Demonstreren? 'Nee, ik moet nog eten'

Meer dan vierduizend Groningers namen dinsdagavond de fakkel in de hand om te protesteren tegen gasboringen. Studenten waren moeilijk te vinden. En als ze er al waren, stonden ze met lege handen langs de route.
Door Wouter Hoogland

Vorige week riep cabaretier Freek de Jonge de student nog op om meer van zich te laten horen. Aan die oproep wordt dinsdag nog nauwelijks gehoor gegeven: de gemiddelde leeftijd van de demonstranten ligt eerder rond de vijftig.

Op de vraag waar de jongeren zijn gebleven, geven de enkele tientallen studenten die wél meelopen vrijwel unaniem hetzelfde antwoord: de gemiddelde student merkt niets van aardbevingen, en ziet dus niet de ernst van het probleem in.

Een tocht als deze kan wel voor de nodige bewustwording zorgen, zegt ook een stelletje dat toevallig meeloopt. ‘Ik heb nooit geweten dat er zo veel mensen last hebben van gaswinning’, geeft een studente toe. Waarom de twee dan toch meelopen? ‘Het is koud, en de fakkels waren lekker warm,’ zegt ze wanneer de camera uitstaat.

Schaamte

Enige schaamte is dan ook wel te merken bij sommigen. Veel waren niet eens op de hoogte van de demonstratie. Zelfs degenen die er wel van wisten, weten vaak niet een beter excuus te verzinnen dan ‘ik moet nog eten’.

Zo moet ook student Daniël toegeven dat hij geen specifieke reden heeft om niet een fakkel te dragen. ‘Het zijn toch voornamelijk mensen die bang zijn dat hun huis instort. De meeste studenten wonen hier op kamers. Die krijgen niet veel mee van de gevolgen van de gaswinning.’

Voor Koen is het een zaak van respect. Zelf komt hij oorspronkelijk uit Leeuwarden, maar hij loopt wel mee uit solidariteit met de Groningers. ‘Ik vind dat de studenten mee moeten lopen. Je bent wel te gast in deze provincie. Dan moet je ook opkomen voor de mensen die hier wonen.’

English

08 February 2017 | 8-2-2017, 13:18