Nog bozer en nog machtelozer na Zeerijp

De beving van Zeerijp van 8 januari heeft het vertrouwen van de mensen in het aardbevingsgebied alweer een dreun gegeven. Ze voelen zich nog onveiliger, nog machtelozer en nog bozer dan daarvoor.
Door Christien Boomsma

RUG-onderzoekers Tom Postmes en Katerine Stroebe volgen de bewoners van het aardbevingsgebied nu al een aantal jaren voor het onderzoek ‘Gronings Perspectief.’ Het vertrouwen in de verantwoordelijke instanties, inclusief de Rijksoverheid, is opvallend diep weggezakt’, zegt Stroebe.

De onderzoekers benaderden de bewoners binnen 48 uur na de beving. 990 mensen vulden de vragenlijst al na een dag in. In totaal deden 1991 mensen dat.

Uit het rapport blijkt dat wat mensen rapporteren over de beving, sterk overeenkomt met de feitelijke metingen van het KNMI. Oftewel: ze vertellen niet zomaar iets. Hetzelfde geldt voor de schademeldingen. Die hangen sterk samen met de heftigheid van de beving op een bepaalde plek. Oftewel: mensen melden niet lukraak schade.

Scepsis

Mensen waardeerden de massale aandacht voor de beving, blijkt uit het rapport. Maar tegelijk is er scepsis en achterdocht. ‘Bewoners zeggen: “We horen al jaren mooie woorden, maar ondertussen ligt alles stil”‘, constateert Postmes. Het vertrouwen dat de overheden iets voor hen zullen doen is minimaal.

Uit het rapport: ‘Wat heeft het voor zin te laten weten wat ik wil? De overheid en de NAM interesseert het toch geen donder wat ons overkomt. Geld is belangrijker dan mensenleed.’

De laatste ontwikkelingen – de impasse rond de versterking van de huizen – zal de situatie niet beter hebben gemaakt, denkt Postmes. ‘De gevoelens van onveiligheid verbeteren als er een tijdlang geen beving is geweest’, zegt hij. ‘Maar het wantrouwen ten opzichte van de overheid, dat veert zomaar niet terug.’

In de scores zou dat echter nauwelijks zichtbaar zijn, zegt hij. Lager kán in veel gevallen al niet meer.

06 June 2018 | 6-6-2018, 10:32

Meest gelezen