Universiteit

De laatste togamaker

De Gombert Experience

Wie het atelier van Gerrit Gombert binnenstapte, ging terug in de tijd. Vorige week overleed de laatste traditionele togamaker van Groningen. ‘Hij vroeg of ik een zakje in mijn toga wilde, voor een mobieltje. Maar wel met zo’n blik van: dat wil je niet.’
Door Ellis Ellenbroek / Foto Reyer Boxem

Een zaterdag in december 2016. Nobelprijswinnaar Ben Feringa staat op het punt van afreizen naar Zweden. De tiende krijgt hij er de Nobelprijs voor scheikunde. Maar de rand van zijn baret zit los. Zo kan hij daar niet verschijnen. Ook heeft hij een vers befje nodig.

Met zijn vrouw gaat Feringa langs aan het Akerkhof, bij naaiatelier Gombert waar ooit ook zijn toga is gemaakt. De Feringa’s vernemen dat Gerrit Gombert gestopt is met werken.

Bijna twee jaar later, op 30 september jl., overlijdt de laatste klassieke kleermaker van Groningen (86) in een woonzorgcentrum in het zuiden van de stad.

Honderden toga’s, baretten en befjes naaide Gombert die ook rechters, politiepersoneel, predikanten en mensen van het Leger des Heils voorzag van ambtskleding. Gombert wilde eigenlijk jurist worden maar toen hij vijftien was, moest hij zijn stervende vader beloven de kleermakerij – familiebedrijf – voort te zetten.

Sjieke jongen

Hij verruilde het gymnasium voor een vakopleiding tot kleermaker. Geen trauma overigens, zeggen zijn vrouw Truus (86) en dochter Pauline na de crematie. De weduwe haalt een trouwfoto met daarop een knappe donkere vent. ‘Het was een sjieke jongen, daarom viel ik ook op hem’, zegt mevrouw Gombert, die als medisch analiste werkte, maar daarnaast haar man hielp. Gerrit was schrander, had een mooi taalgebruik, en een mening die hij regelmatig prijsgaf in ingezonden stukken in de krant.

Meer dan veertig jaar lang vervulde hij zijn eigen unieke rol in de academische wereld. Hij stapte in de jaren zeventig van de vorige eeuw het Academiegebouw binnen om uit te vogelen hoe zo’n hoogleraarsgewaad er eigenlijk precies uitzag. Hij tekende zelf een patroon. Waar de andere specialisaties werden afgestoten en ook de eens bloeiende ruitersporttak van Gomberts Kleermakerij verschrompelde, bleef Gombert de rest van zijn leven toga’s maken.

Je kunt wel spreken van een Gombert Experience. Wie bij de kleermaker over de drempel ging, belandde in een wereld waar de tijd stil had gestaan. Bezitters van een Gomberttoga herinneren zich het aanmeten nog goed.

De zaak van Gombert was een tegenwicht tegen de jachtige wereld buiten, zegt emeritus-hoogleraar theoretische scheikunde Ria Broer. In 2003 schafte zij haar toga aan in zijn zaak. Broer had gehoord dat Gombert niet te duur was. Thuis had ze een druk gezin, moest ze echt een paar keer komen passen? Maar eenmaal in het atelier gaf ze zich over aan die andere sfeer.

Nostalgie

Hans Vedder, hoogleraar economisch recht sinds 2009, hield van de nostalgie. ‘Ik heb bewondering voor ambachtslieden.’ Hij genoot van het proces. Het nemen van de maten, de spelden, het krijt. ‘Hij vroeg of ik een zakje in mijn toga wilde, voor een mobieltje. Maar wel met zo’n blik van: dat wil je niet.’

Ik heb bewondering voor ambachtslieden

Gombert zelf vond het heerlijk om een wetenschapper te tranformeren. Dan kwam hij aan in zijn spijkerbroek en op Nikes, om even later voor de spiegel te belanden, gehuld in zwarte wol. De hooggeleerden gedistingeerd voor de dag laten komen was wat de kleermaker wilde. En dat deed iets met mensen. Zoals die vrouwelijke hoogleraar, waarover hij tien jaar geleden nog zelf aan de UK vertelde. Hoe ze een eeuwigheid in de paskamer bleef, en hij daarna zacht snikken hoorde. Gevolgd door: ‘Dit had pappie nog moeten zien.’

