Aziaten wachten langer op vergunning

Aspirant-studenten uit Nepal, Pakistan en Bangladesh worden extra gecontroleerd voordat ze een verblijfsvergunning krijgen om in Nederland te studeren.
Door Traci White / Vertaling door Sarah van Steenderen

Een plotselinge toename van vergunningsaanvragen door aspirant-studenten uit de drie Zuidoost-Aziatische wekte deze zomer de indruk dat bemiddelaars van wervingsbureaus uit die landen mogelijk onder valse voorwendselen allerlei aanvragen indienden, al was daar geen concreet bewijs voor.

Door de extra controle moeten aanvragers uit Bangladesh, Nepal en Pakistan langer wachten voordat hun status in Nederland wordt goedgekeurd. Burgers uit die landen hebben een visum nodig voordat ze Nederland binnen mogen.

Als de IND twijfelt over een aanvraag, kan die wachttijd van negentig dagen weer helemaal opnieuw beginnen.

‘In het geval van Nepal dachten we dat het misschien met de aardbeving daar te maken had dat er meer mensen in het buitenland willen studeren’, zegt Floor van Donselaar, communicatieadviseur bij EP-Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationalisering in het onderwijs. ‘Maar de toename was zo substantieel dat de IND besloot om universiteiten het advies te geven extra voorzichtig te zijn tijdens de aanvraagpiek in de zomer.’

Signalen

In Juni publiceerde de IND een nieuwsbrief over de betrouwbaarheid van bepaalde aanvragers uit Zuidoost-Aziatische landen: ‘Signalen over studenten uit Zuidoost-Azië’. In de brief worden Nepal, Pakistan en Bangladesh specifiek genoemd.

‘Verschillende onderwijsinstellingen vanuit het hoger onderwijs hebben richting de IND aangegeven een onverwachte toename van in te schrijven studenten uit Zuidoost-Azië waar te nemen’, staat in de verklaring.

Opvallende toename

De IND waarschuwde instituten om ‘niet in zee te gaan met agenten die niet vertrouwd worden en bij de selectie van studenten zeer zorgvuldig te werk te gaan’. Daarmee reageerde de dienst op het feit dat meerdere universiteiten bij de IND aan de bel trokken om een opvallende toename van aanvragers uit de drie Aziatische landen te melden.

Veel universiteiten maken gebruik van wervingsbureaus in het buitenland om wetenschappers aan te trekken. Judith Barthel, werkzaam bij de marketingafdeling van de RUG, zegt dat de universiteit in Indonesië, India en een handvol andere landen gebruikmaakt van ‘vertrouwde vertegenwoordigers’. Volgens Barthel is de RUG op dit moment bezig institutionele richtlijnen op te stellen voor de omgang met buitenlandse bemiddelaars en vertegenwoordigers.

‘Binnen 90 dagen’

IND-persvoorlichter Janet Taken wil niet bevestigen of bepaalde landen extra gecontroleerd worden. Ook gaat ze niet in op de vraag hoeveel vertraging de extra controles opleveren. Volgens Taken is in de online klantdienstwijzer van de IND te lezen wat de wachttijd is voor de aanvragen van specifieke nationaliteiten. Maar de wijzer geeft voor de drie Zuidoost-Aziatische landen geen afwijkende wachttijden aan.

Volgens de IND-website beslist de organisatie ‘doorgaans binnen negentig dagen over een verblijfsaanvraag’. Maar als de dienst door ook maar een van de documenten in een aanvraag aan het twijfelen wordt gebracht, kan die periode van negentig dagen weer helemaal opnieuw beginnen.

De RUG heeft niet veel studenten uit de betreffende Zuidoost-Aziatische landen: in het academische jaar 2015-2016 stonden er drie Nepalese, twee Bengalese en zeven Pakistaanse studenten ingeschreven bij de universiteit. Uit statistieken van EP-Nuffic blijkt dat er in diezelfde periode in totaal 94 Nepalese, 158 Pakistaanse en 74 Bengalese studenten ingeschreven stonden bij Nederlandse instellingen.

English

08 September 2016 | 14-9-2016, 11:42