Terug

Terug

Vijf maanden heeft columnist Gerrit Breeuwsma vanwege de lockdown geen collega gezien, noch een student. Maar nu is hij terug in zijn kantoor. Eerst illegaal, maar inmiddels bevoegd.
Door Gerrit Breeuwsma / Foto Reyer Boxem
1 september om 16:00 uur.
Laatst gewijzigd op 8 september 2020
om 13:13 uur.
september 1 at 16:00 PM.
Last modified on september 8, 2020
at 13:13 PM.

Na vijf maanden – tweeëntwintig weken – afwezigheid, was ik maandag 17 augustus voor het eerst weer op mijn werk. Dat is te zeggen, op mijn werkkamer op het Heymansinstituut, want ik heb in de achterliggende maanden natuurlijk wel gewerkt, maar dan vanuit huis, zoals iedereen.

Vijf maanden geen collega’s en studenten gezien. Nou ja, via Zoom en Skype, maar daar was de aardigheid snel af. Zonder fysieke colleges en met afgelaste lezingen kwam ik vooral de eerste maanden bijna niet van het erf.

Ik hoefde ’s ochtends niet naar het werk te fietsen (kwam snel een paar kilo aan), maar kon zo vanuit het bed achter de laptop kruipen. Bij het stijgen der temperaturen in steeds bedenkelijkere staat, geef ik toe, maar het is voor iedereen beter als ik daar niet te diep op in ga.

Ik heb dus vijf maanden thuis gewerkt.

Nu heb ik thuis niet echt een eigen werkkamer. Niet dat ik ’s avonds of in het weekend nooit iets doe, zeg ik er maar even bij. Ik moet tenslotte ook mijn bijdrage leveren aan de tienduizend uur onbetaald werk die wij dagelijks moeten leveren om de universiteit draaiende te houden.

Die tienduizend uur heeft dan ook nog betrekking op de situatie vóór de coronacrisis, zodat het inmiddels waarschijnlijk een veel te lage schatting is.

Kortom, ik werkte wel vaker thuis, maar ik zonderde me daarvoor normaliter niet af van de rest van het gezin. Toen we echter ineens met zijn vieren thuis kwamen te zitten, was het even de vraag wie waar ging werken.

Ik kreeg ‘de grote kamer’ toebedeeld, of beter gezegd, die bleef gewoon over nadat iedereen zijn plek had geclaimd. Ik leg me daar dan bij neer. Tegen mijn vrouw kan ik toch niet op en mijn kinderen… Laten we het zo zeggen, ik bracht ze groot, maar mij kregen ze klein.

Ik moet ook mijn bijdrage leveren aan de 10.000 uur onbetaald werk om de uni draaiende te houden

De grote kamer hebben we zo’n tien jaar geleden boven de schuur gemaakt. Ik zie altijd erg op tegen verbouwingen, maar als het dan achter de rug is, ben ik extra blij met het resultaat. Wat een grote kamer, zei iedereen die we onze nieuwe aanwinst lieten zien en onwillekeurig hebben we die kwalificatie maar overgenomen.

Omdat de kamer groot is, leent hij zich voor de meest uiteenlopende zaken. Er wordt in gelogeerd, gesport (er liggen matten onder het Perzisch tapijt), er staat afhankelijk van het seizoen een schaatsplank, fietstacx of tennistafel, er is een massagetafel, het beddengoed hangt er te drogen en ik heb er een klein studiootje waar ik muziek maak.

Mijn vrouw zegt me soms net iets te enthousiast dat je daar beneden echt niets van hoort, maar los daarvan is het natuurlijk een voordeel dat ik er op elk tijdstip zonder bezwaar herrie kan maken. Verder is de lange, hoge achterwand tot aan de nok toe gevuld met boeken, zodat het vertrek ook goed voor studeerkamer door kan gaan.

Omdat het allemaal maar tijdelijk zou zijn, installeerde ik me gerieflijk op de grote bank; paar bijzettafeltjes er omheen voor de laptop, boeken, koffie, enzovoort, en dan aan de slag. Ik zat er aanvankelijk prinsheerlijk bij, maar na drie tot vier weken bankhangen begaf mijn rug het en ben ik maar aan een tafel gaan zitten.

Nu ben ik dus terug. De eerste week illegaal, zonder me op te geven voor een werkplek, maar inmiddels ben ik bevoegd het Heymansgebouw te betreden, met als reden: werkoverleg. De vraag is nog even met wie, want vrijdagochtend was ik helemaal alleen op de lange gang. Maar het bevalt me goed.

O ja, de kilo’s ben ik ook al weer kwijt.

Knuffelenergie

Knuffelenergie

Student-columnist Bente van Leeuwen heeft veel knuffelenergie. Maar wat kun je ermee in het coronatijdperk?
Door Bente van Leeuwen / Foto Reyer Boxem
1 september om 11:03 uur.
Laatst gewijzigd op 2 september 2020
om 15:09 uur.
september 1 at 11:03 AM.
Last modified on september 2, 2020
at 15:09 PM.

Mijn vriend vroeg laatst: ‘Wat deed jij eigenlijk met al die knuffelenergie voordat je mij had?’ Drie gedachtes. Ten eerste: leuk woord ‘knuffelenergie’. Ten tweede: knuffel ik ‘m te veel, is dat wat hij eigenlijk wil zeggen? Ten derde: heel goeie vraag.

Ik bezit inderdaad een boel knuffelenergie. Als een hond die altijd geaaid wil worden. Op mijn vierde hield ik een jaar lang vol dat ik eigenlijk een hond was. Eten uit een bak (paar dagen), slapen in een mand (één nachtje maar, want het lag voor geen meter) en zwemmen op z’n hondjes (niet altijd, maar vooral wanneer m’n ouders zich zorgen maakten of ik nog wel normaal kon zwemmen).

Tot ik stopte. Op een gegeven moment accepteer je dat je een mens bent. Maar misschien ben ik er toch nooit helemaal los van gekomen. Aai me, verzorg me, heb me lief.

Een deel van die knuffelenergie is dan ook altijd naar honden, of dieren in het algemeen, gegaan. Niet elk dier houdt van knuffelen, maar veel wel. Die krijgen er net als ik nooit genoeg van. Gelukkig hebben mijn ouders altijd veel dieren gehad.

Er kan van alles wel op 1,5 meter afstand, maar knuffelen niet

Daarnaast knuffel ik graag met mijn familie en vrienden. Minder uitgebreid dan je met een hond doet, maar toch vind ik het belangrijk. Het is een manier van contact leggen. Je laat elkaar even toe. Zwaaien of ‘hoi’ zeggen is afstandelijker.

Dat ik nu niet mag knuffelen, valt me dan ook zwaar. Er kan van alles wel op 1,5 meter afstand, maar knuffelen niet. Misschien krijgt mijn vriend daarom nu een dubbele portie en lag dat ten grondslag aan zijn vraag. Of misschien maak ik sowieso bij hem een inhaalslag, na een jarenlang opgelopen tekort wegens het gebrek aan een dier of familielid op mijn studentenkamer.

Gelukkig voor hem zijn de tijden van dubbele porties nu waarschijnlijk voorbij: ik heb een nieuw subject voor mijn knuffelenergie gevonden. Ze is verdrietig als ik haar even alleen laat, want ze moest het vijf jaar lang zonder liefde doen en wil dat geen seconde langer.

