Student uit Koeweit en Oman niet meer welkom in Maastricht

In ‘Intussen elders’ verzamelen we opmerkelijk nieuws van andere universiteiten. Deze week: Faculteit geneeskunde van de Universiteit Maastricht neemt geen studenten met overheidsbeurzen uit Koeweit en Oman meer aan.
Samengesteld door Rob Siebelink

Maastricht: geen studenten uit Golfstaten

De faculteit geneeskunde van Maastricht University neemt geen studenten met overheidsbeurzen uit Koeweit en Oman meer aan, meldt het universiteitsblad Observant. De beurzenprogramma’s leveren te veel problemen op. De overheid in beide landen stellen te veel eisen aan de voertaal van de opleiding en aan ook stageplekken.

Een soortgelijk programma met Saoedi-Arabië werd al eerder stopgezet. De ervaringen met dat land waren frustrerend, schrijft Observant. Er was steeds onenigheid met Riaad. Ook omdat de resultaten van de Saoedische studenten niet erg goed waren, en hun gedrag hier en daar problemen opleverde, stopte Maastricht in 2015 ermee.

Ter vervanging werd het programma opengesteld voor studenten uit de Golfstaten, met name Koeweit en Oman. Ook die arriveerden met een ruime overheidsbeurs, waarin het hoge instellingstarief van 32.000 euro was verwerkt.

Maar probleemloos verliep het ook hier niet. Onderhandelingen met de ministeries van Onderwijs ‘gaan anders dan bij ons en de vermenging van onderwijs en politiek’ was ook niet iets waar de faculteit blij van werd.

‘Stress onder student neemt niet toe’

Nemen de psychische problemen onder studenten echt toe? Nee, zegt voormalig hoogleraar victimologie Peter van der Velden van het Tilburgse onderzoeksinstituut CentERdata in een interview met het Hoger Onderwijs Persbureau (HOP). In de afgelopen tien jaar is er eigenlijk niets veranderd.

Uit zijn nieuwe onderzoek blijkt dat de cijfers in tien jaar nagenoeg gelijk zijn gebleven. In 2007, 2012 en 2017 ondervond ongeveer 7 procent van de studenten en niet-studerende jongeren (ernstige) problemen met studie en werk vanwege gezondheid of psychische problemen. In alle drie de jaren voelde circa 35 procent zich regelmatig vermoeid en zo’n 9 procent had last van (ernstige) angst- en depressieve gevoelens. Minder dan 2 procent gebruikte daar medicijnen voor.

Eerdere onderzoeken geven een heel ander beeld. Deze week kwam het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO) nog naar buiten met cijfers, afgeleid uit achttien eerdere onderzoeken naar studentenwelzijn. De helft van de studenten zou last hebben van problematische stress, een derde van psychisch gerelateerde klachten (zoals concentratieproblemen, faalangst en depressie) en 15 procent loopt serieus risico op een burn-out.

Het verschil zit daarin, volgens Van der Velden, dat het ISO-onderzoek geen wetenschappelijke publicaties is. ‘Er zit nogal een onderscheid tussen een rapportje of een peer-reviewd artikel waar echt streng naar is gekeken. Als een student-psycholoog meldt dat er meer aanmeldingen zijn, mag je niet concluderen dat er dus meer studenten met problemen zijn.’

Leiden waarschuwt voor aanranders

Studentenverenigingen in Leiden waarschuwen hun vrouwelijke leden ’s nachts niet alleen over straat te gaan, nadat enkele studenten zijn lastiggevallen. De politie wil inhoudelijk niet op de zaken ingaan, maar ontkent dat er sprake is van een serie-aanrander.

‘Wij hebben gezegd dat ze er alert op moeten zijn dat niemand alleen naar huis gaat, of met elkaar in contact blijven via WhatsApp of via live locaties, of samen naar huis gaan om dit te voorkomen’, zegt Rosalie Klerkx, preses van studentenvereniging Augustinus, in de Leidse universiteitskrant Mare.

Ook internationale studentenvereniging ISN plaatste een waarschuwing op haar Facebookpagina: ‘Het is onder onze aandacht gekomen dat er de laatste weken verschillende aanvallen op studenten hebben plaatsgevonden, met name in de buurt van de Breestraat en de Haarlemmerstraat. Blijf alert, en probeer in groepjes naar huis te reizen, en je live locatie naar vrienden te sturen als je naar huis gaat. Bij gevaar, BEL 112!

U-raad ziet reorganisatie facilitaire diensten (nog steeds) niet zitten

Foto: Piter Siebenga

‘Dit plan lost niets op’

U-raad ziet reorganisatie facilitaire diensten (nog steeds) niet zitten

De reorganisatie van de facilitaire diensten van de RUG gaat voorlopig niet door. De universiteitsraad wees een voorstel van het universiteitsbestuur donderdag terug naar de tekentafel. Het college van bestuur moet nu met nieuw plan komen.

Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

15 november om 10:21 uur.
Laatst gewijzigd op 15 november 2019
om 10:22 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

november 15 at 10:21 AM.
Last modified on november 15, 2019
at 10:22 AM.

De dienstverlening (circa 140 portiers, conciërges en bodes) verschilt nu van faculteit tot faculteit. Beveiligingstaken en baliebezetting zijn verschillend, hetzelfde geldt voor de sleuteluitgifte en de afhandeling van storingen en klachten, stelt de RUG.

In geval van ziekte wordt ‘eerder het uitzendbureau gebeld dan een collega van een faculteit op honderd meter afstand’ en verder wordt er onvoldoende gebruik gemaakt van elkaars kennis en ervaring. Als gevolg wordt ‘het wiel telkens opnieuw uitgevonden’, aldus het college van bestuur (cvb).

Geen bezuiniging

De RUG wil de afzonderlijke diensten daarom onderbrengen in een centrale organisatie als onderdeel van het Facilitair Bedrijf (FB). Het gaat niet om een bezuinigingsoperatie en er gaan geen arbeidsplaatsen verloren, benadrukt het cvb, en voor de 140 facilitaire medewerkers zal er onderaan de streep niet veel veranderen.

Vooral bij de kleinere faculteiten zijn de eigen facilitaire diensten kwetsbaar, stelt Hans Biemans, de financiële man binnen het cvb. ‘Als een lampje stuk is en er is geen portier, wie vervangt dat lampje dan? Wie gaat er voor portier spelen? Het zit in veel kleine dingen en daar kunnen we een verbeterslag maken.’

Het gaat er om dat een centrale organisatie efficiënter kan werken, ook qua kosten, stelt het RUG-bestuur. ‘Doel is uiteindelijk dat de RUG meer kwaliteit voor hetzelfde geld krijgt.’

‘Flinterdun’

Maar net als twee jaar geleden, toen er een soortgelijk voorstel op tafel lag, ziet een meerderheid van de universiteitsraad er weinig in. Die vindt dat het plan geen problemen oplost maar eerder veroorzaakt. Er is geen duidelijke aanleiding of reden om zo’n operatie in gang te zetten, vindt de raad, en de argumenten die het cvb aandraagt zijn ‘flinterdun’. ‘Dit voorstel lost niets op’, zei Dinie Bouwman, voorzitter van de Personeelsfractie.

