Slimme onwetendheid

Als biologiestudente kon ik mijn enthousiasme maar moeilijk beheersen, toen een vriendin vertelde dat ze een havo-deelcertificaat biologie wilde gaan halen.
Door Alex Steenbreker

Nog voor ze uitgepraat was, had ik een onnavolgbare spoedcursus gefabriceerd, maar ze zei dat ze eerst wel een paar bibliotheekboeken zou doorbladeren. Ik droop af.

Inmiddels is dat alweer een paar maanden geleden. Laatst kreeg ik een schematische tekening van een cel toegestuurd, waarin de verschillende onderdelen waren aangegeven.

‘Alex, help’, whatsappte ze er achteraan. ‘Ik kan het hoofdstuk niet volgen en er zijn zoveel termen die ik niet kan onthouden. Blijkbaar ben ik nog dommer dan een ‘dummie’.’

Ik begon natuurlijk te vertellen hoe cellen in elkaar zitten, maar al snel onderbrak ze me.

‘Maar wat is dan een cel?’ vroeg ze. ‘Is het gewoon een random ding in je lichaam?’

Ik moest het appje een tweede keer lezen om mezelf ervan te overtuigen dat dit echt was wat ze me vroeg. Vervolgens probeerde ik me zo goed mogelijk in te leven in iemand die zo weinig van biologie weet. Organen, dacht ik. Organen kent ze wel en bacteriën ook.

In de minuten die erop volgden, deed ik mijn best om alle aannames te achterhalen die ik onbewust over haar voorkennis zou kunnen hebben. Plotseling kon ik me een stukje beter inleven in mijn docenten.

Docenten besteden soms halve colleges aan leerstof uit de derde klas van de middelbare school. Het andere uiterste is dat ze in een halve minuut racen door theorie die de meeste studenten in de verste verte niet bekend voorkomt. Inmiddels heb ik wel in de gaten dat zo’n verkeerde inschatting een gevolg kan zijn van gouden bergen aan kennis en inzicht.

Terwijl ik verder aan het vertellen was over organen en cellen, vroeg ik me af wat een gemiddelde economiestudent weet van het reilen en zeilen binnen een cel. Zouden economiestudenten veel meer weten dan mijn vriendin? Misschien niet, concludeerde ik. Even vond ik dat een heel vreemd idee, maar ik bedacht dat er vast ook vele thema’s zijn waar ik als biologiestudent zo weinig van af weet dat een economiestudent ervan in de war zou raken.

‘Wat ik me nu afvraag’, zei mijn vriendin toen ik eindelijk goed op dreef was met mijn uitleg, ‘Hebben de cellen in je lichaam dan allemaal verschillende genen?’

Nee, legde ik uit. Alle cellen in je lichaam hebben in principe hetzelfde DNA.

‘Maar als genen bepalen wat een cel doet en alle cellen in je lichaam dezelfde genen hebben’, zei ze, ‘Hoe kan het dan dat cellen in je lichaam tóch verschillende dingen doen?’

Dat ging snel, dacht ik. Ze heeft direct in de gaten dat het zo simpel niet kan zijn. Met internet in je broekzak lijkt een hoofd vol kennis soms overbodig. Dat is een misverstand. Zonder kennis van zaken kun je niet de juiste vragen stellen.

21 November 2018 | 21-11-2018, 15:21