Ze ligt het liefst de hele dag strak tegen me aan, holletje-bolletje met een dekentje erover. Een bundeltje aan knuffels. Ze kwispelt als ik na het koken weer naast haar ga zitten. Soms gromt ze als er iemand in onze buurt komt, dat moeten we haar nog afleren. Maar ik snap haar, want ik ben een jaar als zij geweest. Dus ik aai op d’r buikje, ik verzorg haar en heb haar lief.

DAG: Medewerkers werken 10.000 uur per dag onbetaald

Foto: Reyer Boxem

Berekening studentenpartij DAG

‘Medewerkers werken 10.000 uur per dag onbetaald’

Werknemers van de RUG werken in totaal ruim 10.000 uur per dag meer dan waarvoor ze worden betaald. Dat heeft studentenpartij DAG berekend.
28 augustus om 13:00 uur.
Laatst gewijzigd op 28 augustus 2020
om 13:31 uur.
augustus 28 at 13:00 PM.
Last modified on augustus 28, 2020
at 13:31 PM.


Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

28 augustus om 13:00 uur.
Laatst gewijzigd op 28 augustus 2020
om 13:31 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

augustus 28 at 13:00 PM.
Last modified on augustus 28, 2020
at 13:31 PM.
Rob Siebelink

Rob Siebelink

Hoofdredacteur
Volledig bio
Editor-in-chief
Full bio

Ondersteunend- en beheerspersoneel en administratief personeel werkt volgens de berekening van DAG gemiddeld bijna tweeduizend uur per dag te veel, wetenschappelijk en onderwijzend personeel 8657 uur. ‘Dat komt dus neer op in totaal 10.577 uren onbetaalde arbeid per dag aan de Rijksuniversiteit Groningen’, aldus DAG.

De cijfers komen voort uit het recente onderzoek van WOinActie dat kijkt naar het aantal onbetaalde uren per personeelscategorie. Die zijn door DAG vertaald naar de situatie in Groningen. 

De cijfers zijn volgens DAG teleurstellend, maar niet verrassend. In werkelijkheid is het aantal uren dat RUG-medewerkers onbetaald werken nog veel hoger, beweert de partij. De berekening is gemaakt op basis van cijfers van voor de coronacrisis. ‘In de huidige realiteit zijn de cijfers veel erger.’

Vierkantjes spuiten

De berekening van DAG volgt na een actie van studenten van de Universiteit Utrecht. Ook die kwamen uit op zo’n 10.000 uur per dag. Maandag 31 augustus, tijdens de opening van het academisch jaar, willen ze daarom 10.000 rode vierkantjes spuiten op de route van de Dom naar Utrecht Science Park.

Directe aanleiding is een interview met de Leidse hoogleraar Remco Breuker in de Volkskrant, ook actief bij WoinActie. In dat vraaggesprek sprak hij zijn teleurstelling uit over het gebrek aan steun en betrokkenheid van studenten bij de protesten tegen de hoge werkdruk van docenten.

Hoe maak ik een lekkere (en goedkope) maaltijd?

Zo overleef je in Groningen

Hoe maak ik een lekkere (en goedkope) maaltijd?

Voor het eerst op kamers en dus geen eten meer uit moeders (of vaders) keuken. Vanaf nu sta je er zelf voor. Eten moet voedzaam zijn, gevarieerd, niet duur, gezond en bovenal lekker. UKrant laat zien hoe je een fijne pasta maakt waarmee je heel goed voor de dag komt in je nieuwe studentenhuis.
Video door Rianne Aalbers
21 augustus om 8:00 uur.
Laatst gewijzigd op 25 augustus 2020
om 10:00 uur.
augustus 21 at 8:00 AM.
Last modified on augustus 25, 2020
at 10:00 AM.

Hoe moet je hospiteren?

Zo overleef je in Groningen

Hoe moet je hospiteren?

Nieuwe stad, nieuwe kamer! Vol enthousiasme stort jij je in je nieuwe studentenleven en het liefst woon je ook zo snel mogelijk in Groningen. Maar hoe vind je eigenlijk een kamer?
Door Nivine de Jong / Video door Rianne Aalbers
13 augustus om 8:00 uur.
Laatst gewijzigd op 25 augustus 2020
om 10:15 uur.
augustus 13 at 8:00 AM.
Last modified on augustus 25, 2020
at 10:15 AM.

Een huis vinden kan op verschillende manieren. Zo word je als nieuw lid van een studentenvereniging vanzelf meegenomen in een hospiteerproces om in een verenigingshuis te wonen.

Natuurlijk kun je ook zelf op zoek naar een kamer. Een van de bekendste manieren is via Kamernet, maar via Facebookpagina’s voor kamers in Groningen is ook veel te vinden.

De oproepjes worden vaak gedaan door studenten die op zoek zijn naar een nieuwe huisgenoot. Reageer je? Grote kans dat je wordt uitgenodigd voor een ‘hospi’. Waar moet je dan op letten?

Wees jezelf

Tien mensen die tegelijkertijd komen ‘solliciteren’ naar een kamer. Natuurlijk is dat spannend. Maar vergeet niet dat de bewoners van het huis waar je hospiteert het ook spannend vinden. Zij hebben zin om een nieuwe huisgenoot binnen te hengelen en hebben nog geen idee wie er binnen zal komen.

Daarom doen ze hun best: het huis ziet er spic en span uit, de boodschappen zijn gedaan en iedereen laat zich van zijn beste kant zien. Vergeet je goede humeur dus niet mee te nemen, ook al is het spannend. Want laten we eerlijk zijn: wie zit er te wachten op een chagrijnige nieuwe huisgenoot?

En wees jezelf, gewoon zoals je bent. Wees eerlijk over waar je wel en niet van houdt en wat je verwacht. Als een huis en huisgenoten bij je passen, dan merk je dat gauw genoeg. Doe je jezelf anders voor dan je bent, dan loop je achteraf het risico dat er toch geen match is. 

Stel vragen

Natuurlijk willen de nieuwe huisgenoten alles van je weten. Maar het gaat tijdens een hospiteerborrel niet alleen om jou. Jij wilt ook weten wie je potentiële nieuwe huisgenoten zijn. Stel daarom vragen. Wat doen ze zoal samen? Hoe ziet een doordeweekse avond eruit? Wat vinden zij belangrijk in huis?

Vergeet bovendien niet al je gastheren en -vrouwen even te spreken. Houd je niet teveel bezig met de andere hospiteerders, maar knoop een gesprekje met de bewoners aan. En wissel af en toe van gesprekspartner. Als je de hele borrel maar één huisgenoot spreekt, heb je een minder goed beeld van de mensen dan wanneer je er meerdere spreekt. En zij van jou.

Check het huis

Niet iedereen vindt het belangrijk hoe zijn of haar kamer eruit komt te zien, maar een rondleiding door het huis is wel de moeite waard. Wanneer je het hele huis hebt gezien, merk je pas of je er blij van wordt.

Wanneer je twijfelt tussen twee huizen, zou dit je keuze kunnen vergemakkelijken. Misschien is de extra badkamer in het ene huis wel doorslaggevend.

In de video zie je een aantal voorbeelden van waargebeurde ‘hospiteermissers’.