Daarbij speelt mee dat de u-raad signalen krijgt dat het Facilitair Bedrijf zijn zaakjes onvoldoende op orde heeft. Bouwman: ‘Bij het FB is het nogal rommelig.’ Ook veel werknemers van de facilitaire diensten die nu nog onder de faculteiten vallen, zien een overstap naar een centrale organisatie niet zitten, stelt de Personeelsfractie.

Binnenstad

Volgens cvb-voorzitter Jouke de Vries hebben de medewerkers van de kleinere faculteiten, maar ook op Zernike geen problemen met een centrale dienst en komen de protesten vooral van enkele faculteiten in de binnenstad.

Het hangt er maar van af waar je je oor te luisteren legt en welk verhaal je dan hoort, stelt de cvb-voorzitter. ‘Ik heb ook mensen aan mijn bureau gehad die juist willen dat dit plan doorgaat. Niet iedereen is tegen, en met name kleine faculteiten hebben er baat bij.’

Het cvb komt later dit academisch jaar met een aangepast voorstel.

22 studenten van de RUG in Hongkong

Foto Studio Incendo

RUG-studenten Hongkong getroffen door protesten

‘Rubberkogels in de studentenverblijven’

22 studenten van de RUG in Hongkong zijn getroffen door het sluiten van scholen en universiteiten in de voormalige Britse kolonie. Student arts, culture and media Noralie Leidinger is een van de studenten die probeert naar huis te komen.
Rob Siebelink, Christien Boomsma en Anne de Vries

Het ministerie van Buitenlandse Zaken kondigde woensdag een ‘code geel’ af voor Hongkong. Dat betekent dat het ministerie waarschuwt voor veiligheidsrisico’s in de regio. Er zijn demonstraties en wegblokkades, vooral bij politiestations, overheidskantoren, universiteiten en metrostations, die vaak leiden tot gewelddadige confrontaties tussen betogers en politie. Ook rond universiteiten waren heftige confrontaties tussen agenten en demonstranten.

Studente arts, culture and media Nora Leidinger doet een uitwisseling met de City University of Hongkong. ‘De situatie is heel moeilijk op dit moment’, zegt ze. ‘De politie schiet met traangas en rubberen kogels op de campus en in studentenverblijven.’


Vluchtelingenkamp

De campus lijkt momenteel meer op een vluchtelingenkamp dan een universiteitsterrein, zegt Leidinger. ‘Ik breng er zometeen voedsel en medicijnen heen.’

Ze probeert zo snel mogelijk een vlucht naar huis te boeken, maar dat is niet eenvoudig. Ook het krijgen van betrouwbare informatie is een probleem. ‘Het meeste nieuws krijg ik via Instagram. Maar dat betekent ook dat ik mijn feed open en niet alleen de nodige Hongkong updates krijgt, maar ook de posts over mode, 11.11 en zo. En dat resulteert in een behoorlijk surrealistische mentale split-screen tussen de gebeurtenissen thuis en hier in Hongkong.’

RUG houdt contact

De universiteit houdt per brief en mail contact met de studenten. Ze krijgen advies over wat ze kunnen doen en waar ze kunnen aankloppen als ze in de problemen komen, zei collegevoorzitter Jouke de Vries van de RUG donderdag in de universiteitsraad. De RUG springt ook financieel bij als studenten extra kosten moeten maken vanwege de situatie, zoals vervroegd terug vliegen naar Nederland. ‘We volgen de ontwikkelingen op de voet.’

De demonstranten in Hongkong pleiten voor meer democratie en minder invloed van de centrale regering in Peking. Sinds de start van de onrust in juni zijn zo’n drieduizend aanhoudingen verricht.

Lof voor de liefdesbrief

Lof voor de liefdesbrief

Bente van Leeuwen (21) is een van de nieuwe student-columnisten van UKrant. Dit is haar eerste bijdrage, waarin ze een pleidooi houdt om vaker een liefdesbrief te schrijven.
Door Bente van Leeuwen

Ik ben verliefd. Voor het eerst in mijn leven echt verliefd. Geen verliefdheid van vooral de aandacht leuk vinden. Geen verliefdheid als in opgepikt in de stad en dan van vurige scharrel, naar kwarrel, naar prela, naar dan-nu-maar-een-rela. Nee, ik ben vol verliefd.

We hebben gedatet, toen gekust en elkaar verteld wat we voor elkaar voelden. Nog iets meer gedatet, gepraat en het toen een relatie genoemd. Het was romantisch en lief, niet vurig per se. Voorzichtig, zachtjes, kostbaar.

Toen ik klein was fantaseerde ik hierover. Ik zou gaan studeren in een grote, levendige stad en dan heel zelfstandig zijn. Ik zou alles voor elkaar hebben: een mooi huisje, lieve vrienden, leuke studie en naast me op mijn donkerrode bank twee zindelijke konijnen en een hunk van een vriend.

De konijnen heb ik inmiddels afgeschreven uit praktische overwegingen, maar de rest kan ik afvinken. Naja, ‘hunk’… hunkje dan. Ik viel altijd al op klein.

Een lief WhatsAppberichtje met een smiley dekt nooit dezelfde lading als een bibberend handschrift naast een mislukt getekend hartje

Het liefst zou ik hem een liefdesbrief schrijven, maar dat lijkt niet van deze tijd. Ik voel veel, maar ik weet niet waar ik het kwijt moet. Bij vrienden en familie wil ik niet in herhaling vallen. Konijnen luisteren goed, maar die heb ik dus niet.

De enige die waarschijnlijk wél wil horen wat ik te zeggen heb, is hij. Maar laat hij nu net die ene zijn bij wie ik dat zo eng vind. Het produceren van woorden is opeens een uitdaging. Dus ik geef nog maar een extra kusje, dan snapt hij het vast ook wel.

Of dus toch die liefdesbrief. Zoals onze ouders dat vroeger deden. Stiekeme briefjes in je kluisje of door je brievenbus. Laten we daar weer een trend van maken. Want een lief WhatsAppberichtje met een smiley dekt nooit dezelfde lading als een bibberend handschrift naast een mislukt getekend hartje.

En wat je niet durft te zeggen, durf je misschien wel te schrijven. Een telefoon valt kapot, een brief bewaar je. Google weet alles, PostNL niet. Dus zullen we het doen? Zullen we weer adressenboekjes kopen en elkaar ongemakkelijk vragen: ‘Heb je al bij de post gekeken?’

Zullen we wat romantiek in het studentenleven terugbrengen?

Bij UKrant: nieuwe columnisten

Bij UKrant: nieuwe student-columnisten

Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

13 november om 9:24 uur.
Laatst gewijzigd op 13 november 2019
om 9:43 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

november 13 at 9:24 AM.
Last modified on november 13, 2019
at 9:43 AM.

Elke dag vraagt de redactie van UKrant zich af: waar schrijven we over, waarom schrijven we erover en hoe? Een kijkje achter de schermen.

UKrant verwelkomt deze week drie nieuwe student-columnisten. Bente van Leeuwen en Bauke van der Kooij laten in wisseldienst hun licht schijnen over het universitaire en het Groningse studentenleven, Niall Torris uit Ierland doet dat met een internationaal perspectief op de Engelse sectie van UKrant. Wij stellen ze hier kort voor:

Bente van Leeuwen: Kijken tot mijn handen jeuken

Bente van Leeuwen studeert nu vier jaar in Groningen. Ze deed eerst de bachelor geneeskunde, stapte over naar filosofie en daar voelt ze zich veel meer op haar gemak. Ze doet nu de master filosofie en maatschappij.