De herinneringen blijven. Hij haalde Goffe Jensma, die in 2008 hoogleraar Friese taal- en letterkunde werd, over om toch een nieuwe toga te laten maken, terwijl Jensma alleen maar kwam om de toga die hij van een overleden collega had overgenomen langer te laten maken. Jensma kocht een nieuwe toga en nog een overjas die hij in de rekken zag hangen.

Bij Ingrid Molema, sinds 2004 hoogleraar levenswetenschappen, stelde de togamaker voor de revers van fluweel te maken. Molema was op togajacht gegaan met twee andere vrouwen, van farmacie en chemie. De lol die ze hebben gehad met zijn drieën staat haar nog goed bij. En dat Gerrit Gombert aanbood een overhemd voor haar op maat te maken. ‘Ik heb nogal een lang bovenlijf.’

Damesprofessoren

De togamaker wantrouwde het uitgelaten trio wel een beetje. Damesprofessoren waren nog niet zo gangbaar in die tijd. En dan drie tegelijk in de zaak? Molema: ‘Ik was de twaalfde van de medische faculteit geloof ik.’

Hij onderwierp de vrouwen aan een soort kruisverhoor over hun vakgebied. Mevrouw Gombert was erbij en vond het prachtig. ‘Ze groette mij nog lang daarna in de Albert Heijn: “Dag professor Molema”.’

Gombert gaf Irene Burgers een befje cadeau bij het aanvaarden van haar hoogleraarschap belastingrecht in 2001. Crème, in plaats van wit, en wat korter dan normaal. Eens iets anders. ‘Het was een onhandig ding, maar wel een lief gebaar’, vertelt Burgers.

Gombert stond al lang op mijn netvlies als een begenadigd kledingmaker

Dat ze voor hem koos, was eigenlijk vanzelfsprekend. Aan de overkant van de straat zat op dat moment nog herenmodezaak De Vries, ook togaleverancier. ‘Gombert stond al lang op mijn netvlies als een begenadigd kledingmaker. Mijn man en zijn zusjes werden als kind al door hem van paardrijkleding voorzien.’ Later is ze nog een paar keer langs geweest: ‘Om te vragen hoe het met hem ging. Vond hij leuk, maar hij had het altijd druk.’

De juiste toon

Gerrit Gombert raakte altijd de juiste toon, zeggen zijn nabestaanden én zijn klanten. Respectvol, maar nooit slaafs. En met de nodige kwinkslagen. Diverse klanten kregen bij het omleggen van de centimeterband te horen dat hun schedelomvang er mocht wezen. Waaraan de kleermaker dan toevoegde dat filosoof Lolle Nauta (1929-2006) met zijn 62 centimeter toch de kroon spande.

Zijn vrouw deed op het laatst de draden voor hem in de naalden. Gombert zelf wilde er nog niet aan dat de ogen het lieten afweten en dat de taken te complex werden. In die periode maakte hij dezelfde toga twee keer. In het najaar van 2016 leverde hij zijn laatste toga af.

Goffe Jensma kampte twee jaar geleden met een los haakje. Hij vervoegde zich bij de togamaker die altijd bij de zaak was blijven wonen en kreeg een handvol haakjes mee. In de trein op weg naar een plechtigheid voerde de hoogleraar Fries de reparatie zelf uit.

Ook Ben Feringa werd geholpen. Mevrouw Gombert tornde ter plekke de rand van een nieuwe baret af. Mevrouw Feringa zou die er thuis wel aanzetten.

Herinneringen

De etalage aan het Akerkhof is er nog. Met twee zijden dassen – ‘thans tien euro’ -, een paardrijbroek, een vergeeld befje, een overhemd en een paar coupons. Stoffelijke herinneringen aan de kleermakerij die op 1 januari 2018 officieel werd geliquideerd.

Waar moet je heen als je nu nog een toga wilt aanschaffen? ‘Dat zoeken ze maar op op internet’, vindt weduwe Gombert. Een zakenvrouw laat zich over zoiets niet uit.

Maar natuurlijk kent ze atelier Zlatka in Veendam, opgericht door de vrouw van een bode van het Academiegebouw en nu gedreven door haar dochter. Zlatka maakt toga’s sinds 2005 en profileert zich op de website ondertussen als enige togamakerij in het noorden van het land.

Gerrit Jan Gombert werd op 19 september 1932 geboren in Groningen en overleed daar op 30 september 2018

English