Lege zalen

Video-opnames van colleges leiden tot lege zalen, vrezen sommige docenten. Een argument van niks, want aanwezigheid is geen doel maar een middel, betoogt UKrant-columniste Alex Steenbreker.
Door Alex Steenbreker

Ik heb vier keer een presentatie gehouden waarbij ik mezelf heb laten filmen, om achteraf te kijken wat ik de volgende keer beter kan doen. Na de confrontatie met de eerste opname ben ik de moed kwijtgeraakt voor het bekijken van de rest. Ik kan me dus prima voorstellen dat docenten niet warm lopen voor het idee dat hun colleges op Nestor verschijnen. Stel je voor dat iemand ze bekijkt.

Natuurlijk is college volgen in de zaal iets anders dan een opname ervan kijken. In de zaal moet je je neerleggen bij de spreeksnelheid en verstaanbaarheid van de docent, maar heb je wel de kans om vragen te stellen. Bovendien kan je jezelf een schouderklopje geven dat je geweest bent, zelfs als dat op zich geen prestatie was.

Bij een opname kan je een trage spreker versneld afspelen, ademloze docenten pauzeren om zelf op adem te komen of terugspoelen als je iets niet in één keer begrijpt. Daar staat tegenover dat je de interactie mist.

Je kunt je afvragen welke van de twee beter werkt. Het antwoord is snel gegeven: naar het echte college gaan, werkt beter. Bingewatchen vlak voor het tentamen werkt niet. De meeste studenten kunnen dit begrijpen en toepassen. Voor een aantal geldt dat niet: voor hen is het misschien tijd om een uitglijder te maken. Als dat in de praktijk niet gebeurt, zit het probleem niet bij de beschikbaarheid van opnames, maar bij de te lage eisen van het vak.

Maar ‘welke van de twee is beter?’ is de verkeerde vraag. Want wat nog beter werkt dan aanwezig zijn, is die aanwezigheid aanvullen met het juiste gebruik van een opname. Dat verzin ik niet zelf, er is natuurlijk gewoon onderzoek naar gedaan.

Daarvoor moeten de opnames natuurlijk wel beschikbaar zijn. Dat is blijkbaar eng, want er hangt een dreiging van leerzame onvoldoendes en lege zalen. ‘Straks komt er niemand meer’, zeggen opnametegenstanders. Alsof aanwezigheid het doel is in plaats van het middel.

Ik heb zelf geen duidelijk verschil gemerkt in opkomst, als ik terugdenk aan vakken waarbij wel of niet werd opgenomen. Ja, er waren studenten die met opnames besloten niet meer te komen, maar zij waren de uitzonderingen die er doorgaans uitstekende redenen voor hadden.

Die angst zelf vind ik dus een slecht argument, maar er hoort stiekem een ander argument bij. De moed zonk me in de schoenen toen ik die voor het eerst hoorde. Het is het idee dat je niet op de universiteit thuishoort als je de colleges niet goed kunt bijhouden.

Dat suggereert namelijk dat revisie niet nodig zou mogen zijn. Maar leren is een proces, eventueel met fouten, geen passieve ontvangst van kennis. Als de norm is dat studenten alles met gemak kunnen volgen, ligt de lat wel erg laag.

Waar zou dat toe leiden? Ik vrees mee voor lege zalen.

30 January 2019 | 30-1-2019, 10:00