Daar wordt van haar verwacht om kritisch te kijken naar de wereld, om een nieuwe blik te werpen en om impliciete aannames expliciet te maken, zegt ze.

‘Observeren, inzoomen en uitvergroten. Dat is precies wat ik ook aan schrijven zo leuk vind. Kijken tot mijn handen jeuken: ik loop naar de sportschool en zie een klein meisje klungelen met een grote bakfiets; studerend in de UB zie ik een vriendin om de paar minuten oogcontact maken met een jongen die ze nu nog niet kent; in de trein onderweg naar mijn ouders merk ik dat ze gemist heb. Gebeurtenissen of gevoelens – groot of klein, mooi of lelijk – op een herkenbare en persoonlijke manier weergeven, dat is mijn doel.’

Bauke van der Kooij: Het studentenleven zit vol met patronen

Bauke van der Kooij is derdejaars student sociologie. Vroeger boeide schrijven hem niet echt, lezen evenmin, bekent hij. ‘Voor boeken was mijn concentratieboog meestal niet lang genoeg, en door mijn linkshandigheid veegde ik altijd alles wat ik had opgeschreven even hard weer uit.’

Maar het is goed gekomen met Bauke. ‘Alle goede en slechte teksten waarmee ik in aanraking kwam, hebben mij geleidelijk gemotiveerd om zelf gedachtegangen en dingen die mij intrigeren op te schrijven. Waarom kiezen mensen voor de woorden die ze schrijven of zeggen, waarom doen mensen de dingen die ze doen? De column is hiervoor uitermate geschikt: kort en prikkelend.’

‘Het studentenleven vergelijk ik zelf altijd graag met een kroket: aan de ene kant goedkoop, voorgekauwd en een beetje afgezaagd, aan de andere kant wel heel erg lekker. Het studentenleven zit vol met patronen, clichés en gedragingen die heel normaal aanvoelen, maar waar zelden over wordt nagedacht. Het is voor mij een eindeloze bron van zowel fascinatie als ergernis: ik doe er zelf even hard aan mee.’

Niall Torris: Universiteiten belangrijk voor discussie

Niall Torris is pre-masterstudent klinische psychologie en komt uit Dunleer, een stad in het noordoosten van Ierland, dichtbij de grens met Noord-Ierland. Een groot deel van zijn tijd in Dunleer bracht hij door in de krantenwinkels van zijn vader.

Niall studeerde psychologie aan University College Dublin (UCD) en haalde zijn bachelor filosofie en Engelse literatuur aan het Carlow College. Hij behartigde de belangen voor studenten aan beide onderwijsinstellingen en maakte zich in die rol sterk voor de positie van Ierse studenten.

Niall heeft een mening en komt daar graag voor uit. Universiteiten zijn een belangrijk platform voor discussie, vindt hij. ‘Ik hoopt dat mijn mening aanleiding geeft tot discussies over kwesties die RUG-studenten raken.’

Rob Siebelink is hoofdredacteur van UKrant

Bezettingsgraadmeting

Bezettingsgraadmeting

Op de uni is structureel ruimtegebrek en daar komt columnist Gerrit Breeuwsma, die bij GMW werkt, nu ook achter. Ze kloppen steeds op zijn deur om te kijken of hij er is.
Door Gerrit Breeuwsma

Vorige week werd er op mijn deur geklopt, wat ik, helemaal opgaand in mijn werk, natuurlijk niet hoorde. Totdat de deur openzwaaide en een mij verder onbekende dame me vriendelijk groette. Het is heel goed mogelijk dat ik haar met enige verbazing heb aangekeken, want er klonk iets geruststellends in haar stem toen ze zei dat ze ‘alleen maar even kwam kijken of ik er was’.

Dat liet zich gemakkelijk vaststellen, maar het deed mijn verbazing slechts toenemen. Ik werk al een eeuwigheid bij psychologie, mijn naam staat op de deur en ik krijg iedere maand mijn salaris. Dat zal toch ergens bekend zijn, zou je denken. Maar voor ik er in slaagde het te vragen, was ze er weer vandoor.

Ik bleef alleen achter, samen met mijn verbazing, en ja wat gebeurt er dan? Je gaat nadenken en dan word ik altijd filosofisch (Ik denk, dus ik ben er).

Ik vroeg mij af of het faculteitsbestuur de werkdruk zo serieus neemt, dat ze wil checken of wij er op onze kamer inmiddels niet onder bezweken zijn. Goed beschouwd weet je immers nooit zeker of iemand die zich in een gesloten ruimte bevindt nog leeft of niet, totdat je die gesloten ruimte opent (u weet wel, als bij Schrödingers kat). Maar ja, kwantummechanica, daar kom ik niet uit.

Liever dacht ik terug aan hoe ik jarenlang voor ik naar bed ging, altijd nog even langs de slaapkamers van de jongens ging om te kijken hoe ze er bij lagen. Als ze zich bloot gewoeld hadden, fatsoeneerde ik hun dekens, en als ik ze dan rustig hoorde ademhalen, was alles goed.

Toen was ik ineens weer mijn eigen vertrouwde paranoïde zelf, want waarom willen ze dat weten?

Ik kreeg ineens zulke warme gevoelens voor hen die over ons waken, dat ik eerst maar eens een extra raam heb opengezet. Toen de dame in kwestie later die dag echter nog een paar keer terugkwam ‘om te kijken of ik er was’, begon ik het toch een beetje raar te vinden.

Gisteren is er maar liefst vijf keer iemand langs geweest, met hetzelfde doel, maar inmiddels begrijp ik hoe het zit. Dankzij de berichtgeving op de site van GMW weet ik dat het gaat om een ‘bezettingsgraadmeting’. Die is, zo las ik, bedoeld ‘om inzicht te krijgen in het gebruik van de werkplekken, onderwijszalen en overlegruimtes’. Kijk, toen was ik ineens weer mijn eigen vertrouwde paranoïde zelf, want waarom willen ze dat weten, dacht ik?

GMW heeft al jaren een ruimtetekort. Dat kun je oplossen door bij te huren, maar je kunt ook redeneren dat het ruimtegebrek relatief is, want er is geen ruimte zo bezet of hij staat wel eens leeg (voor je een ruimte opent, kan hij zowel vol als leeg zijn, daarom kijken de bezettingsgraadmeters altijd in een gesloten kamer).

’s Ochtends om acht uur bijvoorbeeld tref ik maar een handjevol collega’s aan en ’s avonds na zessen zal het hetzelfde beeld geven, al weet ik dat niet zeker want dan ben ik meestal al weg.

De kamers staan dus vaak leeg en dat lijkt een perfecte rechtvaardiging om meer medewerkers op een kamer te plaatsen. Maar dat kamers vaak leeg staan betekent nog niet dat er werkruimte genoeg is, want hoe vaker ze leeg staan, des te drukker moet het er op andere momenten zijn.

Voor de zekerheid ga ik de komende weken lange dagen maken. Ik zorg dat ik voor achten op mijn werk ben en ga pas om half tien weer naar huis, zodat ik straks de hoogste bezettingsgraad weet te halen.