De hele wereld danst mee met Best Bescheiden

De hele wereld danst mee met Best Bescheiden

Best Bescheiden is een Gronings hiphopcollectief dat bestaat uit studenten Mart (25, econometrie), Chris (22, deed economie, nu filosofie) en Sebbe (24, studeerder sociologie en filosofie).
Video door Rianne Aalbers
7 juli om 16:21 uur.
Laatst gewijzigd op 7 juli 2020
om 16:33 uur.
juli 7 at 16:21 PM.
Last modified on juli 7, 2020
at 16:33 PM.

Onlangs hebben ze hun eerste nummer uitgebracht, Eb en Vloed. Maar vanwege corona konden ze geen videoclip opnemen. En wat is nou een lekker swingend plaatje zonder bijpassend swingend filmpje?

Dus hebben Mart, Chris en Sebbe mensen gevraagd om zichzelf te filmen als ze dansen op Eb en Vloed. Met succes. Tientallen mensen hebben daar gehoor aan gegeven.

Student en medewerker somber door coronacrisis (UPDATE)

Thuisstuderen is niks, thuiswerken is oké

Student en medewerker somber door coronacrisis (UPDATE)

De coronacrisis hakt er behoorlijk in bij medewerkers en studenten aan de RUG, zowel fysiek als mentaal. Velen voelen zich somberder dan voorheen en maken zich zorgen over de gezondheid en de economie.
7 juli om 15:00 uur.
Laatst gewijzigd op 11 juli 2020
om 17:20 uur.
juli 7 at 15:00 PM.
Last modified on juli 11, 2020
at 17:20 PM.


Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

7 juli om 15:00 uur.
Laatst gewijzigd op 11 juli 2020
om 17:20 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

juli 7 at 15:00 PM.
Last modified on juli 11, 2020
at 17:20 PM.
Rob Siebelink

Rob Siebelink

Hoofdredacteur
Volledig bio
Editor-in-chief
Full bio

Dat blijkt uit een peiling van het onderzoeksbureau Newcom voor UKrant en acht andere universiteits- en hogeschoolbladen in Enschede, Delft, Eindhoven, Utrecht, Amsterdam, Breda, Den Bosch en Tilburg.

Het onderzoek geeft een beeld van hoe medewerkers en studenten de afgelopen maanden van lockdown en coronacrisis hebben ervaren, in Groningen en in Nederland.

Somber

Bijna vier van de tien RUG-studenten die de vragenlijst invulden, zeggen veel tot zeer veel overlast te ervaren door de crisis (landelijk is dat 48 procent), met fysieke en psychische klachten tot gevolg.

Zij voelen zich somberder (64 procent, zie grafiek hieronder), hebben minder energie (56 procent) en zijn eenzamer (60 procent). Ruim de helft van de studenten zegt nerveuzer en angstiger te zijn (in de onderstaande grafieken zijn de uitkomsten van de peiling op de RUG in blauw, groen is het landelijk gemiddelde). 

Onder medewerkers van de RUG (grafiek hieronder) vallen de cijfers iets lager uit. Een kwart van de deelnemers aan de peiling ervaart veel tot zeer veel last. Ruim vier van de tien medewerkers (42 procent) is neerslachtiger en lustelozer geworden en een op de drie zegt zich nerveuzer en angstiger te voelen (blauw is RUG, groen is landelijk).

Medewerkers (44 procent) en studenten (41 procent) maken zich verder vooral zorgen over de economische gevolgen van de pandemie en de lockdown en de gezondheid van ouderen en kwetsbaren (respectievelijk 36 en 31 procent).

Concentratie

Grootste pijnpunt voor RUG-studenten is hun gebrek aan concentratie. Driekwart zegt zich moeilijk te kunnen concentreren op de studie nu ze vooral thuis of in hun studentenkamer zitten. De helft studeert minder en een op de vijf zegt zelfs ‘veel minder’ te doen. Studenten geven studeren vanuit huis een dikke onvoldoende: 4,8 (landelijk een 4,7).

Er is wel waardering voor de manier waarop de RUG zich heeft aangepast aan de situatie. Ruim 60 procent van de studenten beoordeelt dat als goed tot zeer goed, een minderheid (11 procent) is ronduit ontevreden. Studenten elders in het land hebben nagenoeg dezelfde waardering voor hun universiteit of hogeschool.

Voor RUG-medewerkers blijven werkdruk en de balans tussen privé en werk ook tijdens de coronacrisis knelpunten. Die krijgen respectievelijk als rapportcijfer een 5,7 en een 6,1. 

Vanuit huis

Negen op de tien RUG-medewerkers werkt alleen vanuit huis. Hoewel een kwart van hen verplicht thuiswerken maar niks vindt, wil de helft ook als de crisis voorbij is een of twee dagen vanuit huis blijven werken (en een op de vijf zelfs zoveel mogelijk). 

Thuiswerken krijgt van de deelnemers een 7,1 als rapportcijfer, ‘werk-werken’ een 7,4.  Werknemers ervaren het verder als positief dat ze de afgelopen tijd meer aandacht hebben kunnen besteden aan hun gezin (26 procent) en dat ze meer zijn gaan sporten en bewegen (20 procent).

Studenten noemen als positief punt met name dat ze familie en vrienden meer zijn gaan waarderen (22 procent), nieuwe hobby’s hebben ontdekt (21 procent) en meer zijn gaan sporten.

Geen gemakkelijke periode

De uitkomsten geven een inkijkje in hoe het gaat met medewerkers en studenten, zegt een woordvoerder van de RUG in een reactie. ‘De uitkomsten bevestigen wat we ook intern horen, namelijk dat het voor medewerkers en studenten zeker geen gemakkelijke periode is.’

Op dit moment houdt de RUG zelf ook een enquête over het welzijn van medewerkers met als centrale vraag ‘Hoe is het om thuis te werken en wat heeft u nodig om uw werk te kunnen blijven doen?’ 

UPDATE: De reactie van de RUG is na publicatie van dit artikel toegevoegd

Verantwoording

Aan dit onderzoek hebben de volgende universiteits- en hogeschoolbladen meegedaan: U-Today (Universiteit Twente), Delta (TU Delft), Cursor (TU Eindhoven), DUB (Universiteit Utrecht), Ad Valvas (Vrije Universiteit Amsterdam), Punt. (Avans Hogeschool Brabant), HanzeMag (Hanzehogeschool Groningen) en Trajectum (Hogeschool Utrecht).

Vierhonderd medewerkers en studenten van de RUG hebben de vragenlijst ingevuld. De resultaten van de afzonderlijke instellingen zijn samengevoegd tot een landelijke benchmark van 1202 studenten en 871 medewerkers.

Het gaat hier om een peiling/indicatie, niet om een representatieve steekproef. 

Zomer

Foto Reyer Boxem

Zomer

Columnist Gerrit Breeuwsma schreef begin maart, vóór de lockdown, al over corona. Hij was anders bang dat hij met een handvol onbruikbare grappen zou blijven zitten. ‘Een goede voorspeller ben ik nooit geweest.’
Door Gerrit Breeuwsma
7 juli om 13:09 uur.
Laatst gewijzigd op 7 juli 2020
om 13:22 uur.
juli 7 at 13:09 PM.
Last modified on juli 7, 2020
at 13:22 PM.

Begin maart – de carnavalsdagen net achter de rug – schreef ik een grappig bedoelde column over corona en carnaval. Eigenlijk had ik ergens anders over willen schrijven, iets dat wel met de universiteit te maken had. Maar dat kon best wachten tot een volgende keer, terwijl corona over een week oud nieuws kon zijn, waarna ik met een handvol onbruikbare grappen zou blijven zitten.

