Voorbij

Student-columnist Alex Steenbreker moppert nog één keer, want dit is haar laatste column voor UKrant.  Haar studie zit erop, ze slaat haar vleugels uit en ze verlaat Groningen.
Door Alex Steenbreker

Ik heb een talent voor klagen en chagrijnen. Dat talent heb ik de laatste jaren hier in Groningen verder ontwikkeld. Mijn columns waren daar een onderdeel van. Als ik me namelijk weer eens ergens druk over maakte, reageerde er meestal wel iemand met: ‘Ik voel een column aankomen!’

In mijn beleving is het meestal volledig gerechtvaardigd als ik mijn moppertalent aanwend, maar anderen zouden er wel eens moe van kunnen worden. Wie mijn geklaag wil ontwijken, moet niet samen met mij door de regen fietsen. Ik ben in staat tot een expressief monoloog van een half uur over dit milde ongemak. Wees gewaarschuwd.

‘Ach’, zei een vriendin laatst tegen me, ‘We weten allemaal: Alex is nu eenmaal af en toe ergens chagrijnig over, maar dat gaat altijd ook wel weer voorbij.’ Gelukkig maar, dacht ik, want op een enkele regenbui na doe ik echt mijn best om het binnen de perken te houden.

Nu wordt er wel eens gezegd dat de verhouding tussen positief en negatief commentaar minstens drie op één moet zijn. In mijn columns is die ratio alleen wel flink aan de verkeerde kant doorgeslagen. Ik heb me opgewonden over allerlei uitspraken van docenten, over het Systeem en de Politiek, terwijl ik soms weinig goeds te zeggen had.

Ik ben nu namelijk bijna bioloog, al weet ik nog steeds bar weinig over beesten en plantjes

Het was gelukkig niet alleen maar ellende. Enige vrolijkheid bewaarde ik nog wel eens voor een vakevaluatie. Dan zijn die dingen tenminste niet volledig nutteloos. Oh, daar ga ik weer…

Dit is mijn laatste column voor UKrant, omdat ik Groningen ga verlaten. Ik ben nu namelijk bijna bioloog, naar het schijnt, al weet ik nog steeds bar weinig over beesten en plantjes, en nog minder over andere levensvormen.

Ik ga de verhouding dus niet meer rechtzetten. Ik hoop dat ik niet de indruk heb gewekt dat de universiteit een vreselijke plek is, dat ik een gigantische zeurkous ben, of allebei. In het echt valt het mee. Ik zou zelfs willen zeggen dat ik hier een prima tijd heb gehad. ‘Nou, nou, wat mager, niet heel enthousiast, Alex,’ maar nee, echt waar.

Dus is het tijd om een awkward stilte in te lassen en er het laatste over te zeggen.

Ahum.

Bedankt, Stad en universiteit.

Bedankt, docenten en studentenbegeleiders.

Bedankt, studiegenoten en huisgenoten.

Bedankt, PubMed en Sci-Hub.

Bedankt, DUO en NS.

Bedankt, Zernike en UMCG.

Bedankt, regen waar ik door fietste en zon die van mijn studentenkamer een broeikas maakte.

Bedankt, trouwe lezers en sporadische lezers.

Bedankt, vreemde stad, nieuw thuis. Snel tot ziens.

22 October 2019 | 22-10-2019, 12:53