Nu alleen nog hopen dat mijn vrouw er door mijn langdurige afwezigheid thuis straks niet een extra man bij neemt.

Universiteitsraad en cvb Maastricht ruziën over benoemingsprocedure

In ‘Intussen elders’ verzamelen we opmerkelijk nieuws van andere universiteiten. Deze week: Britse universiteiten gaan staken en college van bestuur en universiteitsraad in Maastricht ruziën over benoemingsprocedure voor decanen.
Samengesteld door Rob Siebelink

Ruzie in Maastricht over benoemingen

De universiteitsraad en het college van bestuur van de Universiteit Maastricht (UM) hebben ruzie over de nieuwe procedure voor de benoeming van decanen. In de nieuwe procedure staat dat het voltallige college van bestuur voortaan lid is van de benoemingsadviescommissie (BAC) en dus een flinke vinger in de pap krijgt; voorheen zat alleen de rector in de BAC. Dat meldt het Maastrichtse universiteitsblad Observant.

De universiteitsraad vindt dat het cvb een te zwaar stempel gaat drukken en dat de eigen rol daardoor wordt gemarginaliseerd. Leden spreken van een coup van het cvb, dat op zijn beurt daardoor weer zeer gepikeerd is. Het decaanschap is volgens het universiteitsbestuur een zware en moeilijke post en dus is het logisch dat het voltallige cvb in een vroeg stadium bij het proces wordt betrokken.

Raad en cvb komen er niet uit. Het conflict ligt nu op het bordje van de Raad van Toezicht.

Britse universiteiten staken

Zestig Britse universiteiten, waaronder Oxford en Cambridge, leggen in de laatste week van november acht dagen het werk neer; ze staken om hun eisen voor meer vaste contracten en hogere lonen kracht bij te zetten, bericht de Britse krant The Guardian.

Uit berekeningen van de grootste vakbond voor wetenschappelijk personeel blijkt dat meer dan de helft van de Britse wetenschappers een tijdelijk contract heeft. Bovendien zou het gemiddelde loon met 17 procent zijn gedaald in tien jaar. Naar verwachting worden meer dan een miljoen studenten geraakt door de staking.

Onderzoek naar angstcultuur van de baan

Het geplande cultuuronderzoek bij de Erasmus School of History, Culture and Communication (ESHCC) is van de baan. De universiteit besloot om het onderzoek van adviesbureau Berenschot af te blazen, omdat zoiets nog meer onrust zou veroorzaken. Het rommelt al maanden op de faculteit, waar een angst- en een afrekencultuur zou heersen.

Het college van bestuur had in juni een cultuuronderzoek aangekondigd. Aanleiding waren ‘duidelijke signalen van spanningen en verdeeldheid’. Dat onderzoek zou in eerste instantie in juli beginnen. In september maakte het cvb bekend dat adviesbureau Berenschot het cultuuronderzoek dit najaar zou uitvoeren. Nu is het helemaal van de baan.

‘Het is momenteel niet zinvol om wéér een onderzoek door een externe partij te laten doen, wéér onder een vergrootglas te liggen’, zegt de interim-decaan van de faculteit in Erasmus Magazine.

Hij doelt daarmee op het onderzoek van Hoffmann Bedrijfsrecherche, dat onaangekondigd mails van medewerkers onderzocht op zoek naar een eventueel lek in de plagiaatcasus rond voormalig interim-decaan Dymph van den Boom.

Vogelspin Peter tweede in Klokhuis Wetenschapsprijs

Vogelspin Peter tweede in Klokhuis Wetenschapsprijs

RUG-psycholoog Rachel de Jong is met het haar onderzoek naar angsten bij kinderen tweede geworden in de Klokhuis Wetenschapsprijs 2019. In de Durfpoli confronteert zij kinderen met hun angst tot ze niet meer bang zijn.

Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

7 november om 9:33 uur.
Laatst gewijzigd op 11 november 2019
om 10:54 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

november 7 at 9:33 AM.
Last modified on november 11, 2019
at 10:54 AM.

‘Als je je angst blijft vermijden, kom je er nooit overheen’, vertelde Rachel de Jong begin dit jaar in een filmpje dat UKrant maakte over haar werk en de Durfpoli, met daarin een hoofdrol voor vogelspin Peter.

Veerle Melotte van het Universitair Medisch Centrum in Maastricht werd woensdag uitgeroepen tot winnaar met het onderzoek ‘Hersenen in je buik’, over de relatie tussen het brein en de darmen. Aan het winnende onderzoek wordt een aflevering van het tv-programma Het Klokhuis gewijd. Het is de vierde keer dat de prijs werd uitgereikt.

Zestig inzendingen

Het doel van de prijs is om een breed en jong publiek bekend te maken met wetenschappelijk onderzoek in Nederland. Er waren door de Nederlandse universiteiten, UMC’s en hogescholen bijna zestig onderzoeken ingezonden, waarvan er tien genomineerd waren.

Vier van de nominaties kwamen dit jaar uit Groningen. Naast Rachel de Jong waren dat Annelies van Ginkel (hoe verandert het bos als de wolf terugkeert?), Elianne Zijlstra (het leven van kinderen in asielzoekerscentra) en Thea Vedelaar (zij onderzoekt betere meetmethodes voor griep en verkoudheid).

Stamppot will save your wretched soul

This is an ongoing series where the UKrant unpacks weird and wonderful Dutch things for our international readers. Today’s episode: stamppot.
By Megan Embry

It’s cold and wet and grey and Dutchies everywhere are delighted. Because shitty weather means one thing: it’s stamppot season, bitches!

How to stamppot:

  1. Boil the shit out of some potatoes.
  2. Boil the shit out of some vegetables.
  3. Mash everything together.
  4. Season the pot with the salty tears of internationals who just want to chew their food, for Chrissake.
  5. Top it all off with a sausage you bought at HEMA and carried home in a bag along with your new socks.

That’s it! That’s all it takes to make the Dutchest damn meal you’ll ever eat. You haven’t really integrated until you’ve learned to love stamppot.

Culinary savages

The first time an earnest Dutch friend offers you a plate of green mush topped with a sausage that looks like something your dog left behind in the Noorderplantsoen, you might be tempted to recoil.

International Faculty of Arts staff member Courtney Schellekens says she won’t touch the stuff, no matter how many times her Dutch friends offer it to her. ‘These people are culinary savages,’ she says. ‘I don’t trust them.’

But before you crush your own Dutchie’s stamppot-loving heart, you should take a moment to learn what makes this meal such a national treasure in the first place.

Calvinism

The Dutch love stamppot because it is the edible representation of two things that are foundational to their identity: Calvinism and a strong sense of national superiority.

Calvin finds two things irresistible: grace and stamppot.

Way back in the 1540s, the protestant teachings of French reformer John Calvin made it all the way to the Netherlands, where nobles and common folk converted in droves.

Catholic Spain was annoyed by this and responded by killing lots of protestants. William of Orange fought back and the Eighty Years’ War broke out.

What does that have to do with stamppot?

The food we deserve

Well, Calvinists believe that all people are born sinners. The life of the Christian is therefore an exercise in resisting one’s nastier impulses towards greed, laziness, selfishness, gluttony, dishonesty, and the like. This is where the Dutch get their strong sense of integrity, moderation, thrift, straight-forwardness, and industry.