Nee, een goede voorspeller ben ik nooit geweest. Corona bleef (de grappen werden ingehaald door de tijd) en had wel degelijk met de universiteit te maken, want twee weken later gingen de gebouwen sluiten en kregen wij een ophokplicht. Inmiddels zitten we in de vijfde coronamaand en wordt het hele universitaire leven gedomineerd door het virus en dat zal na de zomer ook nog het geval zijn.

Ondertussen kom ik al weken bijna niet van huis. Gelukkig heb ik een grote tuin en een huis dat ruim genoeg is om elkaar niet in de weg te hoeven zitten. Eigenlijk zou je in tijden als deze in een paleis moeten wonen, zodat je eindeloos door lange gangen kunt dwalen.

Je mag een huis pas een paleis noemen als je niet alle kamers ervan kent, schrijft Guiseppe Tomasi di Lampedusa in zijn befaamde roman De tijgerkat, een boek dat ik eindelijk eens ben gaan lezen. De roman speelt zich af op Sicilië, dat met de inval van Garibaldi in 1860 op het punt staat ingelijfd te worden in de Italiaanse eenheidsstaat.

Een chaotische tijd. ‘Als we willen dat alles blijft zoals het is, moeten we alles veranderen’, zegt de hoofdpersoon van het boek ergens en ineens leek 1860 erg op 2020.

Ik las trouwens overal parallellen met de coronacrisis en voor wie wil, liggen de romans met een epidemische crisis als thema voor het oprapen. Kennelijk willen mensen daar graag over lezen, want De pest van Albert Camus werd in herdruk weer een bestseller.

Ik las overal parallellen met de coronacrisis

De komende jaren kunnen we ongetwijfeld een stortvloed aan romans, netflixseries en films over de coronacrisis verwachten. Once upon a time in my house van Quentin Quarantino, waarin acht huisgenoten dicht op elkaars lip zitten en zeven van hen op raadselachtige wijze om het leven komen.

De film eindigt met een lang shot van een jongetje dat na een hevige hoestbui een melancholiek deuntje op een mondharmonica speelt, waarna de kijker zich plotseling realiseert dat alle huisgenoten een keer op die mondharmonica hebben gespeeld. The end.

Op zoek naar het werk van Camus, valt mijn oog op een kleine roman van de Algerijnse – Franstalige – schrijver Tahar Djaout. Ooit gekocht om de intrigerende titel, De laatste zomer van de rede, maar vervolgens vergeten. De roman gaat over een boekhandelaar die het steeds moeilijker krijgt als zijn land in de greep raakt van de macht van een groep fundamentalisten.

Die stellen paal en perk aan het sociale leven, vallen vrouwen lastig, maken het uitgaansleven en de stranden onveilig. Ze maken ook het culturele leven onmogelijk, verbieden musea, vernietigen kunst en dwingen steeds meer boekhandels om te sluiten.

Dat laatste raakt niet alleen de inkomsten van de boekhandelaar, maar ook de geschiedenis en beschaving. Als dragers van de rede belichamen zijn boeken – klassieke romans en filosofie – voor hem alles wat waardevol is.

De roman is postuum uitgegeven, zes jaar nadat Djaout door de fundamentalisten van zijn land op gruwelijke wijze in zijn eigen huis werd vermoord. Virussen hebben in hun onverbiddelijkheid ook wel iets fundamentalistisch, maar misschien vindt u dat wat gezocht.

Hoe dan ook, ik ga proberen het virus op afstand te houden en zal de zomer vast wel overleven.

Hopelijk overleeft de rede het ook.

Verveelvakantie

Foto Reyer Boxem

Verveelvakantie

Student-columnist Bente van Leeuwen zou op reis, maar corona gooit roet in het eten. Wat nu te doen, deze zomerweken? Zij gaat luisteren naar een lanterfantend en verveeld brein.
Door Bente van Leeuwen
6 juli om 9:23 uur.
Laatst gewijzigd op 6 juli 2020
om 9:23 uur.
juli 6 at 9:23 AM.
Last modified on juli 6, 2020
at 9:23 AM.

De wekker gaat. Het is die ene klotewekker die je zet als je er echt uit moet, zonder snoozen. Je begint na te denken over smoesjes en hoe erg het is als je je weer omdraait in bed en niet op komt dagen. Hoe erg is dat nou écht, die ene keer?

Op zo’n moment fantaseer ik over tijd. Hoe tof het zou zijn als die gewoon even stil kon staan. Alles staat stil, behalve jij. Of jij en ik. We slapen nog een beetje door en denken een beetje na. Niks groots, niets belangrijks. En pas als mijn voeten de vloer naast mijn bed raken, tikt de tijd weer door.

Hoe dichter je bij de aarde staat, hoe langzamer de tijd gaat. Dat leert Albert Einsteins relativiteitstheorie ons. Op een berg word je sneller oud dan in een dal. Op de begane grond blijf je jonger dan op driehoog. Dus droom ik soms over een huis onder de grond, met op het laagste punt mijn bed. Voor een lange nacht.

Maar in de praktijk zijn die hoogteverschillen te klein om een motivatie tot graven te vinden. De tijd tikt door en als de wekker gaat, moet je je bed uit. Behalve in de vakantie. 

Ik verwacht niet dat het leuk wordt, dat hoeft ook niet

Dit is mijn laatste column voor de zomervakantie en ik wil graag mijn plannen met jullie delen: ik ga op verveelvakantie. Ik zou een maand naar Argentinië, maar dat gaat niet door.

In plaats daarvan doe ik alsof de tijd stilstaat. Ik zet geen enkele wekker en ik maak zo min mogelijk plannen. Ik ga mediteren, ook al heb ik daar geen zin in. Boeken lees ik juist als ik er wel zin in heb.

Het is niet spetterend of spannend, maar wel broodnodig. We vervelen ons te weinig tegenwoordig. Of moet ik lanterfanten zeggen, dat is ook een mooi woord. We vinden het onwennig om niets te doen.

Als we op de bus wachten, pakken we snel onze telefoon erbij. Het is ongemakkelijk om stil te zitten. Maar de beste ideeën komen uit een rustig hoofd. Een verveeld brein. Een lanterfantend brein.

Uitslapen, beetje sporten, koken, eten, denken en niet-denken. Telefoon uit, pyjama aan. Kijken wie ik ben als ik me verveel. Ik verwacht niet dat het leuk wordt, dat hoeft ook niet. Al sta ik er wel voor open. Want alles mag.

Zijn jouw vakantieplannen ook niet doorgegaan en zoek je nog naar een invulling? Boek nu je verveelvakantie op verveelvakantie.nl. (Je zal daar niks vinden.)

Vacature alleen openstellen voor vrouwen gaat te ver

Vacature alleen openstellen voor vrouwen gaat te ver

In de rubriek ‘Intussen elders’ verzamelen we (opmerkelijk) nieuws van andere universiteiten. Deze keer onder meer: TU Eindhoven gaat te ver met voorkeursbehandeling voor vrouwen.
Samengesteld door Rob Siebelink
3 juli om 12:50 uur.
Laatst gewijzigd op 3 juli 2020
om 12:52 uur.
juli 3 at 12:50 PM.
Last modified on juli 3, 2020
at 12:52 PM.

Vacature alleen openstellen voor vrouwen gaat te ver

De Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) mag vacatures het eerste half jaar niet open stellen voor alleen vrouwen. Dat is discriminerend, oordeelt het College voor de Rechten van de Mens.

