Bètafaculteiten willen fundament versterken

Bètafaculteiten willen fundament versterken

De Nederlandse bètafaculteiten presenteren vandaag een gezamenlijke visie over de sectoren aard- en milieuwetenschappen, astronomie, biologie en farmaceutische wetenschappen aan het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
17 december om 11:45 uur.
Laatst gewijzigd op 17 december 2020
om 11:46 uur.
december 17 at 11:45 AM.
Last modified on december 17, 2020
at 11:46 AM.


Door Giulia Fabrizi

17 december om 11:45 uur.
Laatst gewijzigd op 17 december 2020
om 11:46 uur.

By Giulia Fabrizi

december 17 at 11:45 AM.
Last modified on december 17, 2020
at 11:46 AM.

Giulia Fabrizi

Nieuwscoördinator
Volledig bio
News coordinator
Full bio

De zogeheten sectorvisies moeten ervoor zorgen dat de fundamenten van de vier sectoren op de Nederlandse universiteiten worden versterkt. De nieuwe visies moeten vervolgens leiden tot sectorplannen, zoals die eerder voor onder meer natuurkunde, scheikunde, informatica en wiskunde al werden gepubliceerd.

‘Doordat binnen een sectorplan onderzoek, onderwijs en maatschappij in een sector in samenhang worden bezien, draagt het bij aan de ontwikkeling van gerichte toekomstplannen via een goede samenwerking tussen de Nederlandse universiteiten’, zegt Jasper Knoester, decaan van de Faculteit Science and Engineering en voorzitter van het overleg van bètadecanen.

Noodzaak investering

Volgens de opstellers laten de visies de noodzaak voor verdere investering zien. De sectorbeelden laten volgens hen zien op welke manier de sectoren een bijdrage kunnen leveren aan maatschappelijke en wetenschappelijke onderwerpen als de verandering van het klimaat, de achteruitgang van de biodiversiteit, duurzame voedselvoorziening en de ontwikkeling van vaccins tegen nieuwe infectieziekten.

Het initiatief voor sectorvisies komt van de bètadecanen van de Nederlandse universiteiten. De sectorvisies zijn opgesteld door academici van alle betrokken universiteiten. Daarbij hebben ze input gekregen van onderzoeksinstituten van zowel de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek als de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) en diverse maatschappelijke partners.