Calvinists also believed that sinners deserve punishment. They embraced suffering and discipline in this life because they thought it would refine and purify their souls for heaven. As Calvin put it, ‘you must submit to supreme suffering in order to discover the completion of joy.’

I take this to be a partial explanation for why the Dutch are so quick to embrace stamppot. If you’re a sinner, this is the food that you deserve.

Behold this bland plate of punished mush, O fallen man, and reflect on the damnation you have narrowly escaped by refusing to indulge in food for pleasure’s sake. Eat; suffer; and be saved.

Fuck off, Spain

The other reason the Dutch love stamppot is because of that one time when they beat the pants off Spain.

Phillip II wags his dumb finger at William of Orange.

Stamppot is a direct descendant of hutspot, which (according to Dutch lore) dates back to the Eighty Years’ War. During the Siege of Leiden, starving Dutch rebels battled Spanish occupiers for months.

Finally, in a stroke of Dutch brilliance, the rebels breached their own dikes and flooded the area so that they could bring ships in to back up the resistance.

The Spaniards retreated in such a hurry that they left still-hot pots of mushy carrots, parsnips, meat, and onion behind. The Leideners devoured it all, middle fingers held aloft in defiant salute as their defeated enemies fled. So the legend goes. Kind of.

Superior

Leideners still eat hutspot every year to commemorate their superiority over the Spanish. Turning it into the national meal was a low-key way of advertising to other would-be attackers: ‘Don’t fuck with the Dutch. We love to suffer, unlike you pansies. We will flood you out of our country because we COMMAND THE VERY SEAS and then we will eat your goddam lunch when you run away. Sad.’

Eventually, the Dutch swapped the parsnips for potatoes (because what meal isn’t improved by potatoes? says every Dutch person ever) and stamppot was born.

So go ahead. Accept that steaming pile of stamppot. Close your eyes and savor every bite. Because this is what victory over your enemies and the salvation of your eternal soul tastes like. Heel lekker.


Want to make your own?

Loten

Focus

Er zijn belangrijkere zaken op de RUG dan het handhaven van een onzinnig kledingvoorschrift oftewel het boerkaverbod, vindt columnist Casper Albers.
Door Casper Albers

Zo’n drie maanden nadat het ‘boerkaverbod’ is ingevoerd, heeft de bijbehorende ophef eindelijk onze universiteit bereikt. Gezichtsbedekkende kleding was al verboden bij bijvoorbeeld tentamens, maar nu mag je ook in de collegezaal of kantine geen boerka meer dragen. Onze bodes krijgen er de taak van boerkawatcher bij.

Om te verhullen dat de wet evident door racistische sentimenten gevoed is – kijk de Kamerdebatten er maar op na – wordt er vaak bijgezegd dat een integraalhelm ook niet mag.

Er is veel kritiek op deze wet, want deze past duidelijk niet bij de inclusieve universiteit die we willen zijn. Het college van bestuur heeft aangegeven geen andere keuze te hebben dan de wet te handhaven. Ik ben geen fan van de boerkawet, maar ik ben ook geen fan van mensen die zelf lekker bepalen aan welke wetten zij zich hoeven te houden. We zijn geen gele hesjes of provinciehuisslopende boeren.

De oproep om deze wet te negeren, vind ik dan ook te makkelijk. Aan de andere kant: er zijn meer wetten die we niet strak handhaven. Ik spreek nooit collega’s of studenten aan die de auteursrechtenwet schenden en van sci-hub.tw gebruik maken en op het Zerniketerrein houdt ook niet elke voetganger of fietser zich aan de verkeerswet – zelfs niet als een rouwstoet langskomt.

Als een boom in een bos omvalt en er is niemand in de buurt om het te horen, maakt het dan geluid?

De Groningse boerkadiscussie is wel een enorm academische discussie. In de circa 25 jaar dat ik hier rondloop, heb ik denk ik één keer iemand met gezichtsbedekkende kleding gezien. Eind jaren ’90 haalde een insectenbestrijder een wespennest in een van de gebouwen op Zernike weg. (En de wet staat dergelijk gebruik van gezichtsbedekkende kleding nog steeds toe).

Een analogie met het filosofische raadseltje ‘Als een boom in een bos omvalt en er is niemand in de buurt om het te horen, maakt het dan geluid?’ dient zich hier dus aan.

Als we al onze energie steken in discussies over hypothetische situaties, houden we geen energie over om concrete problemen aan te pakken. En die zijn er genoeg: de wetenschap is in crisis. Niet alleen in financiële crisis (ook hier kunnen we Den Haag weer bedanken voor de ellende) maar ook in existentiële crisis.

De Open Science Community had afgelopen maand haar start-upevent. Hoe kunnen we zorgen dat de wetenschap weer betrouwbaar en repliceerbaar wordt? Naast veel meer transparantie is het nodig om perverse prikkels weg te halen. Zo zouden we geen beurzen moeten uitdelen op basis van status (behaald door activiteiten uit het verleden), maar op basis van wetenschappelijke plannen.

De minister heeft dit helaas nog niet begrepen. De Nijmeegse sterrenkundige Heino Falcke, bekend van de foto van een zwart gat, deed in de Volkskrant zijn beklag dat een commissie van peers zijn voorstel niet goed genoeg vond voor een NWO-beurs. Een frustratie die elke wetenschapper zal herkennen.

Op basis van Kamervragen van oNdErWijSPaRtIJ D66 besloot de minister dat zulke bekende wetenschappers gewoon geld moeten krijgen en maakte direct twee ton over naar Nijmegen.

In een handeling zette ze NWO buitenspel én vergrootte ze het mattheuseffect, beide veel schadelijker voor de Nederlandse wetenschap dan handhaving van een onzinnig kledingvoorschrift.

RUG moet ‘boerkaverbod’ niet naleven

Opinie

RUG moet ‘boerkaverbod’ niet naleven

Het besluit van de RUG om het zogeheten boerkaverbod na te leven mag dan in lijn zijn met de nationale wet- en regelgeving, maar is wel degelijk opmerkelijk, betoogt PhD-student Aukje Muller.
Door Aukje Muller, PhD-student

Het besluit van het RUG-bestuur om het zogeheten boerkaverbod te handhaven is weliswaar in lijn met de nationale wet- en regelgeving. Maar, zoals de politie en verscheidene openbaar vervoersbedrijven hebben laten zien, bestaat er speelruimte wat betreft de daadwerkelijke handhaving van het verbod.

De keuze van de RUG om die speelruimte niet te gebruiken en de positie die zij daardoor inneemt is dan ook zeer problematisch en zeker niet vanzelfsprekend.

Het boerkaverbod lijkt een open, ‘religie-neutrale’ en civiele wetgeving te zijn. Volgens de overheid dient het verbod uitsluitend de openbare veiligheid en dienstverlening. Maar het verbieden van sommige kledingstukken reflecteert eigenlijk hoe de nationale gemeenschap en de publieke ruimte georganiseerd wordt op basis van identiteitskenmerken als etniciteit en herkomst.

Het boerkaverbod is een voorbeeld van hoe institutioneel racisme en op etniciteit gebaseerde uitsluiting van sommige groepen van de nationale gemeenschap wordt verbloemd en gerechtvaardigd door het ‘neutrale’ en geaccepteerde karakter van de wet.