De Brabantse universiteit maakte vorig jaar bekend dat zij voor wetenschappelijke vacatures in eerste aanleg alleen op zoek gaat naar vrouwen. Pas als er geen geschikte kandidaat wordt gevonden, kunnen ook mannen solliciteren. Aanleiding is het lage aantal vrouwelijke wetenschappers aan de TU/e (zo is bijvoorbeeld slechts 14 procent van de hoogleraren vrouw).

Maar de maatregel gaat het College te ver en het stelt dat die in strijd is met de Nederlandse wetgeving (gelijke behandeling). De universiteit heeft onvoldoende geprobeerd om andere, minder absolute, maatregelen te nemen.

Het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens is overigens niet bindend. De universiteit gaat de uitspraak nu eerst bestuderen.

Noodfonds in Utrecht vanwege corona

De Universiteit Utrecht stelt een noodfonds in om contracten van promovendi en postdocs die vanwege de coronacrisis in de problemen zijn gekomen te verlengen. Het universiteitsbestuur schat dat hiermee 3 tot 6 miljoen euro gemoeid is, meldt het universiteitsblad DUB.

Door de lockdown vanwege de coronacrisis hebben promovendi en postdocs een achterstand in hun onderzoeken opgelopen. Met name voor jonge onderzoekers van wie het contract bijna afloopt, is dit een probleem. Het universiteitsbestuur wil niet wachten op een compensatie van het Rijk en heeft daarom een Covidfonds opgericht. 

Vorige week werd bekend dat ook de Universiteit Maastricht een speciaal coronafonds in het leven roept. Het voornaamste doel is de hoge werkdruk te verlichten.

Medezeggenschap stond aan het begin van de crisis buitenspel

Wie of wat is het crisisteam?

Medezeggenschap stond aan begin van crisis buitenspel

De medezeggenschap op de RUG heeft de eerste weken van de coronacrisis buitenspel gestaan. Dat kon niet anders, zei cvb-voorzitter Jouke de Vries donderdag in de universiteitsraad. ‘We moesten snel handelen.’
2 juli om 13:38 uur.
Laatst gewijzigd op 7 juli 2020
om 9:23 uur.
juli 2 at 13:38 PM.
Last modified on juli 7, 2020
at 9:23 AM.


Rob Siebelink

Door Rob Siebelink

2 juli om 13:38 uur.
Laatst gewijzigd op 7 juli 2020
om 9:23 uur.
Rob Siebelink

By Rob Siebelink

juli 2 at 13:38 PM.
Last modified on juli 7, 2020
at 9:23 AM.
Rob Siebelink

Rob Siebelink

Hoofdredacteur
Volledig bio
Editor-in-chief
Full bio

Op het moment dat het coronavirus ook in Nederland uitbrak, moest het cvb snel een serie maatregelen nemen om ‘op verantwoorde wijze onderwijs te kunnen blijven geven’, aldus het RUG-bestuur.

Dat leidde ertoe dat er vanaf medio maart geen fysiek onderwijs meer werd gegeven, bijna al het onderzoek werd opgeschort en de RUG in lockdown ging. Dat gebeurde allemaal zonder dat de universiteitsraad of andere vormen van medezeggenschap daarin werden gekend, zo luidde de kritiek uit de universiteitsraad.

De RUG had geen keus, legde cvb-voorzitter Jouke de Vries uit. De universiteit moest snel handelen en was daartoe ook genoodzaakt op grond van de maatregelen van het kabinet en de Veiligheidsregio Groningen.

Enorme opgave

De universiteit stond op dat moment voor een enorme opgave om onderwijs en veiligheid te blijven garanderen, aldus De Vries. ‘We moesten snel handelen, anders hadden we andere problemen gehad. Dat daarbij de medezeggenschap is opgeschort… misschien de eerste weken wel.’

De universiteitsraad had zich eerder kritisch uitgelaten over de in zijn ogen weinig democratische en transparante werkwijze. ‘Wie beslist er eigenlijk over ons?’ vroeg Antoon de Baets van de Personeelsfractie zich af.

Want opeens was er op de RUG het Centrale Crisisteam (CCT) waarvan niemand het bestaan noch de samenstelling kent, zei De Baets. Toch besliste dat team over tal van cruciale zaken, waarbij de medezeggenschap wel erg gemakkelijk aan de kant werd gezet.

9/11

Het CCT is echter niet nieuw, aldus cvb-voorzitter De Vries. Dat bestaat al sinds de terroristische aanslagen in de VS in september 2001, op aandringen indertijd van het ministerie van Onderwijs. Zo’n team leidt een slapend bestaan en wordt geactiveerd als dat nodig is.

‘Je hebt iets nodig als je in een acute crisis snel moet reageren’, zei De Vries. Dat was volgens hem het geval bij de uitbraak van corona in Nederland. De bewegingsruimte van de RUG was bovendien beperkt, omdat die ook werd en wordt bepaald door de Veiligheidsregio en de Groningse burgemeester Koen Schuiling. De situatie is later wel weer zoveel mogelijk genormaliseerd, benadrukte hij. 

Chinese ambassadeur

Het cvb legde een dertig kantjes tellend verslag voor aan de u-raad over hoe het crisisteam en het cvb de afgelopen maanden tijdens de coronacrisis hebben geopereerd.

Opmerkelijk detail daarin is de melding van het bezoek eind februari aan de RUG door de Chinese ambassadeur in Nederland, Xu Hong. De ambassadeur, zelf afkomstig uit Wuhan (de stad waar corona voor het eerst uitbrak) heeft toen aangeboden gegevens over het virus en de verspreiding ervan uit te wisselen met het UMCG.

Het CCT heeft vervolgens contact gelegd tussen de afdeling infectieziekten van het ziekenhuis en microbioloog Alex Friedrich, en ziekenhuizen in Wuhan. 

RUG verhoogt bijdrage aanschaf nieuwe laptop

RUG verhoogt bijdrage aanschaf nieuwe laptop

Het college van bestuur wil thuiswerkers tegemoetkomen door een hoger bedrag te vergoeden voor de aanschaf van een laptop en bekijkt ook andere manieren om docenten (financieel) te ondersteunen. Want dat online onderwijs blijft voorlopig nog wel even.
Door Giulia Fabrizi en Rob Siebelink
1 juli om 12:03 uur.
Laatst gewijzigd op 1 juli 2020
om 12:22 uur.
juli 1 at 12:03 PM.
Last modified on juli 1, 2020
at 12:22 PM.

Laatste gesprek voor de zomerstop

Dit is het laatste UKrant-vraaggesprek voor de zomerstop van de RUG met het college van bestuur (rector Cisca Wijmenga, collegevoorzitter Jouke de Vries en bestuurslid Hans Biemans) over de coronacrisis en de gevolgen daarvan voor de universiteit.

Eerder kwam de vraag ter sprake hoe het zit met het verminderen van het collegegeld voor (internationale) studenten die instellingsgeld betalen en door de coronamaatregelen uitlopen. Zijn daar al nieuwe inzichten ontstaan?

Hans Biemans: ‘We zijn eruit en voor non-EU-studenten in hun masterfase volgen wij wat minister Van Engelshoven zegt. Dat betekent dat masterstudenten die zich opnieuw moeten inschrijven en voor 1 februari 2021 hun diploma halen, drie maanden collegegeld terugkrijgen.’

