Artseneed in het Fries: 'Dat ûnthjit ik’

Donderdagmiddag legde Marije Benedictus haar artseneed af in het Fries. Een primeur voor de geneeskundeopleiding, maar niet voor de RUG als geheel: onder meer haar eigen zus, die tandheelkunde studeerde, ging haar voor.
Door Traci White

Benedictus studeerde aan de RUG en liep coschappen bij het Antonius Ziekenhuis in Sneek. Via haar opleiding heeft ze het hele Noorden gezien, maar Fries blijft haar moedertaal. Zij vindt het dan ook belangrijk om de artseneed af te leggen in het Fries, gewoon omdat het kan.

‘Binnen Nederland is Fries een tweede rijkstaal, dus heb je het recht om een eed of belofte te doen in het Fries’, zegt ze. ‘En als je rechten hebt, vind ik dat je ze moet gebruiken.’

‘Er staan bepaalde dingen in zo’n belofte’, vertelt ze. ‘Dat je goed voor je patiënten zal zorgen, dat je belooft je kennis op peil te houden en te delen, en ook de geheimhoudingsplicht wordt genoemd. Dat zijn allemaal best belangrijke dingen. En als je zo’n belofte in je moedertaal doet, is het – denk ik – oprechter en eerlijker tegenover je patiënten.’

‘Dat ûnthjit ik’

Het lijkt erop dat ze de eerste geneeskundestudent aan de RUG is die bij haar afstuderen ‘dat ûnthjit ik’ gaat zeggen, in plaats van ‘dat beloof ik’. Maar bij andere studies hebben die drie Friese woorden al eens eerder geklonken. ‘Mijn zus heeft tandheelkunde gestudeerd aan de RUG en daar leg je aan het einde van je studie ook zo’n eed af. Zij heeft dat ook in het Fries gedaan.’

Benedictus was er destijds bij, maar die eed van haar zus was ze blijkbaar even vergeten. ‘Toen ik vertelde dat ik van plan was om mijn eed in het Fries te doen, zei ze: “Ja, dat kan, want dat heb ik ook gedaan!”’

Benedictus legde donderdagmiddag samen met zeven anderen de artseneed af in de Senaatskamer in het Academiegebouw. In totaal spraken veertig afgestudeerden van geneeskunde hun belofte uit.

English

26 January 2017 | 31-1-2017, 15:21