Op deze manier weerspiegelt het verbod een vorm van ‘etnisch nationalisme’, waarbij de nationale gemeenschap, en de wijze waarop bepaald wordt wie daar bij hoort en wie niet of minder, gedefinieerd wordt door gemeenschappelijke voorouders, taal, religie, tradities, normen en waarden.

Binnen deze constructie heeft de culturele meerderheid altijd de macht om te bepalen wie aan deze voorwaarden voor volledige inclusie voldoet. De buitensluiting wordt vervolgens genormaliseerd doordat, als gevolg van het verbod, islamitische vrouwen er voor lijken te ‘kiezen’ om een overtreding te begaan wanneer ze een publieke ruimte betreden in een nikaab.

De RUG draagt de boodschap uit dat islamitische vrouwen en moslims niet erkend worden als volwaardig onderdeel van de academische gemeenschap

Dit sluit aan bij het idee dat, om in de nationale gemeenschap opgenomen te worden, je de regels zult moeten volgen. Op deze manier lijkt de wet van inclusieve aard te zijn, waarbij iedereen als het ware een keuze heeft om er bij te horen. Maar wanneer de wet zich impliciet tegen bepaalde groepen keert, maskeert het idee van de ‘neutrale’ wet de vicieuze cirkel van buitensluiting van bepaalde groepen mensen.

Het gevolg in dit geval is dat openbare, publieke ruimten geracialiseerd worden; oftewel, sommige mensen zullen op basis van hun afkomst, ethniciteit en religieuze identiteit buitengesloten worden van deze plekken.

Het boerkaverbod, waaronder ook kledingstukken als bivakmutsen worden verboden, treft namelijk vooral islamitische vrouwen. En met het oog op het huidige antimigratie- en islamofobische klimaat in Nederland, zal het verbod verder bijdragen aan de sociale buitensluiting van deze vrouwen, en aan het beeld dat moslims in het algemeen niet volledig thuishoren in Nederland.

De RUG zou, als ‘inclusieve’ onderwijsinstelling een passend standpunt in moeten nemen en moeten benadrukken dat het verbod niet aansluit bij haar visie en positie in de samenleving. Het handhaven van het boerkaverbod staat haaks op de speerpunten van de RUG als internationalisering, diversiteit en het kunnen genieten van onderwijs in vrijheid.

Onvoorwaardelijke toegang tot onderwijs zou altijd prioriteit moeten krijgen. Maar op deze manier draagt de RUG de boodschap uit dat islamitische vrouwen en moslims in het algemeen niet erkend worden als volwaardig onderdeel van de academische gemeenschap.

Bovendien zou de universiteit een veilige omgeving voor alle studenten en medewerkers moeten zijn. Door het boerkaverbod zullen islamitische vrouwen, ook zij die een hijaab dragen, een verhoogd risico op direct geweld lopen. Zij zullen een gemakkelijk doelwit worden van discriminatie en intimidatie.

Dit geldt ook zeker voor moslims die onderwijs willen en vrij zouden moeten kunnen genieten aan de RUG. Door de handhaving van het verbod zullen zij als probleem worden gezien, dat vervolgens als ‘rechtvaardiging’ voor discriminatie gebruikt kan worden.

Het is daarnaast zeer te betreuren dat de universiteit facilitaire medewerkers verantwoordelijk stelt voor de handhaving van het verbod en hen op die manier medeplichtig maakt aan een discriminerende wet jegens andere medewerkers en studenten.

De RUG zou het goede voorbeeld moeten geven door het verbod niet te handhaven. Idealiter zou de RUG zich uit moeten spreken tegen het verbod om de vrijheid en veiligheid van alle medewerkers, studenten en bezoekers te waarborgen.

Aukje Muller is PhD-student aan de RUG en Macquarie University (Sydney, Australië). Ze onderzoekt de relatie tussen religie, inclusie en nationale identiteit met betrekking tot nationale migratiepolitiek in Nederland en Australië.

Dit opiniestuk is gebaseerd op een blogpost die eerder is gepubliceerd op The Religion Factor.

Fotorepo: Opening faculteitsgebouw Campus Fryslân

Opening faculteitsgebouw Campus Fryslân

Campus Fryslân opende donderdag officieel de deuren van het nieuwe faculteitsgebouw aan de Wirdumerdijk. Drie dagen lang zijn er activiteiten om het gerenoveerde Beursgebouw en de faculteit te presenteren.
Foto’s door Felipe Silva

Hoe zit dat eigenlijk, met die ‘affaire-Van Liempt’?

Kampcommandant Albert Gemmeker (links) in Westerbork in 1942, Naast hem zit Ferdinand aus der Fünten, later een van de Drie van Breda.

Hoe zit dat eigenlijk, met die ‘affaire-Van Liempt’?

Niet alleen historicus en journalist Ad van Liempt zelf wordt getroffen door de beschuldigingen van plagiaat aan zijn adres. Ook (oud-)medewerkers van de RUG worden erin meegesleept. Wat is er aan de hand?
Door Christien Boomsma

Waar gaat alle commotie over?

Historicus en publicist Ad van Liempt, bekend van onder meer Andere Tijden en schrijver van diverse boeken over de Tweede Wereldoorlog, promoveerde afgelopen mei aan de RUG op een biografie over Albert Konrad Gemmeker, in de oorlogsjaren commandant van doorgangskamp Kamp Westerbork.

Kort voor zijn promotie beschuldigde Frits Barend hem in een opiniestuk in Het Parool van plagiaat en ‘jatwerk’. De belangrijkste kritiek van Barend ging over het boek Oorlogsouders van Isabel van Boetzelaer, dat Van Liempt aanbeval bij het verschijnen. Later bleek dat boek fouten te bevatten en vergoelijkend te spreken over het SS-verleden van Van Boetzelaers vader.

Daarnaast zou Van Liempt regelmatig pronken met andermans veren, luidde de kritiek van Barend. Van Liempts idee om op de tv de politionele acties in Indonesië te ‘verslaan’ als ‘CNN Breaking News’ zou gejat zijn. Ook zou hij onterecht nieuwe ‘ontdekkingen’ hebben geclaimd in zijn serie De Oorlog en zich herhaaldelijk niet aan afspraken gehouden te hebben over verwijzingen naar publicaties.

Voor de promotiecommissie van de RUG maakt dit echter geen verschil. Promotor en RUG-historicus Hans Renders noemde Barends’ stuk ‘gepeperd’, maar stelt dat een promotie niet gaat over wie Van Liempt is, maar hoe die zijn werk doet. Ook copromotor Doeko Bosscher stond vierkant achter Van Liempt.

Hoe groeit de kritiek van één man uit tot een affaire die nu al meer dan een half jaar duurt?

Na het opiniestuk van Frits Barend begonnen diverse bekende Nederlanders zich ermee te bemoeien, onder wie schrijver en beeldend kunstenaar Chaja Polak en publicist Maarten van Voorst tot Voorst en bekende historici als Lodewijk Brunt en Rudolf Dekker. Deze laatste schreef een boek over wetenschappelijke integriteit waarbij hij de zaak-Van Liempt als ‘case study’ gebruikte. Hij zei te twijfelen aan het wetenschappelijke gehalte van Van Liempts boek.

Ten slotte sloot ook onderzoeksjournalist Bart Droog zich aan. Die diende in augustus een klacht in bij de Commissie voor Wetenschappelijke Integriteit van de RUG.

