Wetenschap

Antarctica

Algen zoeken onder het zeeijs

Sommige onderzoekers hebben mazzel. Ze belanden niet in de kelder van een grijs laboratorium, of op een flexibele werkplek. Nee, hun werkplek lijkt meer op een vakantiebestemming. Deel 2 van de serie ‘Vette Plekken’: Antarctica.
Door Christien Boomsma / Foto Povl Abrahamsen

Jacqueline Stefels gaat regelmatig naar Antarctica. De poolonderzoekster van Science and Engineering onderzoekt er de gevolgen van smeltend zeeijs op de vorming van dimethylsulfide, of DMS.

Veel mensen associëren het gas met de geur van de zee, maar eigenlijk is het een organische zwavelverbinding, geproduceerd door algen. Het bevordert wolkenvorming en gaat daardoor het broeikaseffect tegen. Maar met het smelten van het zeeijs, worden ook de algenvelden eronder aangetast.

‘Als je eenmaal naar Antarctica bent geweest, dan kom je er niet meer van los. Het is er zo ongelooflijk prachtig, je moet er wel verliefd op worden. Ik weet nog precies hoe het was toen ik mijn allereerste ijsberg zag door het patrijspoortje van onderzoeksschip de Polarstern. Dan komt daar zomaar ineens een flatgebouw langsdrijven!

Overweldigend

Op dat moment was het volkomen overweldigend. Nu weet ik dat het eigenlijk maar een gewone, saaie ijsberg was en helemaal niet zo mooi. Ik heb er nu al zo veel gezien, in de meest bizarre vormen. Soms gladgeslepen door het water en de wind, soms met vreemde poorten en grillige gaten.

Een keer zag ik de Larsen B ijsschots voorbijkomen, die in 2004 is afgebroken van het vasteland. Dat waren echt flatgebouwen in oranje en roze. Waanzin! De zon was laag, het was heel stil en wij tuften langzaam door die stilte. Op die momenten ben ik niet van het dek te branden.

Als het je even teveel wordt, ga je langlaufen op een gletsjer

Mensen denken vaak dat het heel koud is, maar op zee wordt de kou gebufferd door de temperatuur van het zeewater. Het zeewater is minimaal -2, dus dan is het aan dek ongeveer -10 of -20. Koud, maar met een dikke jas en een muts is het prima te doen.

Keihard werken

Als je onderzoek doet op zo’n schip, is het keihard werken, zeven dagen per week en dan heb je het na negen weken echt wel gehad op zo’n klein oppervlak. Maar meestal zit ik op de Britse basis Rothera. Daar werken meer dan honderd mensen en wij zijn daar dan te gast met zo’n tien Nederlanders.

Het leven daar is verrassend “gewoon”. Er is een kok die heerlijke maaltijden kookt, op woensdag en zondag is er cinema en op zaterdag is er altijd een echt diner waar iedereen zich netjes voor aankleedt.

Zo nu en dan ga je met van die kleine zodiacs de baai in, om zelf monsters te nemen. Heerlijk is dat: pinguïns op een rots, het zeeijs dat de baai in- en uitdrijft. En als het je even te veel wordt – en natuurlijk gebeurt dat – dan ga je langlaufen en zit je even later op een gletsjer je ergernis te verbijten en dan denk je toch: ‘Niemand pakt me dat meer af.’

English