Discipline

Columnist Alex Steenbreker is van zichzelf best gedisciplineerd. Maar soms gaat ook zij ‘soggen’. ‘Als ik echt niet aan de slag wil, vertel ik mezelf, kan ik beter iets leuks gaan doen’
Door Alex Steenbreker

Ik verwonder me over een poster die vlakbij de kantine hangt in de Bernoulliborg op Zernike. De poster stelt aan voorbijgangers de vraag of zij een gebrek aan discipline hebben. Ik heb al wel eens geantwoord ‘nee, ik wil alleen maar even lunchen’, maar de poster was niet onder de indruk en raadde me aan om langs te gaan bij het studentenservicecentrum.

Toen ik het aanbod aldaar aan het verkennen was, ontdekte ik dat het enkele cursussen en groepen aanbiedt onder het motto ‘zelfdiscipline’. Wat deze zelfdiscipline onderscheidt van gewone discipline, is me niet helemaal duidelijk. De Van Dale legt discipline uit als een ‘regime van strenge gedragsregels’, maar zelfdiscipline kent ook hij niet.

Nu heb ik niet direct prettige associaties bij de woorden ‘regime’, ‘streng’ en ‘gedragsregels’, maar ik begrijp dat die zelfdiscipline een waardevolle vaardigheid is. Wie doelgericht wil handelen, kan gedragsregels gebruiken om niet aan vluchtige verleidingen toe te geven. Uitstelgedrag wordt dan ook gezien als het belangrijkste symptoom van een disciplinetekort.

Onder studenten heeft het een andere naam: studieontwijkend gedrag, liefkozend afgekort naar SOG en daardoor bruikbaar als werkwoord. Ik sog ook wel eens, net als de meeste studenten, maar het is bij mij gelukkig geen dagelijkse strijd. Het lukt me namelijk meestal snel om op te merken dat ik aan het soggen ben en in te grijpen.

Het aangrijpen van zinloze activiteiten om je plannen nog even op te schuiven, levert slechts stress en een schuldgevoel op

Op ernstige toon, desnoods hardop, rapporteer ik aan mezelf dat mijn gesog weer gesignaleerd is. Als ik echt niet aan de slag wil, vertel ik mezelf, kan ik beter iets leuks gaan doen. Het aangrijpen van zinloze activiteiten om je plannen nog even op te schuiven, levert slechts stress en een schuldgevoel op. Terwijl een keuze maken waar je achter staat en iets leuks gaan doen, toch zeker positief is.

Mezelf die keuze voorleggen is geen schijnvertoning. Als ik merk dat het idee om vrije tijd te nemen me oplucht, ondanks de consequenties, zet ik echt mijn studieplannen opzij. Ik heb er eigenlijk nooit spijt van, hoewel de achterstand inhalen niet altijd makkelijk is.

Als het idee van vrije tijd nemen me niet aanstaat, is er iets anders aan de hand. Dan kan ik het me niet veroorloven om te soggen. Aangezien ik het toch aan het doen was, is er ergens een probleem dat opgelost dient te worden en dan wordt dat prioriteit nummer één. Vaak moet ik afleidende factoren verwijderen, een concreter plan bedenken, ergens een beginnetje zoeken of alle drie.

Hoewel deze aanpak voor mij doorgaans effectief is en ik daardoor heel doelgericht te werk kan gaan, herken ik het regime van strenge gedragsregels er niet in. Discipline wordt gezien als een goede eigenschap, maar weten we eigenlijk wat het is?

Als ik weer langs de poster bij de kantine loop, heb ik mijn nieuwe antwoord klaar. Of ik te weinig discipline heb?

Nee, ik doe wat ik wil.

08 April 2019 | 10-4-2019, 9:15