Van Liempt voelde zich gedwongen af te zien van aanwezigheid bij de Sobibor-herdenking in het Amsterdamse Verzetsmuseum. Ook copromotor Doeko Bosscher, oud-rector van de RUG, trok zich terug uit de Raad van Toezicht van Kamp Westerbork en het Nicolaas Muleriusfonds van de RUG.

Buitenlandse relaties van promotor Hans Renders zouden ook worden ondervraagd door de tegenstanders van Van Liempt over de affaire die ‘immense proporties’ zou hebben aangenomen. Hij zou betrokken zijn bij ‘wetenschapsfraude’.

Hoe reageert Van Liempt zelf op de kritiek?

Van Liempt noemt de aanhoudende kritiek ‘karaktermoord’. Het ‘raakt hem’, stelt hij, maar hij wil niet in de polemiek verzeild raken. De beschuldiging dat hij plagiaat zou hebben gepleegd, wijst hij van de hand. ‘Ik heb zeker geen perfect boek geschreven, maar ik kan elk citaat en elk feit verantwoorden’, zei hij in de Volkskrant.

Zijn promotoren zijn het daarmee eens. Hans Renders stelt: ‘Je moet in de noten kunnen lezen wat de bronnen zijn van een boek. Ik ben ervan overtuigd dat het boek van Ad die toets der kritiek zal doorstaan. Als zijn critici zeggen: hij heeft zijn bronnen gereduceerd tot voetnoten, dan zijn ze niet op de hoogte van hoe het werkt in de wetenschap.’

Maar die klacht dan bij de wetenschappelijke integriteitscommissie? Betekent dat niet dat de kritiek gefundeerd is?

Absoluut niet. Iedereen die denkt dat de wetenschappelijke integriteit is geschonden – dus dat er sprake is van plagiaat of anderszins onethisch wetenschappelijk handelen aan de RUG – kan een klacht indienen bij de commissie. Als dat gebeurt, gaat de de Commissie Wetenschappelijk Integriteit – onder leiding van hoogleraar bestuursrecht Herman Bröring – aan de slag. Dat gebeurt op verzoek van het college van bestuur.

Zo’n onderzoek gebeurt als de klacht voldoet aan de formele regels. Dat wil niet zeggen dat de RUG of de commissie denken dat de kritiek gegrond is. De uitkomst van het onderzoek wordt in december verwacht.

Heeft Ad van Liempt ook medestanders?

Jazeker. Niet alleen staan zijn promotoren nog altijd achter de historicus. Wetenschapsjournalist Frank van Kolfschooten, die in het verleden regelmatig publiceerde over affaires rond wetenschappelijke integriteit, noemde de kritiek van Frits Barend een ‘flauwekul-hetze’.

Geert Mak schreef in Het Parool: ‘De mens Van Liempt en zijn levenswerk, ze staan uiteindelijk als een huis.’

Student uit vliegschaamte met de trein naar Shanghai

In ‘Intussen elders’ verzamelen we opmerkelijk nieuws van andere universiteiten. Deze week: doorzoeken mail door cvb Erasmus Universiteit is ‘disproportioneel’ en een masterstudent uit Delft ging – uit vliegschaamte – met de trein helemaal naar Shanghai.
Samengesteld door Rob Siebelink

Doorzoeken mail ‘disproportioneel’

Het doorzoeken van de mail van medewerkers van de Erasmus Universiteit Rotterdam is ‘volstrekt disproportioneel’. Dat zegt de Rotterdamse wetenschapper Willem Schinkel in een interview in Erasmus Magazine.

Het Rotterdamse cvb nam die maatregel nadat er was gelekt vanuit de universiteit over oud-rector Dymph van den Boom, die in opspraak raakte vanwege vermeend plagiaat.

‘Als zo’n lek gebeurt, moet je als college van bestuur je verlies nemen en niet zo klein zijn dat je een volstrekt belachelijk middel inzet omdat je niet kunt hebben dat mensen naar de pers lekken’, zegt Schinkel in het interview.

‘Collega’s durven hun universitaire mail nu niet meer te gebruiken. Als dat het enige is wat je bereikt hebt met dit onderzoek, moet je minstens in retrospect toegeven: shit, dit was verkeerd.’

Commotie over subsidie zwarte gaten

De Nijmeegse hoogleraar Heino Falcke van de Radboud Universiteit, aanvoerder van het internationale samenwerkingsverband dat de eerste foto van het zwarte gat presenteerde, krijgt van onderwijsminister Van Engelshoven 200.000 euro, meldt het Nijmeegse universiteitsblad Vox.

Wetenschapsfinancier NWO had daarvoor tot vier keer toe een aanvraag van Falcke afgewezen. Dat leidde tot Kamervragen van D66, waarna Van Engelshoven (ook D66) zelf over de brug kwam.

Bij een groep wetenschappers is die manoeuvre slecht gevallen. Ze noemen het willekeur en vriendjespolitiek. ‘Dagen, avonden, weekends besteden wetenschappers aan het schrijven en beoordelen van onderzoeksvoorstellen. Zodat schaarse middelen zorgvuldig worden verdeeld. En onze minister? Die gooit een koekje in een zwart gat. Wat een disrespect’, schrijf een van hen op Twitter.

Dat de minister via een achterdeurtje alsnog geld beschikbaar stelt, noemt Belle Dirks, voorzitter van De Jonge Akademie, ‘ondermijning van de legitimiteit van ons financieringssysteem uit onverwachte hoek’.

Met de trein naar Shanghai

Wat doe je als je klimaatvriendelijker wilt leven maar ook op uitwisseling wilt naar Shanghai, China? De Delftse masterstudent Marie Sam Rutten besloot met de trein te gaan. Afstand in vogelvlucht: bijna 9000 kilometer, over land is dat nog een stukje verder.

Marie Sam leeft heel bewust. Ze eet geen vlees, koopt uitsluitend tweedehandskleding, ze neemt recyclebare zakjes mee naar de supermarkt om te minderen met plastic en probeert haar vlieggedrag te beperken tot één keer vliegen per jaar.

Ze wilde in eerste instantie de route van de Oriënt Express volgen. ‘Maar dan moet je door gebieden waarvoor een negatief reisadvies geldt van Buitenlandse Zaken, zoals Pakistan’, zegt ze.

Ze koos uiteindelijk voor de Trans-Mongolië Express. De reis ging – heel in het kort – als volgt: Trein van Amsterdam naar Berlijn, met de bus naar Warschau, trein naar Kiev, trein naar Moskou, trein naar Ulaanbaatar (Mongolië), trein naar Beijing en uiteindelijk trein naar Shanghai.

Of het vermoeiend was? wilde het Delftse universiteitsblad Delta dat haar interviewde nog weten. ‘Ik ben een goede slaper en kan overal in slaap vallen.’

Local Columnist Breaks Character for Final Installment

Abandoned as an infant high in the mountains of Colorado, James was taken in and raised by a family of marmots. They trained him in the art of satire, but warned him: ‘With great power comes great responsibility.’ He didn’t understand the truth of their words until his adopted rodent brother, Donald Trump’s hair, turned to the dark side.

James could only sit by and watch, helpless and appalled, as his evil brother meme’d his way to the White House. Forever changed by what he had seen, James fled to The Netherlands and vowed to always use his powers for good.