Is dat drie maanden wettelijk collegegeld?

Hans Biemans: ‘Nee, dat is inclusief het bovenwettelijke tarief. Dus drie maanden van het instellingscollegegeld dat zij normaal gesproken betalen.’

Waarom geldt dat alleen voor non-EU-studenten die instellingscollegegeld betalen?

Hans Biemans: ‘Het geldt enkel voor de non-EU studenten. De EU studenten kunnen de mogelijkheden benutten die DUO biedt, de non-EU studenten hebben deze mogelijkheid niet.’

Jullie vertelden eerder dat er wordt gewerkt aan een plan om mensen ook thuis naar arbonormen te laten werken.

Hans Biemans: ‘We hebben vorige week het besluit genomen om de laptopregeling uit te breiden. Verder zijn we nog aan het definiëren wat medewerkers nodig hebben en wat we kunnen bieden. Als we naar een hybride vorm van onderwijs willen, dan moeten we er ook voor zorgen dat iedereen kan deelnemen. Dat het interactief genoeg is voor degenen die online meedoen en dat de techniek het overal toelaat om de online colleges te organiseren.

Dat heeft een technisch aspect, omdat je de juiste apparatuur nodig hebt, en een menselijk aspect, omdat docenten en ondersteunend personeel moeten weten hoe het werkt. Daar zijn we nu ook mee aan de slag, omdat ons idee is dat we docenten ook ondersteunen door ze de juiste faciliteiten te bieden om online onderwijs te organiseren.’

Hoe is de laptopregeling uitgebreid?

Hans Biemans: ‘Je kunt zelf een laptop aanschaffen en die tot een bepaald bedrag vergoed krijgen. Die regeling bestond al, maar die breiden we nu met terugwerkende kracht uit. We hebben de vergoeding verhoogd, waardoor je ook meer geld in een nieuwe laptop kunt investeren. Dat geeft hopelijk ook meer gebruiksgemak voor het thuiswerken.’

Het kabinet heeft vorige week woensdag vergaande versoepelingen aangekondigd. Voor de universiteit betekent dat bijvoorbeeld dat studenten ook buiten de spits naar college mogen reizen. Wat verandert dit aan het onderwijsplan voor studenten?

Cisca Wijmenga: ‘Wij gaan natuurlijk niet over het onderwijs op de faculteiten. Wij hadden hier in Groningen ook een minder groot probleem met ov dan op andere plekken in het land, omdat veel van onze studenten fietsen. Desondanks denk ik dat de grootste beperking in de gebouwen zit en hoe je die mag gebruiken. Dat bepaalt hoeveel mensen je tegelijkertijd in een gebouw kwijt kunt. Daar is voorlopig niets aan veranderd, want de anderhalve meter moeten we nog steeds aanhouden.

Ons standpunt is bovendien nog steeds dat iedereen het onderwijs moet kunnen volgen. Daarom zullen we het nog steeds ook online aanbieden. Maar het is ook zo dat we meer naar een hybride model toe willen. We merken wel dat daar wat onrust over is, dus het is wel belangrijk om te zeggen dat we ermee bedoelen dat een college tegelijkertijd zowel fysiek als online kan worden gevolgd. We willen niet dat docenten meerdere keren hetzelfde college moeten geven.’

Jouke de Vries: ‘Als je online voor elkaar hebt, dan is het volgens mij niet moeilijk om de combinatie met fysiek onderwijs te maken. Stel dat er onverhoopt een tweede golf komt en we krijgen een nieuwe lockdown, dan moet je online lesgeven wel voor elkaar hebben en wat dan fysiek kan, is mooi meegenomen.’

Zijn grote groepen studenten samen in een fysieke ruimte straks überhaupt weer mogelijk?

Cisca Wijmenga: ‘Dat denk ik niet. Ik weet niet uit mijn hoofd hoe groot alle zalen zijn, maar we moeten de anderhalve meter afstand houden. Grote hoorcolleges zullen daardoor nog steeds niet doorgaan. De vraag is ook een beetje of je dit niet veel beter online kunt doen. Op een activerende manier een hoorcollege online volgen, zodat je daarna naar werkcollege kunt om te bespreken en te verdiepen. De meerwaarde van mensen bij elkaar zetten moet belangrijker worden.’

De rectoren van de universiteiten van Maastricht en Leiden maakten zich vorige week boos over onderwijsminister Van Engelshoven. Zij slaat volgens hen steevast de plank mis met haar uitspraken en begrijpt niet hoe de universiteiten werken. Snappen jullie de boosheid van de collega’s?

Cisca Wijmenga: ‘Ik snap wel waar die opmerkingen vandaan komen en het is niet dat ik er totaal een andere mening op nahoud. Ik denk dat je over het algemeen wel kunt zeggen dat andere ministers meer opkomen voor hun achterban dan de minister van onderwijs.’

Jouke de Vries: ‘Wij zeggen natuurlijk ook dat het niet handig is om ’s avonds en in het weekend door te werken. Maar ik vind het te makkelijk om via Twitter te reageren op de uitspraken van de minister. Meestal heeft ze het niet zo gezegd en moeten veel bestuurders zich de volgende dag weer verontschuldigen voor hun opgewonden tweets.’

In Maastricht is recentelijk een coronafonds van 5 miljoen euro opgezet om de klappen van de crisis op te vangen. Denken jullie dat zoiets een goed idee is?

Hans Biemans: ‘Alle universiteiten zijn bezig met de ondersteuning van docenten. Maastricht noemt dat een coronafonds. Wij zijn er ook mee bezig, denk maar aan de ondersteuning die nodig is voor het technische gedeelte van online college geven, of de juiste apparatuur aanschaffen en de thuiswerkplekken verbeteren. Hoeveel geld we daar precies aan uitgeven, zou ik nog bij elkaar op moeten tellen.’

Maastricht wil dat geld nadrukkelijk gebruiken om de werkdruk te verlichten die door de coronacrisis alleen maar is toegenomen. Met andere woorden: meer mensen aannemen.

Hans Biemans: ‘We weten nog niet precies hoeveel inschrijvingen wij krijgen. Het is lastig om extra mensen aan te nemen terwijl je onzeker bent over hoeveel mensen je daadwerkelijk nodig zal hebben. En al neem je nu mensen aan om het personeel te ondersteunen, dan ben je er nog niet. Die mensen moeten eerst worden ingewerkt, wat de werkdruk van de collega’s juist verhoogt en waardoor het even duurt voor ze echt aan het werk zijn.’

Cisca Wijmenga: ‘Het is ook gevaarlijk om nu zomaar te zeggen dat we extra mensen in zullen zetten, want welke verwachting schep je dan? Daar moet je voorzichtig mee zijn. Misschien heeft een docent meer aan een extra student-assistent dan aan extra ondersteunend personeel. Dat wil je weten voor je dit soort uitspraken doet.’

Wereldburger

Foto Reyer Boxem

Wereldburger

De universiteit leert de student wel om een ‘global citizen’ te zijn, maar niet een goede ‘local citizen’, schrijft student-columnist Bauke van der Kooij. ‘Waar Groningen nuchter is, wil de universiteit meer, groter en beter.’
Door Bauke van der Kooij
1 juli om 8:43 uur.
Laatst gewijzigd op 1 juli 2020
om 8:43 uur.
juli 1 at 8:43 AM.
Last modified on juli 1, 2020
at 8:43 AM.

