Etniciteit op school: ‘Benadruk gedeelde interesses’

Etniciteit op school: ‘Benadruk gedeelde interesses’

Als klasgenoten verschillende culturele achtergronden hebben, zorgt dat niet per se voor meer agressie. Maar een gedeelde etniciteit zorgt wel voor hechtere vriendschappen, zegt socioloog Marianne Hooijsma.
11 februari om 17:06 uur.
Laatst gewijzigd op 11 februari 2020
om 18:06 uur.
februari 11 at 17:06 PM.
Last modified on februari 11, 2020
at 18:06 PM.


Anna Koslerova

Door Anna Koslerova

11 februari om 17:06 uur.
Laatst gewijzigd op 11 februari 2020
om 18:06 uur.
Anna Koslerova

By Anna Koslerova

februari 11 at 17:06 PM.
Last modified on februari 11, 2020
at 18:06 PM.
Anna Koslerova

Anna Koslerova

Studentredacteur
Volledig bio
Student editor
Full bio

Hooijsma onderzocht voor haar PhD lagere en middelbare scholen met meer dan duizend leerlingen. ‘Wat we gemeen hebben is belangrijker dan wat ons verdeelt’, ontdekte ze. ‘Dus zouden leraren de nadruk moeten leggen op de gedeelde interesses van kinderen, in plaats van op hun etnische achtergrond.’  

Kinderen zijn selectief bij het kiezen van hun vrienden, maar leggen minder nadruk op negatieve relaties dan op positieve. Ze hebben dus een voorkeur voor mensen die op hen lijken, maar wie anders is wordt niet automatisch een vijand. ‘Ze trekken zich gewoon wat minder van hen aan’, zegt Hooijsma.

Dit strookt niet met de geaccepteerde ideeën uit de sociale psychologie over ons verlangen naar een positieve groepsidentiteit. We willen dat ons voetbalteam het beste is en dat onze klas het populairst is, en een van de manieren om ‘onze groep’ er gunstig uit te laten springen is door te doen alsof anderen minder zijn dan wij.  

Die neiging om anderen neer te sabelen was in Nederlandse schoolklassen echter niet zichtbaar met betrekking tot etniciteit, zegt Hooijsma. Hoewel kinderen liever omgingen met leeftijdsgenoten die dezelfde culturele achtergrond hadden, wezen ze degenen met een andere etniciteit niet af. 

Vooroordelen opzij zetten

Gedeelde interesses, zoals hobby’s en muziek, spelen een belangrijke rol in het kiezen van vrienden, maar nabijheid is ook van belang. Als kinderen in dezelfde klas zitten zijn ze niet méér geneigd om klasgenoten te verdedigen die dezelfde etniciteit hebben, ontdekte Hooijsma, terwijl dat wel het geval is bij kinderen met gedeelde wortels in verschillende klassen.  

Wat kunnen leraren doen om leerlingen te helpen hun vooroordelen jegens klasgenootjes opzij te zetten? Volgens Hooijsma moeten ze proberen een groep te vormen en zouden ze de leerlingen moeten aanmoedigen om hechte vriendschappen met elkaar te vormen. Dat kan door ze bijvoorbeeld samen aan een opdracht te laten werken of door ze te laten onderzoeken wat ze gemeen hebben.

‘We weten dat vriendschappen gevormd worden op basis van een gedeelde identiteit’, zegt Hooijsma. ‘Of dat een gedeelde liefde voor bepaald eten is of een gezamenlijke culturele achtergrond, hangt vooral af van de manieren waarop we deze kinderen aanmoedigen met elkaar om te gaan.’

English

advertentie