en een stoere zonnebril op zijn neus – de andere stewards noemen hem gekscherend ‘Daddy Cool’. Hij moet grote afstanden afleggen voor deze baan, en omdat zijn benen dan moe worden pakt hij de fiets. ‘Deze campus is erg groot en er zijn vandaag maar drie van ons aan het werk. We zijn onderbemand’, zegt hij.

Sommige stewards hebben autisme of adhd en vinden het lastig om met boze studenten om te gaan

Joziak en Anjo vormen een opvallend duo. Joziak is een zorgeloos type dat graag de clown uithangt; als er een nummer op de radio komt dat hij kent danst hij in het rond en zingt hij mee. Anjo, daarentegen, is kalm en gedistingeerd, zelfs als hij grappen maakt. De twee zijn goede vrienden geworden, ze staan zelfs ’s ochtends om 5 uur op om samen de bus te nemen.

Terwijl ze de fietsen verplaatsen die voor de ingang van de AH to go neergekwakt zijn, rijdt er een scooter voor. Joziak vraagt de bestuurder om verderop te parkeren, op de daarvoor aangewezen plek. De man wordt agressief. Anjo komt erbij staan en spreekt hem met kalme stem toe, maar de bestuurder en zijn scooter blijven sputteren. ‘Ik kan de politie bellen als je wilt’, stelt Anjo voor. Boos rijdt de man weg. ‘Je moet gewoon rustig blijven,’ zegt Anjo schouderophalend, ‘en het helpt als je er wat ouder uitziet. Dan hebben ze meer respect voor je.’

Meer dan een baan

Maar niet iedereen vindt het even makkelijk om met boze studenten om te gaan. Sommige stewards hebben autisme of adhd. Ze proberen confrontaties koste wat kost te vermijden, maar soms krijgen ze te maken met verbaal geweld of worden ze online lastiggevallen. Soms hebben ze paniekaanvallen. ‘Maar we vormen een familie hier en we helpen elkaar’, legt teamleider Arthur Hilberdink uit.

Stewards krijgen deze baan via re-integratieprogramma’s voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Anjo zat meer dan een jaar zonder werk en Jozias probeerde diverse banen uit. Nu hebben ze de kans om opnieuw te beginnen. ‘De maatschappij heeft de neiging om deze mensen te vergeten’, zegt Hilberdink. Dit werk geeft ze het gevoel dat ze er weer bij horen, dat ze onderdeel zijn van het werkende deel van de samenleving.

Dit werk geeft de stewards het gevoel dat ze er weer bij horen

De stewards krijgen mogelijk binnenkort de kans om een opleiding te volgen. Er zijn plannen voor speciale cursussen bij de RUG die de groep aantrekkelijker moet maken voor werkgevers. Op dit moment mogen ze maar 32 uur per week werken en mogen ze deze baan maximaal vijfenhalf jaar hebben. ‘We willen dat ze van hieruit kunnen doorstromen naar een beter leven’, zegt Hilberdink.

Maar voor Anjo, die tegen zijn pensioen aanzit, is het werk als steward al zijn droomfunctie. Niet vanwege het geld, maar vanwege het gemeenschapsgevoel. ‘Dit is de beste baan die ik ooit heb gehad.’

 

Stewards  voor de UB

Binnenstad

‘Welkom in de hel’, zegt Albert Jan met een grijns, terwijl hij een slok neemt uit een dampend kopje koffie. Hij en de andere stewards zitten in een klein kantoortje op de begane grond van het Harmoniegebouw. Het team is klaar voor de ochtendspits.

Ze pakken de borden en pylonen op waarmee ze de grenzen van de parkeergebieden aangeven. Ze lopen het korte stukje naar de bibliotheek en nemen hun vaste positie op de hoek van het gebouw in. Ontspannen bekijken ze de commotie op het plein, die steeds erger wordt. ‘Hoe drukker, hoe leuker’, zegt Ronald, die al twee jaar als steward werkt.

De spits begint ’s ochtends om 9 uur, en iedere twee uur, wanneer de colleges uitlopen, is het weer druk. Juist dan zijn de stewards nodig. Vandaag valt een studente van haar fiets omdat ze uitglijdt op de gladde stenen. Dennis, een steward met een sikje, rent op haar af om haar omhoog te helpen. Nadat hij de crisis heeft verholpen plukt hij een andere fiets uit de chaos en geeft hem aan zijn eigenaar.

Frustrerend

Het werk is lichamelijk zwaar. Dennis brak onlangs nog zijn arm toen hij een grote container probeerde te verplaatsen. Zijn collega Daniel had de hele eerste week spierpijn in zijn armen. Per dag pakken ze honderden fietsen op om ze ergens anders neer te zetten.

Ondanks al hun werk is het effect niet altijd even zichtbaar. Fietsen, auto’s en vrachtwagens versperren allemaal tegelijk de smalle Broerstraat. Iedereen heeft haast, en niemand lijkt ook maar iets te geven om veiligheid. ‘Het is echt dweilen met de kraan open. Het is zo druk dat we gewoon niets kunnen doen. Het is frustrerend’, zegt Ronald.

Ieder jaar komen er nieuwe fietsen bij, en er zijn nauwelijks genoeg stewards om al het werk te doen. Ze zijn ontzettend onderbemand. Ze zijn niet bevoegd om verkeerd geparkeerde brommers aan de ketting te leggen en ze mogen achtergelaten fietsen ook niet weghalen. Daardoor voelen mensen zich vrij om de regels te negeren. Arthur en zijn team zouden graag meer kunnen doen. ‘We willen gewoon ons werk goed doen. Maar we hebben meer mensen en meer macht nodig. We proberen dingen te veranderen, maar het duurt allemaal te lang.’

English