Hi,

I’m James, and for the past three years I’ve written satirical columns for the Ukrant. You may know me from hits like ‘5 Reasons Why Dutch People are so Tall. You Won’t Believe Number 4’, ‘Time Between Classes Too Short: 15 Minutes Insuficcient to Travel to Yantai’, and ‘Occupied Container Homes Accidentally Shipped to Germany’.

In truth, I have no idea whether or not those are hits, but they were sure fun to write. In fact, I had a great time writing all of my columns, and I sincerely hope that sometime during the past three years I made you chuckle at least once.

But now this is the last thing I’ll write for the UKrant, so I figured I should come clean:

My first column was an introduction that claimed I was raised by marmots, and that Donald Trump’s hair was my adopted rodent brother. I know it may surprise some people, but that was actually not entirely truthful. I did know Trump’s hair when we were kids, but he wasn’t my brother, he just lived three burrows down from me.

The cat, Professor Doerak, was never awarded a Nobel Prize, it was just a picture of one printed out and glued to some cardboard.

Dutch people aren’t tall because a witch put a curse on William of Orange, it was actually a warlock.

Finally, had I been hired as Rector Magnificus, though I would have changed the name of the position to Rectum Magician, I never intended to install a nude beach on the Zernike campus, I actually would have tried to do a good job.

Groningen is a wonderful city, full of fun contradictions. It’s urban, but also kind of in the middle of nowhere (at least by dutch standards); sometimes the city feels huge, yet you can bike across it in half an hour; and the RUG is somehow both deadly serious and extremely silly at the same time.

The city’s dual nature means it’s great for jokes, but it also means that everyone still there has something extremely special. There isn’t another city like Groningen anywhere else in the world, and now that I’m gone I suspect I’m going to end up missing it dearly.

Good luck to all of you. I hope you find happiness.

This is James Young, signing off.

‘Boerkaverbod’ geldt nu ook op de RUG

‘Boerkaverbod’ geldt nu ook op terrein van de RUG

Het dragen van gezichtsbedekkende kleding op terreinen en in gebouwen van de RUG is verboden. Het RUG-bestuur besloot dinsdag dat onder anderen portiers het ‘boerkaverbod’ moeten handhaven.
Door Giulia Fabrizi

Het universiteitsbestuur van de RUG stemde dinsdag in met nieuwe richtlijnen waarmee actief kan worden opgetreden tegen mensen die gezichtsbedekkende kleding dragen.

Ook is het verbod op dragen van gezichtsbedekkende kleding opgenomen in het recentelijk gepubliceerde studentenstatuut. Daarmee is het ‘boerkaverbod’, zoals het is gaan heten, officieel van kracht in alle gebouwen en op alle terreinen van de RUG.

Handhaving

Wie toch met bijvoorbeeld een integraalhelm, bivakmuts of boerka een universiteitsgebouw probeert in te lopen, wordt hierop aangesproken. ‘In het algemeen sluiten we aan bij de instructies zoals die ook zijn verstrekt door het ministerie van binnenlandse zaken’, zegt RUG-woordvoerder Jorien Bakker. ‘Eerst proberen om het op een vriendelijke manier op te lossen.’

Medewerkers van het Facilitair Bedrijf, waar de portiers dan ook onder vallen, zijn straks verantwoordelijk voor de handhaving. ‘Zij zullen iemand er eerst vriendelijk op wijzen dat het niet is toegestaan’, legt Bakker uit.

Als iemand na herhaaldelijk verzoek nog steeds weigert het gezicht te laten zien, wordt de beveiliging erbij gehaald. ‘Die zullen ook een verzoek doen. Als dat ook niet werkt, wordt de politie gebeld.’

Onherkenbaar

Het is sinds 1 augustus bij wet verboden om in het openbaar vervoer en in en rondom gebouwen van het onderwijs, de zorg en de overheid kleding te dragen die het gezicht onherkenbaar maakt. Hoewel de wettekst niet ingaat op specifieke kledingstukken, is de nieuwe wet in de volksmond bekend als het ‘boerkaverbod’.

Volgens critici gaat het om symboolpolitiek. De wet zou een niet-bestaand probleem oplossen en ondertussen een kleine groep vrouwen van voornamelijk islamitische achtergrond benadelen. Tijdens de invoering lieten onder meer de burgemeesters van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht weten de handhaving van de wet geen prioriteit te geven.

Kritiek op de RUG

Ook op de RUG klinkt kritiek op het besluit. Zo laten studentenpartij DAG en het Groningen Feminist Network (GFN) weten teleurgesteld te zijn. ‘De universiteit heeft een bepaalde vrijheid bij de uitvoering van deze wet. Ze had daarom ook kunnen besluiten zich achter critici als de burgemeester van Amsterdam te scharen’, zegt Manuel Reyes, fractielid van DAG in de universiteitsraad.

DAG en GFN vinden het moeilijk met elkaar te rijmen dat de universiteit vorig jaar nog het thema ‘inclusiviteit’ voor haar lustrum gebruikte en nu maatregelen neemt die volgens hen een discriminerende werking hebben.

‘We hadden gehoopt dat de universiteit ook het goede voorbeeld zou geven’, zegt Reyes.

RUG wil geen biomassacentrale op Zernike

‘Niet duurzaam genoeg’

RUG wil geen biomassacentrale op Zernike

De gemeente Groningen houdt de optie open voor een biomassacentrale op Zernike. Maar de RUG ziet zo’n centrale niet zitten, omdat die volgens de universiteit niet duurzaam is.
Door Koen Marée

De RUG heeft bezwaar aangetekend tegen de mogelijke komst van de centrale, waarin hout wordt verbrand om energie op te wekken.

Zo’n centrale levert geen bijdrage aan vermindering van de CO2-uitstoot, stelt de universiteit. Woordvoerder Jorien Bakker: ‘Het past niet in de door de RUG gestelde ambitie om te streven naar een CO2-neutrale universiteit in 2020.’

Ook verwacht de RUG meer vrachtverkeer dat hout naar de centrale brengt en zij wijst erop dat verbranding van hout leidt tot een toename van fijnstof, met een mindere luchtkwaliteit voor mens en dier als gevolg.

‘De RUG heeft op de Zernike Campus ook een dierenfaciliteit en wil onder geen beding een verslechtering van de luchtkwaliteit. Dit kan een negatief effect hebben op de resultaten van experimenten’, zegt Bakker.

Terugvaloptie

Ondanks bezwaren van de RUG houdt de gemeente Groningen de optie open voor een biomassacentrale. Woensdag praat de gemeenteraad erover.

Als het bestemmingsplan wordt goedgekeurd, betekent dat nog niet automatisch dat de biomassacentrale er ook komt. Het is bedoeld als terugvaloptie, mocht een initiatief van energiebedrijf WarmteStad om energie te produceren uit restwarmte van datacenters op Zernike geen succes worden.

Afvalhout met verf

De gemeente heeft de plannen na het bezwaar van de universiteit wel iets aangepast. Als er een biomassacentrale komt, zal die in ieder geval geen ‘B-hout’ verstoken, afvalhout dat bewerkt is met bijvoorbeeld verf of lak.

Voor de RUG is dat niet genoeg. ‘Het bezwaar richt zich tegen de komst van een biomassacentrale in zijn geheel’, zegt Bakker.