Drie jaar terug verhuisde ik vanuit mijn ouderlijk huis naar Groningen om hier te gaan studeren: lekker dicht bij huis, en de mensen zijn er veel nuchterder dan in de Randstad. Nu, bijna drie jaar later, had ik deze week de uitreikingsceremonie van het Honours College.

In de mail kregen alle studenten later een felicitatie toegestuurd van de rector: ‘Gefeliciteerd, je bent een global citizen!’ Of, zoals ze dat in het Nederlands zeggen: een wereldburger. Als ik denk aan een wereldburger, denk ik aan rijk belegd broodje met een meerdere sauzen en vlees van hoge kwaliteit.

Maar dat is een wereldburger niet. Een wereldburger is in staat grote maatschappelijke problemen op te lossen en interdisciplinair samen te werken vanuit diverse perspectieven. Een vrij loze term, dus.

Bovendien staat het zijn van een wereldburger haaks op de reden dat ik naar Groningen ben gekomen. Natuurlijk omarm ik diversiteit, maar wereldburgerschap is niet meer dan diversiteit in een academische bubbel.

Waar de universiteit haar blik op de wereld heeft, zou je bijna vergeten dat Groningen nog steeds behoort tot de armste steden van Nederland: de kloof tussen arm en rijk in Groningen is groot. De universiteit leert de student om een global citizen te zijn, terwijl er geen aandacht wordt besteed aan het zijn van een goede local citizen.

Waar Groningen nuchter is, wil de universiteit meer, groter en beter

Waar Groningen en het Noorden van Nederland nuchter zijn en een gezond verstand hebben, wil de universiteit meer, groter en beter. De universiteit gedraagt zich als een ruiter op een paard. Het paard, de studenten en docenten, moet van de ruiter eerst meedoen aan een paardenrace. Nauwelijks uitgerust wordt het paard meegesleept om ook nog even te gaan hordespringen.

Wie had verwacht dat de coronacrisis voor wat inkeer zorgde, heeft het fout. Nu wil de universiteit weer de beste online-universiteit van Europa worden: het uitgeputte paard mag ook nog even meedoen met het onderdeel dressuur. En dan, heel misschien, als het paard die wedstrijden wint, krijgt het een knapperige wortel.

Natuurlijk is ambitie goed, maar pas op wie hier de dupe van wordt. Het belonen van je prijswinnende paarden is goed, en terecht. Maar behandel al je paarden goed, ook de paarden die niet het snelste, het beste of het mooiste zijn: een moe, uitgeput paard wordt hooguit een frikandel. In ieder geval geen wereldburger.

Petitie tegen ‘biertjesboete’ Noorderplantsoen (+ video)

‘Pak de onruststokers aan’

Petitie tegen ‘biertjesboete’ Noorderplantsoen

Het verbod op een alcoholische versnapering in het Noorderplantsoen is onredelijk en heeft invloed op alle inwoners van Groningen, in plaats van de kleine groep onruststokers, stellen gemeenteraadspartij Student en Stad en de Groninger Studentenbond.
Door Rob Siebelink/ Video door Rianne Aalbers
27 juni om 14:16 uur.
Laatst gewijzigd op 29 juni 2020
om 11:29 uur.
juni 27 at 14:16 PM.
Last modified on juni 29, 2020
at 11:29 AM.

Daarom roepen ze in een petitie op om het nuttigen van een biertje, wijntje of andere alcoholische versnapering te blijven gedogen en de onruststokers aan te pakken in plaats van alle inwoners van Groningen.

Student en Stad en collega-raadspartij 100% Groningen willen bovendien een spoeddebat aanvragen over de kwestie, die ook onder studenten tot veel commotie en onbegrip heeft geleid.

Overlast

De gemeente wil het (al bestaande) alcoholverbod voor het eerst gaan handhaven omdat er te veel overlast zou zijn. Volgens de GSb en Student en Stad komt die overlast van een kleine groep van tien tot dertig mensen die het vergallen voor de rest.

Pak die groep dan aan en niet de 200.000 andere Groningers die plezier maken, stellen zij.

Bruisend

‘Het is belangrijk te laten zien hoeveel mensen hierdoor geraakt worden’, zegt Marten Duit, fractievoorzitter van Student en Stad. ‘Daarom roepen wij iedereen op die staat voor een bruisend Groningen om de petitie te onderteken. Dat geeft een duidelijk signaal en geeft ons de kracht om de burgemeester met een redelijkere oplossing voor de overlast te laten komen.’

‘Groningen is altijd een vrije stad geweest, dat moet zo blijven. Het intrekken van het gedoogbeleid op alcohol in het Noorderplantsoen past daar niet bij, en zeker niet in tijden waarin mensen eindelijk weer kunnen en mogen ontspannen’, zegt Jan Willem Leeuwma van de GSb.

Fraude: streep door 1200 toetsen in Maastricht

Fraude: streep door 1200 toetsen in Maastricht

In de rubriek ‘Intussen elders’ verzamelen we (opmerkelijk) nieuws van andere universiteiten. Deze keer onder meer: Universiteit Maastricht verklaart 1200 toetsen ongeldig na fraude.
Samengesteld door Rob Siebelink
27 juni om 11:11 uur.
Laatst gewijzigd op 27 juni 2020
om 11:23 uur.
juni 27 at 11:11 AM.
Last modified on juni 27, 2020
at 11:23 AM.

1200 toetsen ongeldig in Maastricht

De Universiteit Maastricht heeft de toetsen van zo’n 1200 studenten ongeldig verklaard. Het gaat om eerstejaars van de opleidingen Fiscal Economics, Economics & Business Economics en International Business.

Volgens de universiteit bespraken de studenten de vragen met elkaar. ‘We hebben ontdekt dat er zeker in een chatroom over is gesproken’, zegt een woordvoerder tegen de regionale omroep 1Limburg en de NOS. Ook studenten zelf waarschuwden de faculteit.

De maatregel zorgt voor veel onrust onder de studenten. Die zijn een petitie begonnen. ‘Wij hebben dit jaar amper écht onderwijs gehad’, zegt een student, ‘Eerst werd de UM getroffen door een cyberhack en vervolgens kwam het coronavirus. Als klapstuk wordt het zwaarste examen van het jaar, dat al drie maanden werd uitgesteld, nu ongeldig verklaard.’

Eerder kwam aan het licht dat ook op de Universiteit Twente is gefraudeerd. Daar werden 280 examens van studenten van de opleiding Technical Computer Science ongeldig verklaard. Een student zou opgaven hebben gekocht op een website en die hebben verspreid.

Studenten zweten peentjes in Leids wooncomplex

In de kamers van studentencomplex De Zwarte Dozen in Leiden wordt het in de zomer gloeiend heet. Binnen blijven is voor veel studenten dan niet meer mogelijk, zeggen ze tegen Omroep West.

Verhuurder Duwo weet van het probleem, zeggen de bewoners, maar die doet niks. ‘Het is nu half drie en het is al 30 graden hier, maar van vijf tot zeven uur ’s avonds kan het wel oplopen tot 40. Vorig jaar is zelfs 47 graden gemeten in de zon’, zegt een van hen in een reportage van de omroep.

Het complex bestaat uit 504 woonunits. Het gaat om prefabwoningen die als blokken op elkaar zijn gestapeld. In de winter houden ze veel warmte vast, maar in de zomer gebeurt dat ook. 

Minder studentenwoningen in Rotterdam

De gemeente Rotterdam wil de kamerverhuur in enkele wijken aan banden leggen. Studenten zorgen daar voor te veel overlast, vindt de gemeente. ‘Hiermee geven we een signaal dat we de leefbaarheid in de wijk willen verbeteren en overlast tegen willen gaan’, zegt de verantwoordelijke wethouder Bas Kurvers (VVD).

Bewoners in Kralingen en Rotterdam-West beklagen zich al langer over de ‘verkamering’ in hun wijk. Eind vorig jaar voerde een aantal van hen actie. Ze protesteerden tegen de wildgroei van studentenkamers in panden die worden opgekocht door vastgoedondernemers, bericht Erasmus Magazine.

Video: Zo ziet de RUG eruit na de coronacrisis

Video: Pijlen, linten en wegwijzers

Zo ziet de RUG eruit na de coronacrisis

Sanitizers overal, pijlen op de vloeren en deuren, stickers met maximum aantal personen, verkeersbordjes met wie als eerste door een deur mag, roodwitte linten en kettingen. Zo ziet de RUG eruit als de uni haar deuren weer opent.
Video door Lidian Boelens
25 juni om 8:15 uur.
Laatst gewijzigd op 29 juni 2020
om 12:01 uur.
juni 25 at 8:15 AM.
Last modified on juni 29, 2020
at 12:01 PM.

‘Fysiek onderwijs blijft, maar kan beter’

RUG: Fysiek onderwijs blijft, maar kan beter

De discussie rond de online universiteit laaide vorige week hoog op. Maar het RUG-bestuur doelde nooit op het afschaffen van fysiek onderwijs. Het wilde al voor de coronacrisis naar een hybride vorm van onderwijs.
Door Giulia Fabrizi en Rob Siebelink
24 juni om 10:53 uur.
Laatst gewijzigd op 25 juni 2020
om 8:30 uur.
juni 24 at 10:53 AM.
Last modified on juni 25, 2020
at 8:30 AM.

Vragen voor het RUG-bestuur?

Rector Cisca Wijmenga, collegevoorzitter Jouke de Vries en bestuurslid Hans Biemans beantwoorden tijdens de coronacrisis vragen van de academische gemeenschap.

Heb je een vraag voor het college van bestuur? Mail die naar uk@rug.nl

Het omarmen van online onderwijs door jullie maakte de laatste weken nogal wat emoties los. Studentenpartij Lijst Calimero die zegt dat de universiteit geen YouTube-kanaal is, Casper Albers stelde in zijn column in UKrant dat online onderwijs het einde van de universiteit betekent. Gerrit Breeuwsma schreef in zijn column dat het cvb zich het vuur uit de sloffen moet lopen om fysiek onderwijs mogelijk te maken.

Jouke de Vries: ‘Hoeveel fysiek onderwijs mogelijk is, blijft ervan afhankelijk of de coronabesmettingen toenemen. Maar wat we eigenlijk hebben bedoeld, is dat de digitale revolutie die door corona op gang is gekomen ook zorgt voor ontwikkelingen die we in onze normale praktijk mee kunnen nemen. Ontwikkelingen die we in willen zetten om ons als universiteit te verbreden.’

Cisca Wijmenga: ‘Ik kan me ook niet anders herinneren dan dat we altijd hebben uitgedragen dat we een hybride model voorstaan. De lijn is om het beste van de twee werelden bij elkaar te brengen.

Daarbij moet het fysieke onderwijs ook een kwaliteitsslag maken. Hoorcolleges waar een docent alleen maar informatie zendt, zijn toe aan verandering. Bijvoorbeeld door de voorbereiding thuis op een digitale manier te doen en fysiek veel meer te concentreren op communityvorming en elkaar inspireren.’

Het idee om de fysieke colleges te verbeteren, al dan niet met behulp van digitalisering, was ook al onderwerp van gesprek voor de coronacrisis uitbrak.

Cisca Wijmenga: ‘Ja, dat klopt. Dat je digitalisering invoert, betekent niet dat je een universiteit wordt die alleen maar online lesgeeft. De ontwikkelingen van de afgelopen maanden kunnen we wel inzetten. Het is een middel dat helpt om zaken anders in te richten. Daar dachten we voor de coronacrisis al over na, maar dit versnelt het proces.’

Hans Biemans: ‘Het is duidelijk dat corona deze discussie verscherpt. Wat ik vooral hoop is dat de discussie mensen activeert die er ideeën bij hebben. Mensen die inzichten hebben over hoe het fysieke onderwijs beter kan, of juist het online onderwijs. Columns zijn een mooie manier om de eerste gedachtes te delen, maar ik hoop vooral dat het meer mensen aanzet om te delen wat zij zien. Daar kunnen wij namelijk van leren.’

Het ISO stelde vorige week dat er door de coronacrisis 54.000 studenten meer zijn met een studieachterstand dan andere jaren. Onderwijsminister Ingrid van Engelshoven zei daarop dat universiteiten – om die achterstanden in te lopen – de komende tijd in de avonduren en in de weekends colleges moeten geven…

Jouke de Vries: ‘Dat de minister dit zou hebben gezegd is gebaseerd op een artikel van ScienceGuide. Achteraf bleek de minister het niet zo gezegd te hebben. Het was dus meer ophef dan dat er inhoudelijk iets aan de hand was. Ik denk dat de minister bedoelde: er moet wat gebeuren om de achterstanden in te halen en als dat wellicht ook een avond- of weekendsituatie betekent, dan laat ik dat aan de universiteiten.’

En wat doet de RUG dan?

Jouke de Vries: ‘De werkdruk is al zo hoog dat we dat liever niet zien. Maar als het nodig is en mensen willen dat op vrijwillige basis doen, dan zou dat kunnen. Maar het betekent nogal wat, want het gaat niet alleen over een paar onderzoekers of docenten. Het betekent ook dat ondersteunend personeel aanwezig moet zijn. Dat lijkt ons niet verstandig, want de mensen hebben de afgelopen tijd al heel hard gewerkt.’

Cisca Wijmenga: ‘We moeten nu niet het signaal afgeven dat er nog meer van mensen verwacht wordt. Er moet bovendien ook nog veel worden geregeld voor het nieuwe jaar in september begint, ook dat vraagt nog veel van iedereen. Ik vind niet dat we nu uit moeten stralen dat mensen nog meer zouden moeten doen dan ze al te doen hebben.’

Het blijft nog onzeker hoeveel studenten de RUG volgend studiejaar daadwerkelijk kan verwelkomen. De Universiteit Maastricht heeft bedacht om alle studenten, eerstejaars maar ook ouderejaars, een enquête te sturen met de centrale vraag: Kom jij fysiek naar de uni, of blijf je thuis? 

Hans Biemans: ‘Ja, dat zouden we wel kunnen doen, maar veel studenten weten het op dit moment zelf nog niet. Het is een relevante vraag, maar voor bijvoorbeeld internationale studenten is er nog veel onzeker als het gaat om reizen.’

Cisca Wijmenga: ‘Bovendien moet je voor de ouderejaars studenten die nu niet terugkomen naar Groningen alsnog onderwijs aanbieden. We hebben immers gegarandeerd dat er hoe dan ook online onderwijs zal zijn. Het is wellicht interessant om te weten hoeveel mensen je fysiek kunt verwachten, maar het online deel houd je hoe dan ook. Voor docenten is het daarom beter om vooral te zorgen dat ze een goed online college voorbereiden.’